Linnaeus las tot 2013

beste reiziger weeffout in onze sterren matterhorn magnus bonita avenue mr. tourette en ik

Wat lazen de Linnaeusmedewerkers in het verleden?

Casper: De engelenmaker & Post voor mevrouw Bromley – Stefan Brijs
In onze Eindejaarsnieuwsbrief kondigde ik vorig jaar al aan dat ik Jaap Scholten achterna wilde reizen richting Transsylvanië. Dat is dit jaar gelukt. Behalve het bezoeken van vervallen kastelen van voormalige Transsylvaanse baronnen en graven heb ik op deze reis ook veel gelezen. Hieronder volgt een dubbelrecensie van twee boeken van Stefan Brijs die ik bij mij had.

De engelenmaker
Brijs Engelenmaker PB WT DEF rug 34,5:135 x 210 WTIk had dit boek tegelijk met Boven is het stil gekocht, beide moderne klassiekers die ik graag wilde lezen. Gerbrand Bakker had ik aan het begin van de zomer al uit, maar Stefan Brijs liet nog op zich wachten. Mijn vriendin vond het een goed boek en had het bovendien in één ruk uitgelezen, dus het leek me ideaal voor in het vliegtuig naar Roemenië. Het is typisch een boek dat je meteen pakt in het eerste hoofdstuk. Een zeer nieuwsgierig, ons-kent-ons dorp krijgt een nieuwe bewoner die meteen al bij zijn aankomst alle aandacht trekt; ik zat er meteen in. Bovendien schrijft Brijs heel fijn; gewoon, naturel taalgebruik, heel verhalend en niet zo veel dialoog. Vaak gebeurt iets abrupt en wordt het in het volgende hoofdstuk uitgelegd. Dat werkt verrassend goed. Jammer was wel dat ik het boek niet in één ruk kon lezen. Een stukje voor de reis, een stuk in het vliegtuig, een stuk in Curtea de Arges en een stuk in Transsylvanië. Ik was erg blij toen we in de buurt van Alba Iulia wat rust vonden in een fijn pension (ook door het druilerige weer) en ik het boek eindelijk uit kon lezen. Door dit fragmentarische lezen moest ik de grip waarin het boek me hield soms loslaten en dat was jammer. Toch een zeer leesbaar boek met een origineel verhaal. Ik kreeg meteen zin in nog een Stefan Brijs boek…

Post voor mevrouw Bromley
post%20voor%20mevrouw%20bromleyGelukkig hadden we nog een tweede Stefan Brijs meegenomen op reis, want De engelenmaker smaakte naar meer. Post voor mevrouw Bromley vond ik beter, hoewel dat misschien ook kwam doordat ik dit keer wel aan één stuk door kon lezen (ik had het in twee dagen uit. Het weer buiten was toch even niet zo boeiend). Maar ook omdat de personages in dit boek meer tot leven komen, me meer aanspreken. De hoofdpersoon in De engelenmaker is van het type gekke dokter (‘mad scientist’ klinkt misschien beter). Beslist intrigerend, maar zo iemand blijft toch meer op afstand. De hoofdpersoon in Bromley is jong, belezen en begint aan een studie Engels. Om persoonlijke redenen heb ik daar iets meer mee. De andere personages zijn ook goed uitgewerkt en doordat ze allemaal het begin en het verloop van de Eerste Wereldoorlog meemaken (wat natuurlijk een zeer interessante tijd is) leest het vlot. Eigenlijk weet je al zo’n beetje wat er gaat gebeuren. Mensen gaan in een oorlog meevechten en geheid gaan er een paar dood. Bekend verhaal. Maar ik zat toch steeds op het puntje van mijn stoel. De tweede helft, die aan het front speelt, pakte me zeer. Dusdanig, dat ik thuis meteen Een kleine geschiedenis van de grote oorlog van Koen Koch heb gekocht. Ik wil nog wel wat meer over deze oorlog lezen.
(december 2012)

Edith: Coupé N° 6 – Rosa Liksom
coupe no 6Dit is mijn geheimtip voor het najaar. Het boek ziet er prachtig uit, heeft een geweldige setting (een coupé van de Transsiberië Express) en heeft een – denk ik – heel geestige maker (de Finse Rosa Liksom), die publiciteit ‘paardenstront’ noemt. En nu ga ik u dus verblijden met een stukje paardenstront.
Het verhaal laat zich snel vertellen: een jonge Finse studente reist met de Transsiberië Express naar Ulaanbaatar om een bijzondere rotstekening te gaan bekijken. Ze moet de couchette delen met een Rus, net ontslagen uit de gevangenis en op weg naar een werkplaats in Ulaanbaatar.
De man drinkt wodka en verwacht dat het meisje met hem meedrinkt. Hij eet uien en zwart brood. Al snel is de spanning in de coupé om te snijden.
Wat dit boek zo bijzonder maakt is de stijl. Mijn Fins is niet zo goed, maar ik weet zeker dat vertaalster Annemarie Raas erin is geslaagd de bedoelingen van de auteur in het Nederlands over te brengen. Het boek komt wat traag op gang, met gedrentel op perrons en mensen die instappen, maar als de trein het station verlaat en op ‘stoom’ komt, versnellen de zinnen en neemt de taal het gestage treinritme aan, om weer te vertragen als het volgende station in zicht komt.
De landschappen die aan het treinraampje voorbijschieten zijn overweldigend, de thee die geserveerd wordt is zo sterk dat je je lepel erin rechtop kunt zetten, de geur van de rauwe uien zo dik dat je er plakjes van kunt snijden. En dan die man: dan weer grof en opdringerig, dan weer schuldbewust en bijna charmant.
Ik heb altijd gedroomd van een reis met de Transsiberië Express en na het lezen van Coupé N° 6 had ik het gevoel dat die droom in vervulling was gegaan. Al zal ik eerlijk toegeven dat ik blij was dat ik die reis heb gemaakt terwijl ik warm bij de kachel zat.
(december 2012)

Phaidra: Overstroomd – Eva Moraal (vanaf 14 jaar)
overstroomdStel je voor dat de wereld onder water staat. Het enige wat nog over is, zijn een paar half ondergelopen eilanden en een groter stuk ‘Vaste Land’.  In deze wereld speelt het verhaal van Max en Nina zich af, twee tieners, allebei uit twee compleet verschillende werelden, die van de Natten en van de Drogen. Nina, de dochter van de Gouverneur, woont in een van de ommuurde en waterbestendige woongebieden, waar de rijken zich nestelen in welbehagen. Max daarentegen komt uit  de wijk die het dichtst bij de dam staat, waar het water altijd aanwezig is en waar je nooit droge kleding hebt. Bij de laatste overstroming is Nina’s school ondergelopen en haar zusje verdronken. Ze gaat, onder een valse naam, naar een school in een arme buurt. Daar ontmoet ze Max en ook zijn broer Liam, die deel uitmaakt van een Natte verzetsgroep.
Moraal steekt het Romeo en Julia verhaal in een totaal nieuwe jasje. Dit keer geen onenigheid tussen twee families, maar onenigheid tussen twee opvattingen. De Droge Gouverneurs’ dochter en de Natte broer van de rebel ontmoeten elkaar aan het begin van een onontkoombare strijd. De directe en eigen manier van schrijven, maken dat het boek, los van de sterk ontworpen setting, origineel en boeiend blijft.
Een aanrader voor iedereen die wilt weten hoe ze over honderd jaar over ons denken.
(november 2012)

Edith: Dit boek zou in de tegenwoordige tijd geschreven moeten worden – Helle Helle
CON_HELLE_03.inddDe eerste keer dat ik de naam Helle Helle op een boekomslag zag staan, kwam ik niet verder dan een lichte frons. Wie noemt z’n kind nou Helle Helle, dacht ik en meer niet. Ik pakte het boek niet eens op. Het was blauw. Ik denk dat het de eerste druk van De veerboot is geweest. 2007. Daarna volgden Het idee van een ongecompliceerd leven met een man (2008) en Naar de honden (2009). Ik heb die boeken allemaal links laten liggen. De laatst verschenen Helle (Dit boek zou in de tegenwoordige tijd geschreven moeten worden, 2012) wekte omwille van de titel nog wel een lichte nieuwsgierigheid, maar daar was ook alles mee gezegd. WAAROM? vraag ik mij nu af. Hoe is het mogelijk dat ik zo’n groot schrijfster al die jaren genegeerd heb?

Er was een pocketuitgave van De veerboot (cadeautje van een lieve vriendin) en een ziekenhuisopname voor nodig om mij aan Helle Helle te krijgen. De reden was puur praktisch: ik was een ingewikkeld boek aan het lezen en dat leek me niks voor in een ziekenhuis en de pocket was licht en klein en dun. Maar nu ben ik dus wel fan. Deze zomer heb ik al haar boeken gelezen (met steeds een of twee andere boeken ertussendoor) en nu ben ik halverwege de laatste.
Wat maakt de boeken van Helle Helle zo bijzonder? Het is moeilijk er de vinger op te leggen. Ze schrijft in een gortdroge, rustige registrerende stijl, meestal vanuit de ik-persoon. Een klant aan wie ik Dit boek zou in de tegenwoordige tijd geschreven moeten worden aanraadde, zei na de eerste pagina’s: ‘Het gaat zo heerlijk over niets. Ogenschijnlijk dan.’
Misschien maar even een stukje citeren, ter illustratie:

‘Andere keren vonden ze op de kaart een bos en reden ernaartoe. Ze reden over smalle landweggetjes, door dorpjes met lange namen. Kim hield ervan routes uit te stippelen. Hij zocht die thuis uit en leerde ze op de een of andere manier uit zijn hoofd. Soms werd ze [Susanne, de vriendin van Kim] er moe van dat alles van tevoren gepland moest worden. Ze drong erop aan dat hij een andere weg nam. Ze vroeg hem bij willekeurige winkeltjes te stoppen en liep naar binnen om chocola en cola te kopen. In de winkel nam ze ruimschoots de tijd. Ze zag hem in de auto op het stuur zitten trommelen. Als ze verder reden, at ze alle chocola op, haast zonder hem iets aan te bieden. Ze werd slaperig en sloot haar ogen. Als hij dacht dat ze sliep, zocht hij snel de oorspronkelijke route weer op. Hij reed naar het van tevoren uitgezochte bos. Hij parkeerde de auto, maar dan was ze nukkig en ze had geen zin om uit te stappen. Ze had last van brandend maagzuur en wilde op de achterbank uitrusten.
“Slaap ze,” zei hij en hij begon te wandelen, maar toen ze hem aan het eind van het bospad niet meer kon zien, werd ze bang en rende achter hem aan.’
(uit: Het idee van een ongecompliceerd leven met een man)

Het zit hem in de details. Helle beschrijft staccato wat er zoal gegeten wordt, welke boodschappen er in het karretje belanden, hoe de hoofdpersoon zich aankleedt (daarin deed ze me in de verte denken aan Murakami, die zijn personages ook altijd veel spaghetti laat eten). Maar intussen zegt ze zo ongelofelijk veel en zet ze de sfeer zo precies neer dat je als lezer steeds het gevoel hebt dat je van een afstandje toekijkt. Zou je foto’s maken, dan zag je nog net een pluk haar of een hand van de lezer aan de rand van het beeld.

Ga gewoon Helle Helle lezen en maak kennis met deze fantastische schrijfster. U bent het waard. En misschien kunnen we er dan samen voor zorgen dat de Nederlandse uitgever Helles werk blijft uitgeven.
(oktober 2012)

Roxanne: Je moet dansen op mijn graf – Aidan Chambers (vanaf 14 jaar)
je moet dansenDeze week kies ik voor een boek dat ruim dertig jaar geleden verscheen, maar dat ik pas recentelijk ontdekt heb: Je moet dansen op mijn graf van Aidan Chambers. De vrienden Hal en Barry hebben een korte, maar intensieve relatie. Wanneer Barry aan Hal voorstelt elkaar te beloven op het graf van de ander te dansen na diens overlijden, stemt Hal daar mokkend mee in. Hij weet dan nog niet dat dit moment zich snel zal aandienen…
Wanneer Hal opgepakt wordt wegens grafschennis is zijn omgeving geschokt, te meer omdat Hal weigert erover te praten. Vanuit het perspectief van Hal en dat van de maatschappelijk werkster die een rapport over hem schrijft, wordt er langzaam meer duidelijk over het geheime pact dat de vrienden hebben gesloten.
Je moet dansen op mijn graf is een mooi en ontroerend verhaal dat ondanks zijn leeftijd niet aan kracht heeft ingeboet. Een echte must read onder de Young Adult-boeken!
(oktober 2012)

Opmaak 1Roxanne: Hoog boven de wolken – Carolien Ceton met illustraties van Martijn van der Linden (vanaf 9 jaar)
In Hoog boven de wolken woont Loos (een verbastering van Lotus) alleen met haar moeder. Dat valt haar soms zwaar, vooral omdat er weinig ruimte is om over haar vader te praten. Als haar vader wel ter sprake komt, krijgen zij en haar moeder namelijk geheid ruzie. Met haar oude, bakelieten telefoon, een cadeau van oma, belt ze bijna iedere dag met haar vader. Bij hem kan ze haar verhalen kwijt. Maar op het gevaar af ruzie te krijgen met haar moeder, houdt ze die gesprekken meestal wijselijk voor zich.

Het is de week voor Loos’ negende verjaardag. De acht hoofdstukken in Hoog boven de wolken beslaan ieder één dag van de week. Beginnend op zondag en eindigend op de zondag daarna, de dag na Loos’ verjaardag. Het is een week waarin Loos naar de kermis gaat met buurvrouw Willemijn en diens dochter Ise, een week waarin ze naar school gaat, speelt met haar beste vriendin Mari en samen met haar moeder nieuwe kleren gaat kopen voor haar verjaardag. Een week waarin ze iedere dag haar vader belt, behalve op haar verjaardag. Het lijkt een doorsnee week van een doodnormaal, achtjarig meisje.

Hoog boven de wolken is het kinderboekendebuut van Carolien Ceton. Dat er meer schuilgaat achter Loos weet Ceton op subtiele wijze naar voren te brengen. In korte, heldere zinnen schetst ze een beeld van een kind dat altijd op haar hoede is. De spanning die het samenleven met haar moeder met zich meebrengt, bereikt een voorlopig hoogtepunt wanneer Loos verzucht: ‘Waarom is alles altijd zo moeilijk [voor mama]?’ Dat Loos’ moeder, Agnes, het moeilijk heeft, zo veel is duidelijk. Maar waarom is dat? Gaat ze gebukt onder een depressie? Loopt ze tegen een burn-out aan? Zeker is wel dat Agnes niet veel kan hebben en dat Loos daarom op haar eigen wijze haar moeder probeert te ontzien. Ze heeft feilloos in de gaten op welke momenten het niet goed gaat met haar moeder en ze haar aandacht maar beter op iets anders kan richten.
Via flashbacks wordt duidelijk hoe Loos’ leven was toen haar vader en moeder nog samen waren. Het lijkt een haast idyllisch plaatje, omgeven door vrolijkheid en lachende gezichten. Of is dat alleen wat Loos de lezer probeert voor te houden? Waar of niet, de emoties van Loos knagen aan je. Het is wrang dat het kind zich in haar fantasiewereld beter thuis voelt dan in de echte wereld.

Hoog boven de wolken is een ontroerend verhaal met een verrassende ontknoping. Pas wanneer Loos’ verhaal zich naar het einde toe steeds duidelijker aftekent, blijkt wat Loos’ echte verhaal is en wat haar verzonnen verhaal is. De ambiguïteit die zich al die tijd in de titel van het boek verborgen hield dringt dan pas tot je door.
(augustus 2012)

Anja: Zwarte Sylvester – James Worthy
Het tweede boek van een auteur is altijd spannend, zeker als het eerste goed is ontvangen. Nu is er de tweede James Worthy: Zwarte Sylvester.
Wie van boeken als American psycho of De Gebroeders Sisters geniet en voor wie Natural born killers een romantische film is, kan het tweede boek van James Worthy zeker waarderen. De zeventien jaar oude Sylvester krijgt te horen dat hij een hersentumor heeft en nog maar veertig keer niezen te leven heeft. Wat wil je dan als tiener? Net zo onsterfelijk worden als je favoriete seriemoordenaars! Het aftellen en moorden kan beginnen…
Zwarte Sylvester is over the top maar ook heel ontroerend, en: het leest als een trein.
(juli 2012)

Casper: Licht in een donker huis – Jan Costin Wagner
licht in een donker huisHet is weer juni, de Maand van het Spannende boek. De tijd van het jaar om uit die berg thrillers dat ene boek op te diepen dat ook u kan doen huiveren. Want al leest u geen thrillers, iedere lezer moet toch elk jaar ten minste één spannend boek proberen (al was het maar om uw voorliefde voor romans nog eens te bevestigen).
Gelukkig zijn er de laatste tijd enkele nieuwe thrillers verschenen die u zeker eens zou kunnen proberen. De man zonder hond van Håkan Nesser, Jij van Zoran Drvenkar, Donker hart van Gillian Flynn, naast nieuwe boeken van Nicci French, Arnaldur Indridason en Philip Kerr. Ik zelf kies deze maand voor het nieuwe boek van Jan Costin Wagner, Licht in een donker huis. Wagner werkt stilletjes aan een van de beste series politieromans die ik ken. Licht in een donker huis is al weer het vierde boek over de Finse inspecteur Kimmo Joentaa. Ik weet niet of het de keuze van Finland als achtergrond is, maar ik vind Wagners boeken altijd geweldig qua sfeer. Het gaat er minder om wat er gebeurt (hoewel het wel spannend is!), meer om hoe het verteld wordt. Inspecteur Joentaa’s melancholieke mijmeringen worden afgewisseld met korte hoofdstukken waar je je in het hoofd van de dader én slachtoffers bevindt. Kalm ontvouwt het verhaal zich en met haast onmerkbare versnellingen trekt Wagner je het boek in. Opeens blijk je niet meer te kunnen stoppen. Knap is dat. Dus al leest u maar één spannend boek dit jaar, met Jan Costin Wagner zit u goed.
(juli 2012)

Roxanne: Pita en Svenne – De vader met de grote schoenen  – Moni Nilsson (vanaf 10 jaar)
pitaIn Pita en Svenne – De vader met de grote schoenen gunt Moni Nilsson de lezer een kijkje in het leven van de twaalfjarige Pita. Centraal staan Pita’s hechte vriendschap met buurjongen Svenne, de voor- en nadelen van het zijn van een scheidingskind en de opbloeiende liefde tussen haar en klasgenoot Lino. De weg naar volwassenheid is niet eenvoudig voor Pita, temeer omdat ook de volwassenen om haar heen nog steeds worstelen met zichzelf. Nilsson schetst op komisch wijze Pita’s gang naar volwassenheid en schuwt daarbij niet de misère van het menselijk bestaan.
(juni 2012)

Roxanne: Orang-oetans drijven niet – Stephan ter Borg
orang-oetansBij het lezen van Orang-oetans drijven niet, de debuutroman van Stephan ter Borg (1985), dringen zich direct associaties op met Ernest van der Kwasts bestseller Mama Tandoori. Niet alleen in onderwerp (een mannelijk hoofdpersonage dat in de ogen van zijn ouders niet slaagt in de maatschappij heeft een oudere, verstandelijk gehandicapte broer en ouders die ieder op hun eigen manier grip proberen te houden op hun leven), ook in stijl (tragikomisch) zijn de gelijkenissen treffend. Toch is Orang-oetans drijven niet meer dan een bundel vertellingen, het is een coming-of-age-roman die verhaalt over de tragiek van een individu. De antiheld van het verhaal heeft geen ambities of idealen – al ingelost door het feit dat hij de hele roman lang naamloos blijft. Opgroeiend in het duffe showbizzdorp Hilversum, almaar wisselend van baan en bed, is er maar één ding waar hij echt om geeft: zijn oudere broer Ernst. Wanneer zijn ouders Ernst, een beer van een vent en zwaar verstandelijk gehandicapt, na jaren liefdevolle verzorging uit huis plaatsen, weet de antiheld wat hem te doen staat: Ernst bevrijden uit het reservaat waarin ze hem gevangen houden.
Ter Borgs creatuur, de antiheld van het verhaal, weet pas waar hij voor moet strijden wanneer zijn dierbaarste bezit van hem wordt weggenomen. Dat het verhaal daardoor traag op gang komt en soms diepgang ontbeert, moet men maar voor lief nemen want Ter Borgs komisch talent compenseert dit manco ruimschoots. Hardop lachend – soms zelfs beschaamd; is het immers wel om te lachen? – laat dit boek zich het best lezen. De gebeurtenissen opvoeren tot een climax  en dan *boem, paukenslag!* komen met de uitsmijter, daarin is Ter Borg op zijn best. (Vooruit een voorbeeld uit het begin van de roman, waar bij mij het lachen al aanving: ‘Mijn vader […] was er niet bij toen Ernst geboren werd. Hij wilde het pas geloven toen oma hem huilend opbelde om hem te feliciteren. Hij had op dat moment al twee verloskundigen en een arts aan de lijn gehad, die hij allemaal voor leugenaars en fantasten had uitgemaakt. Van medici moest hij niets hebben.’)
(juni 2012)

Roxanne: Een weeffout in onze sterren – John Green
weeffoutJohn Green verdient een groter publiek. Althans dat vindt zijn Nederlandse uitgeverij Lemniscaat. Zijn nieuwste boek, Een weeffout in onze sterren, past volgens hen niet meer in het genre waarin Green groot is geworden: de Young Adult-roman. Dat is dan ook een van de redenen dat Lemniscaat in 2012 is gestart met een nieuw fonds: Lemniscaat Literair. Een fonds voor ‘de pareltjes van de volwassenliteratuur, geschreven door bekende auteurs én nieuw talent’. Maar is het wel terecht dat Green met Een weeffout in onze sterren met open armen in dat fonds is ontvangen?
De hoofdpersoon van de roman is de zestienjarige Hazel, kankerpatiënte. Drie jaar geleden is ze opgegeven door haar artsen, maar een nieuw medicijn rekt haar leven voor onbepaalde tijd. Omdat haar moeder denkt dat Hazel depressief is, ‘een van de bijwerkingen van kanker’, wordt Hazel naar een praatgroep gestuurd. Wekelijks vertellen zo’n zes a zeven jongeren – het aantal varieert, want hoe cru ook, af en toe ontvalt iemand de groep – onder leiding van Patrick (zelf een survivor) hoe het met ze gaat en in welk stadium van de ziekte ze zich bevinden. Hazel vindt het maar een deprimerende bedoening daar. Dit verandert wanneer op een dag praatgroepgenoot Isaac zijn vriend Augustus (Gus) meeneemt. Gus is ook een survivor, ten koste van een been. Vanaf het moment dat Hazel en Gus elkaar ontmoeten, is er geen ontsnappen aan. De aantrekkingskracht die in de lucht hangt, is haast onhoudbaar: ze moeten bij elkaar zijn. Toch is Hazel degene die lange tijd de boot afhoudt; ze ziet zichzelf namelijk als een wandelende granaat. Zo zegt ze: ‘Ik ben een granaat en er komt een moment dat ik ontplof en ik wil het aantal slachtoffers graag tot een minimum beperken.’ Het lot is echter onverbiddelijk. Wanneer Hazel en Gus via de Wensstichting, een van de zogenoemde ‘kankervoordelen’, de mogelijkheid krijgen om naar Amsterdam te gaan, ontmoeten ze daar Peter van Houten, de schrijver van hun lievelingsboek Een vorstelijke beproeving. Maar Amsterdam heeft nog meer voor ze in petto en hun relatie wordt onverwachts op scherp gezet.
John Green publiceerde eerder onder meer de succesvolle Young Adult-romans Het grote misschien en 19x Katherine. Met Een weeffout in onze sterren is Green boven zichzelf uitgestegen. Hazel en Gus, twee vroegwijze tieners, worden in al hun kwetsbaarheid neergezet. Green schuwt nergens Het Erge, maar weet tegelijkertijd te voorkomen dat het boek sentimenteel wordt. Hij weet zijn personages geloofwaardig te maken en het droevige te maskeren met een flinke portie (galgen)humor. Het verlangen van Gus om niet vergeten te worden, wordt door Green ingelost. De personages laten namelijk een onuitwisbare indruk achter.
Lemniscaat heeft gelijk: John Green verdient een groter publiek. Maar nu terug naar de eerder gestelde vraag: Is het terecht dat dit boek als volwassenliteratuur in de markt gezet wordt? Nee, is het simpele antwoord. John Green mag dan wel boven zichzelf uitgestegen zijn met het schrijven van dit boek, het genre is hij nog zeker niet ontstegen. Ook Een weeffout in onze sterren is een Young Adult-roman, maar wel een verdomd goede.
(maart 2012)

Roxanne: Leo@Emmi – Stormbestendig – Daniel Glattauer
leoEmmi en Leo zijn terug! Op Valentijnsdag verscheen Leo@Emmi – Stormbestendig. Dit is de opvolger van Emmi@Leo – Goed tegen noordenwind dat in 2008 in het Nederlands verscheen en daarna in theaterseizoen 2010-2011 succesvol op de planken werd gebracht met Waldemar Torenstra en Loes Haverkort in de hoofdrollen. In Leo@Emmi bewijst auteur Daniel Glattauer maar weer eens waar hij goed in is: de spanning opbouwen tot aan het zinderende einde.
Emmi Rothner en Leo Leike zijn per ongeluk met elkaar in e-mailcontact gekomen. Gevolg? Een meeslepende affaire. Digitaal. Dat wel. Draaide Emmi@Leo om de vraag of ze elkaar zouden ontmoeten in Leo@Emmi is die vraag niet langer meer aan de orde. Het gaat nu om de vraag wanneer ze elkaar zullen ontmoeten – en meer nog: welke verstrekkende gevolgen dit zal hebben. Het zit namelijk zo: na een jaar radiostilte (oh nee e-mailstilte!) pikken Emmi en Leo de draad weer op. Leo is terug uit Boston, de plek waar hij zich gedurende de stilte ophield. Zijn terugkomst lijkt een vrijbrief te zijn voor beiden om verder te gaan waar ze een jaar geleden gestopt waren.  De e-mails vliegen wederom als vanouds over en weer, oplopend tot wel vele tientallen e-mails per dag. Er is niets dat hen tegenhoudt. Of toch wel? Ze hebben namelijk allebei een relatie; Emmi is getrouwd en Leo staat op het punt te gaan samenwonen.
In deze onconventionele liefdesgeschiedenis spat de romantiek van het scherm af. Emmi en Leo zijn scherp, dagen elkaar uit en hebben het hart op de tong liggen. De ontroerendste stukken zijn die waarin Emmi en Leo een glaasje teveel op hebben. Dan leggen ze namelijk onomwonden hun diepste zielenroerselen op tafel (om dat de volgende dag te berouwen). Leo@Emmi lezen, dat is genieten. Het is leuk, spannend en vol humor.
(maart 2012)

Edith: Hemel en hel en Het verdriet van de engelen – Jón Kalman Stefánsson
hemelNog geen tien dagen geleden dacht ik nog dat ik de winter zonder al te veel kleerscheur (lees: valpartijen en slepende blessures) was doorgekomen, maar ineens waren daar de sneeuw en het ijs. Begrijp me goed: ik vind de kou heerlijk, maar aan gladheid heb ik een broertje dood en schuifel over straat als een bejaarde die zijn rollator is vergeten. Ik ben nog heel en hoop dat zo te houden, al zou ik er wel een verstuikte enkel voor over hebben om nu achter elkaar de boeken van Jón Kalman Stefánsson te kunnen lezen.
Laatst kreeg ik Het verdriet van de engelen, het tweede deel van de trilogie van Stefánsson en neurotisch als ik ben, ben ik toch maar snel in het eerste deel begonnen: Hemel en hel (ook al kun je de delen heel goed los lezen, echt!).
Het verhaal speelt zich af op IJsland en gaat over vriendschap, liefde en dood – altijd goed. (In het kort: Bardur en ‘de jongen’ gaan met hun maten de zee op om te vissen. Bardur heeft zo lang in Paradise Lost zitten lezen, dat hij vergeten is zijn anorak mee te nemen. Op zee worden ze overvallen door een storm en Bardur vriest dood. De jongen gaat proberen het noodlottige boek terug te bezorgen bij de man van wie Bardur het boek ooit leende.) De zinnen zijn prachtig, de levenswijsheden terloops maar zinnig en het natuurgeweld indrukwekkend. Als je misschien dacht dat we nu een strenge winter beleven: lees Hemel en hel en je hebt het gevoel of je wel zonder jas naar buiten kunt. Ik vond het hier ineens bijna warm.
De sterfscène in Hemel en hel is een van de mooiste die ik ooit las. Daar kreeg ik het dan wel weer even heel koud van.
(februari 2012)

Edith: De ruwe weg – Willy Vlautin
Willy Vlautin - Lean on Pete.inddIn januari is het niet alleen afstoffen en inventariseren geblazen in de winkel, we bereiden ook de beurs voor, in aanloop naar het nieuwe boekenseizoen. Afgelopen zaterdagavond was het weer zo ver: een goede maaltijd, veel thee en een flinke stapel aanbiedingsfolders waarin uitgeverijen hun nieuwe titels aanprijzen. Die nemen we dan serieus (en soms iets minder serieus) door. Doorgaans hebben die folders mijn volledige aandacht, maar deze keer dwaalden mijn gedachten steeds af naar Charley en Pete, die ik eerder die dag op een cruciaal moment achter had moeten laten.
Charley is de hoofdpersoon van De ruwe weg, vijftien jaar oud. Zijn moeder is er niet en zijn vader raakt uit beeld. Om de zomer te overbruggen gaat Charley bij Del Montgomery werken op een paardenrenbaan en sluit vriendschap met Pete. Pete (voluit: Lean on Pete) is een vijfjarige quarter horse die door Del gebruikt wordt om in het B-circuit te racen. Als Pete na te veel races moe en versleten is en volgens Del rijp voor de slacht, grijpt Charley in.
Charley knijpt ertussen uit en gaat samen met Pete op zoek naar Charleys tante, de enige die hem (hoop op) een toekomst kan bieden.
Het wordt een grimmige tocht vol hindernissen en gevaar, maar Charley blijft ondanks alle tegenslag op de been. Het is een intens verdrietig verhaal met hier en daar een sprankje hoop, in een gortdroge, registrerende stijl. Het is alsof Charley non-stop in zichzelf praat – je ziet de wereld door zijn ogen, voelt zijn pijn. Hier een kort citaat, ter illustratie: ‘Een paar avonden lang lag ik in mijn slaapzak en jankte erom. Ze zeggen dat je je beter gaat voelen als je huilt, maar ik voelde me niet beter, er veranderde niets, ik werd er alleen maar moe van en ik schaamde me.’
Ik zal verder niet te veel van het verhaal weggeven. De ruwe weg is simpelweg prachtig en je moet het gewoon zelf gaan lezen.
(januari 2012)

Roxanne: Gestameld liedboek – Erwin Mortier
Opmaak 1Was mijn eindejaarslijstje van 2011 twee boeken langer geweest dan hadden Het begin van iets van Siegfried Lenz en Gestameld liedboek van Erwin Mortier er ook op gestaan. Over Het begin van iets schreef ik al eerder en in de week van het korte verhaal zal dit boek vast en zeker voorbij komen, dus daarom nu aandacht voor Gestameld liedboek van Erwin Mortier. De roman gaat over Mortiers dementerende moeder. Nauwkeurig analyseert hij het proces dat zijn moeder uiteindelijk te gronde richt. Een aangrijpend verhaal dat van binnenuit wordt verteld.
Het mag dan wel een roman heten, maar het lijkt haast poëzie. Er zijn veel witregels, zelfs geheel witte pagina’s, Mortier gebruikt enjambement en zijn woordkeuze past beter in een poëziebundel dan in een roman. Ik vergat bij het lezen bijna de ernst van de zaak, omdat ik zo geraakt werd door de taal. Het wrange is nou juist dat de taal hetgeen is dat Mortiers moeder niet meer kan vinden. Mortier illustreert wanneer zoiets begint: ‘Het begint met het woord “boek”, het woord dat haar maar niet te binnen wil schieten wanneer ze op een middag voor mijn bibliotheek staat (…) ze brengt haar handen met de vingers gestrekt naast elkaar en klapt ze open en dicht.’ Maar niet alleen de taal raakte me, ook het persoonlijke ontroerde me. En soms weet je, net als Mortier, niet of je moet lachen of huilen: ‘Mijn moeder heeft me vandaag een stofbeurt gegeven, ze meende dat ik een meubel was.’
(januari 2012)

Marijke: Kerstballen breien met Arne en Carlos
kertballenEr is een fantastisch boek verschenen: Kerstballen breien met Arne en Carlos. Arne en Carlos zijn twee kledingontwerpers uit Noorwegen, die zich de laatste vijf jaar uitsluitend op gebreide kleding hebben toegelegd. Merknaam Arne&Carlos.
En nu hebben ze een boek gepubliceerd met breipatronen: 55 kerstballen!
Voorin staat een duidelijk basispatroon en daarna volgen de 55 verschillende motieven. De meeste worden ingebreid, een paar kunnen gemaasd worden. Als laatste is er een leeg ruitjespatroon waarin u zelf een motief kunt ontwerpen. Er wordt ook veel informatie gegeven over te gebruiken wol, brei- en haaknaalden, vulling en brei- en haaktechniek, waar nodig met duidelijke tekeningen.
Bij alle motieven is een verhaaltje, over de herkomst, geschiedenis of bepaalde gebruiken. Kerst is in Scandinavië een speciale tijd. De winter is lang en donker, tijd genoeg om gezellig binnen aan het breien te slaan. Het boek is prachtig uitgegeven: gebonden, stevig papier, vol kleurige foto’s van alle gebreide kerstballen, sommige in verschillende kleuren uitgevoerd, en van allerlei nostalgische kerstversiering. Voorin een romantische foto van hun met sneeuw bedekte onderkomen.
(december 2011)

Edith: Naar de overkant van de nacht – Jan van Mersbergen
naar overkantBij dezen beloof ik plechtig er geen gewoonte van te maken, maar het boek dat ik nu ga bespreken heb ik nog niet uit. Ik ben een flink eind op weg en vind het dermate fascinerend dat ik het toch alvast met u wil delen.
De reden voor het nog niet uitgelezen hebben van Naar de overkant van de nacht is een goede en positieve: er zijn de afgelopen weken te veel mooie boeken uitgekomen. Het gebeurt me niet vaak dat ik ongedurig heen en weer loop voor onze ‘nieuwe-titels-tafel’ omdat ik niet kan kiezen welk boek ik als eerste zal lezen. En opvallend: het zijn allemaal boeken van jonge Nederlandse auteurs. Ik noem er een paar: Maartje Wortel (Half mens), Henk van Straten (Salvador én Superlul – jawel, die ook), Anne-Gine Goemans (Glijvlucht), Ivo Victoria (Gelukkig zijn we machteloos, briljant, lees dat boek!), Peter Zantingh (Een uur en achttien minuten), Karin Amatmoekrim (Het gym), Stephan Enter (Grip) en Jan van Mersbergen dus.
Naar de overkant gaat over Vastelaovend, een begrip dat ik als rechtgesneden Rotterdammer eigenlijk niet ken. Eigenlijk heb ik een hekel aan carnaval en alles wat daarbij hoort, maar omdat eerdere boeken van Van Mersbergen mij goed bevallen waren, durfde ik het aan. Het gegeven is vrij simpel: Ralf gaat verkleed als veerman Vastelaovend vieren in Venlo. Hij gaat op in de feestende menigte, maar zijn gedachten dwalen regelmatig af naar Sara, zijn vriendin, en haar vier kinderen. Sara was op de lagere school al verliefd op Ralf, maar pas als ze elkaar 26 jaar later tegenkomen (zij inmiddels alleenstaande moeder van vier), beantwoordt hij die liefde en besluit haar bij te staan in de zorg voor de kinderen.
Binnen een mum van tijd sta je naast Ralf, in het café, met je schoenen in een laagje bier, de muziek net even te hard, de warme bezwete lijven net iets te dichtbij. Je probeert een gesprek aan te knopen, er botst iemand tegen je op, o sorry, jij nog een biertje?, ja, is goed, dank je, kra kra! proost. Ook al ligt Ralf veertig biertjes voor op de lezer, je zit binnen een paar pagina’s in dezelfde roes en drijft moeiteloos mee op de gedachtestroom die door zijn hoofd kolkt. Die lijkt onsamenhangend en springerig, maar het kan maar één kant op – naar de overkant van de nacht.
Toen ik halverwege moest stoppen met lezen omdat de plicht riep, had ik het gevoel of de cafédeur achter me dichtviel. De stampende muziek hoorde ik nog vaag op de achtergrond, mijn oren suisden en ik verwachtte een diepe teug koude, frisse lucht toen ik inademde (in het boek is het vijftien graden onder nul). Een boek dat je zo snel bij de lurven grijpt en het lezen tot een bijna fysieke ervaring maakt, durf ik te bespreken zonder het einde te kennen.
En nu duik ik snel de kroeg weer in.

Fred: Matterhorn – Karl Marlantes
matterhornDit is een van de beste boeken van dit jaar. Karl Marlantes, zelf een Vietnamveteraan, heeft er maar liefst dertig jaar aan gewerkt en laat een rauw beeld zien van de Vietnamoorlog. Het gaat over de nutteloosheid en waanzin van oorlog, over soldaten die zich afvragen wat ze daar doen en die alle bedenksels van de militaire leiding moeten uitvoeren, ook al lijken die nergens toe te dienen. En de spanningen tussen de blanke en zwarte dienstplichtigen die in de zestiger jaren van de twintigste eeuw werden aangewakkerd door de ontwikkelingen in het thuisland, de Verenigde Staten.
(december 2011)

Edith: Half mens – Maartje Wortel
half mensOnlangs verscheen Half mens, de eerste roman van buurtgenote Maartje Wortel. In 2009 debuteerde zij met de verhalenbundel Dit is jouw huis.
Half mens volgt twee mensen: Michael Poloni is een 41-jarige Mexicaan, een eenzame harde werker die thuis het liefst naar National Geographic kijkt en de Nederlandse Elsa Helena van der Molen (20) die met haar ouders tegen haar zin naar Los Angeles is verhuisd.
De wegen van Helena en Michael kruisen elkaar, maar in eerste instantie is het niet meer dan dat. Michael zit namelijk in de taxi die Helena aanrijdt. Helena wordt afgevoerd naar het ziekenhuis waar met spoed haar been wordt afgezet en Michael verdwijnt uit beeld. Ze zien elkaar pas weer in de rechtszaal. Na de rechtszaak waarin Michael als belangrijkste getuige moet optreden, besluit hij contact te zoeken met Helena.
Een bedrieglijk eenvoudig verhaal dat makkelijk naverteld lijkt, maar na het lezen van de laatste pagina heb je echt de neiging terug te bladeren, of liever nog: opnieuw te beginnen, omdat je toch het idee hebt dat je het een en ander over het hoofd hebt gezien.
De voor Wortel zo kenmerkende droge toon werkt de verwarring in de hand. Het klinkt paradoxaal, maar de heldere stijl strooit zand in de ogen van de lezer. Je denkt dat je elk woord begrepen hebt, maar je blijft toch met veel vragen achter. Maar ook juist die stijl maakt het lezen van Half mens tot een feest. En uit de mini-biografietjes die Maartje Wortel de figuranten meegeeft, blijkt Wortels gave met weinig woorden een heel verhaal te vertellen. Bijvoorbeeld:
‘De taxichauffeur (Eric Huckleberry, taxichauffeur sinds zijn negentiende, dol op pancakes met maple syrup en banana shakes. Hij houdt al jaren de uitslagen van rugbygames bij in schriften zonder lijntjes) reed snel en zonder te kijken rechtdoor, alsof er aan het eind van de weg iets of iemand op hem stond te wachten.’
Of: ‘De auto stond klaar om vijf voor half negen. Achter het stuur zat een vrouw. (Mercedes van Ness. Geschiedkundige. Lesbisch. Ze droomde er van haar achtste levensjaar al van om taxichauffeur te worden. Haar nieuwste droom was om te zwemmen met dolfijnen.)’
Een boek waar je graag nog even goed over na wilt praten, dus bij uitstek geschikt voor de leesclub.
(november 2011)

Mieke: 1q84 – Haruki Murakami
Murakmi 1q84 Boek 3 stofomslag.inddDeze zomer heb ik eindelijk deel 3 uitgelezen van 1q84, het liefdesverhaal van Tengo en Aomame. Hij is wiskundeleraar en de ghostwriter van een bestsellerauteur, zij is sportschoolinstructrice en pleegt daarnaast moorden in opdracht.
Op het eerste gezicht hebben ze niets met elkaar te maken, maar gaandeweg wordt duidelijk dat zij vroeger een belangrijke rol in elkaars leven hebben gehad.
Murakami neemt ons mee in een parallelle wereld 1q84 (de q staat voor questionmark, vraagteken), waar ‘s avonds twee manen aan de hemel staan en alles net iets anders is dan in de ‘gewone’ wereld. De wereld waarin Tengo en Aomame elkaar moeten vinden, anders komt het nooit meer goed.
Dit is in het heel kort wat in 1500 bladzijden wordt beschreven.
Bij Murakami echter is de verhaallijn van ondergeschikt belang.
Ik las mijn eerste Murakami in 2001. Een collega uit de winkel drong erop aan dat ik Ten zuiden van de grens zou lezen. Een liefdesverhaal waarin ogenschijnlijk niets bijzonders gebeurt. Behalve dan dat het je raakt tot in het diepst van je ziel en je het boek wil wegleggen om even te huilen en toe te geven aan weemoedigheid dat het leven is zoals het is en dat het nooit meer wordt zoals het was. Dit terwijl intussen gewoon spaghetti gekookt wordt en de kat weer eens zoek is.
Liefhebbers van Murakami zijn rare mensen. Enerzijds willen ze de wereld vertellen waarom ze hem zo’n fantastische schrijver vinden, anderzijds willen ze hem ook voor zichzelf houden. Iedereen moet hem lezen, maar laat hem alsjeblieft geen bestsellerauteur worden.
Maar goed, om geraakt te worden lezen we Murakami en lopen we in de winkel regelmatig naar de M in de literatuurkast om u met zachte dwang te overreden toch eens te proberen of het ook iets voor u is.
(oktober 2011)

Edith: Het ros van Twente – Claus Brockhaus
ros van twenteVorig jaar kampeerden we drie weken op een mooie natuurcamping in Twente. Halverwege de tweede week verscheen er een vrouw die met een stapel boeken de tenten langsging. Ik raakte met haar aan de praat en ze bleek bij een kleine uitgeverij te werken die de boeken uitgaf van ene Claus Brockhaus. Goeie naam, maar nog nooit van gehoord. Ze wilde de auteur alvast promoten, omdat hij het jaar daarop met een boek over Twente zou komen, en waar zitten de lezers in de zomer? Juist, op de camping. Voor hun tent, alle boeken al uit, met nog twee weken te gaan.
Ik vond het zo’n sympathiek en slim initiatief dat ik voor vijf euro De vrouw van de voetballer kocht, met de belofte te laten weten wat ik ervan vond.
Mijn vakantiestapel is altijd ernstig overdacht en niet berekend op spontane aanschaffen, dus het boek kwam pas een paar maanden later aan bod. Maar: ik was aangenaam verrast. Ik lees regelmatig thrillers (deels beroepsmatig, deels ter verstrooiing), maar ik kom nogal eens eh… minder goede boeken tegen. Zo niet De vrouw van de voetballer: goed geschreven, geloofwaardige plot, sterke personages, kortom een aanwinst voor de literaire thrillermarkt.
Direct ging ik op onderzoek uit, want het leek mij leuk een stapeltje van zijn boeken in de winkel te leggen en hem misschien wel in contact te brengen met een grotere uitgeverij. Maar hoe ik ook googelde, belde en speurde, ik ben nooit verder gekomen dan een ex-vrouw, die verzuchtte dat ze die tweede lijn (ooit het ‘zakelijke’ nummer) maar eens moest opdoeken. Meneer Brockhaus liet zich niet makkelijk vinden en uiteindelijk liet ik het er maar bij zitten.
Dit jaar gingen we naar dezelfde camping. Ik was eigenlijk mijn hele zoektocht vergeten, tot ik tijdens een fietstochtje ineens bij een ‘Rustpunt’ (een keten van buitenschuurtjes bij boerderijen waar je voor een paar kwartjes thee en koffie kunt drinken en soms streekproducten kunt kopen – meestal zelfgemaakte jam) een bord zag staan: ‘HET ROS VAN TWENTE’ DEZE WEEK VOOR € 14,95. Er ging vaag een belletje rinkelen. Het Ros van Twente… was dat niet de titel van dat boek vanneh… hoe heette hij ook alweer? In gedachten verzonken fietste ik verder, maar mijn vriend riep: ‘Hé, zag je dat? Misschien woont die schrijver hier zelf wel!’
En terwijl de rest van het gezin zich te goed deed aan ranja en een Cup-A-Soupje, trotseerde ik een naar blaffende hond en kwam ik terecht in de keuken van de boerderij. Het was niet meneer Brockhaus zelf die me te woord stond, maar een enthousiaste fan die geen jam maakte, maar Het Ros van Twente ook een mooi streekproduct vond. Ik vertrok met een gesigneerd exemplaar en het juiste adres van de uitgeverij en bij de tent gekomen schoof ik mijn geplande vakantieboeken opzij en begon meteen te lezen.
Brockhaus stelde me niet teleur: wederom zat het verhaal goed in elkaar, hadden de personages precies de juiste diepgang en een leuke bijkomstigheid was dat het verhaal zich in de omgeving van de camping afspeelde.
Ondanks mijn enthousiasme is het boek niet op voorraad in onze winkel. Er is namelijk één minpunt: de boeken van Brockhaus wemelen van de spel- en tikfouten en dat euvel moet eerst verholpen worden voor we hem ‘op stapel’ leggen. Mijn nieuwe missie wordt dan ook: de uitgeverij mijn correctorsdiensten aanbieden. Ik heb nu het goede adres, dus dat aanbieden moet in elk geval lukken.
Mocht uw nieuwsgierigheid toch gewekt zijn, dan is het boek natuurlijk wel te allen tijde bij ons te bestellen via onze webwinkel of gewoon op de Middenweg.
(september 2011)

Selma: Koepels – Mariëtte Aerts (vanaf 12 jaar)
koepelsKoepels is een prachtig jeugdboek, maar ook voor volwassenen een plezier om te lezen. Mariëtte Aerts schept een wereld ver in de toekomst waarin mensen een nagenoeg perfect leven schijnen te leven. Ze hebben zich teruggetrokken in steden onder grote koepels nadat de Grote Overstromingen het leven buiten onmogelijk hebben gemaakt. De tieners Marni en haar beste vriend Tren wonen in Koepel 4. Een groot deel van hun leven speelt zich af in de Virtuele Ruimte, waar ze onderwijs krijgen, maar waar ze ook levensechte virtuele spellen spelen.
Volgens de Autoriteit is er nog altijd geen normaal leven mogelijk buiten de koepels. Maar Marni woont alleen met haar vader omdat haar moeder de koepel is ontvlucht, haar moeder wordt een deserteur genoemd. Gaandeweg begint Marni vragen te stellen en te twijfelen aan de intenties van de Autoriteit. Een spannend, intrigerend verhaal, waarin Mariëtte Aerts onze eigen tijd knap door laat sijpelen in de futuristische, benauwende wereld die zij in Koepels heeft geschapen.
(september 2011)

Roxanne: Thirteen reasons why – Jay Asher (young adult)
thirteenHannah Baker is dood. Ze heeft een einde aan haar leven gemaakt, maar voordat ze dat deed heeft ze nog één ding gedaan. Hannah heeft zeven cassettebandjes ingesproken. Op  dertien zijdes van die cassettebandjes beschuldigt zij telkens iemand ervan betrokken te zijn geweest bij haar dood. Deze personen ontvangen een voor een de bandjes. Clay is de volgende. Maar de hoeveelste is hij?
Thirteen reasons why van Jay Asher sleept je mee en laat je niet meer los. Je vraagt je af waarom Hannah zelfmoord heeft gepleegd. En hoe hebben deze dertien personen daaraan bijgedragen? Je kunt, net zoals Clay, pas stoppen wanneer je alle cassettebandjes hebt beluisterd. Asher weet in duidelijke taal de perspectieven van Hannah en Clay zo weer te geven dat je voor allebei de personages begrip hebt. Het is een boek dat je aan het denken zet over de impact van jouw woorden en daden op anderen. Thirteen reasons why is een mooi en aangrijpend verhaal dat het taboe dat op zelfmoord rust probeert te doorbreken. Iedereen zou dit moeten lezen.
(september 2011)

Casper: Winesburg, Ohio – Sherwood Anderson
winesburgHet is misschien wat fatalistisch om te denken dat een leven bepaald wordt door één enkele gebeurtenis, maar zoals Sherwood Anderson die momenten beschrijft ga je er bijna in geloven. Zo wordt een gepassioneerde onderwijzer uit een stadje verjaagd als de (onjuiste) verdenking op hem valt dat hij enkele jongens zou hebben betast. De lokale dominee valt bijna van zijn geloof als hij door een raampje van de kerk een vrouw een sigaret ziet roken terwijl zij leest op bed. En bij een niet meer zo jonge vrouw ontwaakt het besef dat ze, na een laatste wanhopige poging om in contact te komen met een man, haar leven waarschijnlijk alleen zal slijten. De Amerikaanse klassieker Winesburg, Ohio beschrijft een reeks van deze zeer menselijke personages in een provinciestadje aan het begin van de 20e eeuw. Elk hoofdstuk voegt een nieuw kleurrijk figuur toe aan het geheel, zodat uiteindelijk het stadje zelf de echte hoofdpersoon blijkt te zijn. Met Winesburg, Ohio schreef Sherwood Anderson een tijdloos boek dat ik nog vaak zal openslaan en daarom ben ik blij dat nieuwe lezers dat nu ook kunnen doen met deze mooie nieuwe vertaling.
(september 2011)

Roxanne: Het begin van iets – Siegfried Lenz
begin van ietsHet begin van iets is een bundeling van negen verhalen die Siegfried Lenz schreef tussen 1953 en 1994. Het zijn verhalen waar je om moet lachen, zoals ‘Het wonder van Striegeldorf’. Hierin willen de twee celmaten Heinrich Matuschitz en Otto Mulz graag kerstavond vieren buiten de gevangenis. Deze kans op vreugde wordt ze echter ontnomen omdat ze vastzitten, óók op kerstavond. Gelukkig weet Heinrich Matuschitz een list te bedenken…
Maar Lenz kan je ook laten huilen. Zo is de moeder in ‘De zesde verjaardag’ op zoek naar een verjaardagscadeau voor haar stervende zoontje. Een passende cadeau vinden blijkt echter zo makkelijk nog niet: ‘De eerste keer dat ik me slap begon te voelen, was op het moment dat ik het sheriffuniform zag, de riem met de holster, het jack zonder mouwen en de gouden ster; het was het uniform dat hij had gewild, maar ik zag hem daarin geen veedieven achtervolgen of leerplichtige bankrovers door het trappenhuis jagen, het enige wat ik zag was Richard in uniform op het bed, een vederlichte, roerloze, apathische sheriff, zo verzwakt door zijn leukemie dat hij nog geen pistool kon vasthouden.’
In het titelverhaal ‘Het begin van iets’ mist hoofdpersoon Harry Hoppe op oudejaarsavond zijn schip. Hierop besluit hij niet naar huis te gaan waar zijn in haar huwelijk teleurgestelde vrouw Anna wacht, maar naar de kroeg waar hij wordt voorzien van een kom warme soep en een glas jenever. Wanneer hem daar later die nacht slecht nieuws bereikt, blijkt dat een onverwacht goede kant te hebben. Het is het begin van iets.
Zo is het ook met de andere verhalen in de bundel. De hoofdpersonen bevinden zich allen op een kruispunt in hun leven. Welke kant ze ook op gaan, het begin van iets ligt om de hoek. Lenz weet met weinig woorden veel te zeggen en dat maakt deze verhalen stuk voor stuk tot pareltjes. Het begin van iets is leuk om cadeau te doen, maar nog leuker om te krijgen!
(september 2011)

Marianne: Komedie in mineur – Hans Keilson
komedieEen prachtig gecomponeerd stukje proza. Het verhaal  gaat over een echtpaar dat een onderduiker in huis heeft en later zelf door omstandigheden moet onderduiken. Een mooi rond verhaal dat zeer dicht op de huid van de hoofdpersonen verteld wordt
(september 2011)

Edith: Darlah – Johan Harstad (voor young adults, en voor volwassenen die durven)
darlahVijf jaar geleden stapte Johan Harstad mijn ziel binnen met de wonderschone eerste zin: ‘De persoon van wie je houdt bestaat voor 72,8 procent uit water en het heeft al weken niet geregend.’
Het is de eerste zin van Buzz Aldrin, waar ben je gebleven?. Een eerste zin die verwachtingen wekt. Die ruimschoots worden ingelost. Ondanks de bergen nieuwe boeken die wekelijks over ons boekverkopers worden uitgestort, heb ik toch de rust gevonden het boek twee keer te herlezen, en het is nog steeds even mooi.
Over Buzz wil ik het nu niet hebben, al wil ik u er wel op attenderen dat er een mooie tieneuro-editie is verschenen, voor op de vakantiestapel.
Waar ik het nu over wil hebben is Darlah, het derde boek van Johan Harstad, dat hij schreef voor ‘young adults’. Nu ben ik met mijn veertig allang geen young adult meer, maar toch heb ik – inmiddels alweer twee keer – genoten van Darlah.
Harstad heeft zich heerlijk uitgeleefd in dit sci-fi-horror-boek. Normaal gesproken niet mijn genre, maar van Johan pik ik alles.
De NASA zit in geldnood en wil drie jongeren meenemen met een maanmissie om publiciteit en zo geld te genereren. Je krijgt meteen een Sjakie en de chocoladefabriek-gevoel: slechts drie jongeren van over de hele wereld mogen mee. De uitverkoren Mia, Antoine en Midori hebben alledrie een andere reden om mee te gaan. Ze krijgen een serieuze opleiding op het Kennedy Space Centre. In Miami volgt meneer Himmelfarb in een bejaardentehuis via de televisie de voorbereidingen. Hij was vroeger conciërge op de ruimtevaartbasis en weet dat de maanreis verstrekkende gevolgen zal hebben voor de wereld. Hij is zijn spraakvermogen kwijt, maar doet er alles aan om op tijd de juiste mensen te waarschuwen.
Op 18 juli 2013 is het zover: de lancering is een feit. Midori, Mia en Antoine gaan met vijf professionele astronauten naar de maan. Maar eenmaal daar aan gekomen, gaat alles mis…
Darlah is huiveringwekkend goed. Voor de lezers die Harstad nog niet kennen is het een mooi begin (daarna meteen door met Buzz). Voor de fans: let niet op het omslag en geniet.
(augustus 2011)

Edith: De laatste sigaret – Stuart Evers
laatste sigaretDe hoofdpersonen in De laatste sigaret, vooral dertigers en veertigers, bevinden zich op een kruispunt in hun leven. Elaine is net bevallen en verdenkt haar echtgenoot van een affaire met een collega, Angela zoekt haar jeugdliefde Marty op vlak voor haar eigen trouwerij en raakt in de war als hij niet meer naar sigarettenrook ruikt, een jongen gaat met een stapel familiekiekjes in de hand op zoek naar het verleden van zijn vader. Het zijn miniaturen uit het echte leven, over vriendschap, liefde en verraad.
In alle verhalen speelt de sigaret een rol, soms de hoofdrol, vaker een minimale bijrol.
Stuart Evers slaagt er steeds opnieuw in in enkele pagina’s een nieuwe wereld op te roepen en de lezer mee te sleuren in de loop der gebeurtenissen, om de lezer even bruut en met een hoofd vol vragen achter te laten en aan een nieuw verhaal te beginnen.
De laatste sigaret is een bundel intrigerende verhalen. Ook voor niet-rokers.
(juli 2011)

Mieke: Het grote zwijgen – Erik Menkveld
grote zwijgenErik Menkveld heeft een meeslepende roman geschreven over de vriendschap tussen de componist Diepenbrock en de bevlogen journalist Matthijs Vermeulen. Het grote zwijgen speelt zich af in en rond het Concertgebouw, begin twintigste eeuw, waar dirigent Willem Mengelberg beslist welke stukken er worden opgevoerd.  Muziek staat dan ook centraal in dit boek.
Menkveld beschrijft de worsteling van de kunstenaar die streeft naar zuiverheid en muziek wil schrijven met eeuwigheidswaarde. Diepenbrock laat zich inspireren door zijn leerlinge Jo, met wie hij een verhouding heeft. Maar thuis wordt hij meteen teruggeworpen in de werkelijkheid van alledag die een stuk minder verheven is door het gekibbel met zijn echtgenote die zijn escapades gelaten, maar duidelijk gekwetst accepteert. Als de Eerste Wereldoorlog uitbreekt, heeft dat verstrekkende gevolgen voor alle personages in het boek.
Erik Menkveld is voor Amsterdam wat Louis Couperus was voor Den Haag. Hij schrijft prachtige poëtische zinnen waardoor je terug wilt bladeren, terwijl je door móét lezen. Een verhaal over vriendschap, liefde en verlangen. Een van de mooiste boeken die ik dit jaar heb gelezen en daarom is dit mijn zomertip.
(juli 2011)

Roxanne: Monday Monday – Frans van Deijl
-Wanneer je Frans van Deijls nieuwste roman in handen hebt en je betrapt jezelf erop dat je de hit ‘Monday Monday’ van The Mamas and the Papas begint te neuriën, is dat geen toeval. Sterker nog: de romantitel Monday Monday is een directe verwijzing naar het nummer uit de jaren zestig. Waren The Mamas and the Papas verheugd dat hun nummer op de tweede plek stond in de Nederlandse Top 40, de hoofdpersoon in het boek, de tienjarige Timon, vindt het vreselijk. Telkens wanneer op de radio ‘het Erge Liedje’ wordt gedraaid, wenst hij vurig ergens anders te zijn. Dit omdat ‘Monday Monday’ hem herinnert aan de eerste snoeihete voorjaarsdag van het jaar waarop een dode man uit het water werd gehaald. En bij die ene dode blijft het niet.
Door te schrijven vanuit het perspectief van de tienjarige Timon weet Van Deijl Timons kinderlijke angsten – soms op vrij pijnlijke wijze – bloot te leggen. Je ziet Timon worstelen met zichzelf en de wereld om hem heen. Ook al is het jaren geleden dat je zelf tien was, tijdens het lezen van Monday Monday ervaar je weer dezelfde angsten en verlangens als toen. Wanneer Timon zijn grootste angst (die voor de dood) weet te overwinnen – hij neuriet zelfs zacht ‘Monday Monday’ aan het eind – kun je met een gerust hart afscheid nemen van hem en van het kind dat je was gedurende het lezen van Monday Monday.
(juli 2011)

Edith: Magnus – Arjen Lubach
magnus‘Walter en ik woonden aan het Roelof Hartplein in Oud-Zuid. Het gebouw heette het Nieuwe Huis. Het was een vooroorlogs gebouw dat onderdak moest bieden aan gegoede vrijgezellen. Mijn kamer lag op de derde verdieping, die van Walter op de vijfde. Over de kamer van Walter ging het verhaal dat er in de jaren zeventig een dichter uit het raam was gesprongen op de dag dat zijn nieuwste dichtbundel uitkwam. Over mijn kamer deden geen verhalen de ronde.’
Dit is een van mijn favoriete passages uit mijn favoriete boek van dit moment: Magnus van Arjen Lubach. De toon en de stijl zijn tekenend voor het boek – droog, grappig en melancholiek.
Magnus is een Zweed die met de creditcard van de Nederlandse Merlijn Kaiser de bloemetjes buiten zet. Merlijn wordt gewaarschuwd door de creditcardmaatschappij en hij is direct geïntrigeerd door de vreemde die op zijn kosten zich uitleeft in pretparken en restaurants. Hij is vlak daarvoor verlaten door zijn grote liefde Caro en er is niets meer dat hem bindt in Amsterdam. In plaats van de kaart te blokkeren, besluit hij dan ook naar Stockholm af te reizen en op zoek te gaan naar de man achter de fraude.
In Stockholm ontrolt zich een fascinerende zoektocht naar de oplichter, de gebeurtenissen volgen elkaar op als omvallende dominostenen. Hoe verder hij komt met zijn onderzoek, hoe meer het verleden zich aan hem opdringt en stukje bij beetje komt hij achter de waarheid.
Erg fijn vond ik de flashbacks naar de tijd waarin Merlijn Caro ontmoette (tijdens de Florence-reis op de middelbare school) en de begintijd van hun relatie. Lubach schrijft mooie zinnen en heeft prachtige vergelijkingen, zoals bijvoorbeeld bij de eerste keer dat Caro eindelijk bij Merlijn blijft slapen:
‘Heb je een schoon bed?”Hoe bedoel je?’ vroeg ik.’Hoelang zit je beddengoed al op je bed?”Een paar dagen,’ loog ik.’Dan slaap ik wel bij jou vannacht,’ zei ze.Mijn buikspieren trokken samen en ik wist dat ik was ontploft als ze dat een jaar eerder had gezegd. Nu niet meer. Mijn enthousiasme was afgezwakt, zoals wanneer je eindelijk de puppy krijgt die je was beloofd, maar de hond al bijna volwassen is geworden in de maanden dat er geen tijd was geweest om een hok te bouwen en hem op te halen.

Magnus ademt een prettige sfeer – geen grote ego’s of schreeuwerigheid. Het is de zoektocht van romanticus die er het beste van probeert te maken, zonder tobberig te worden.
De beschrijvingen van de absenties van Merlijn (Merlijn lijdt aan epilepsie, een aandoening waardoor niets zeker is in zijn leven maar die hem ook op een bepaalde manier houvast biedt) zijn realistisch en lopen als een grillige rode draad door het boek.

Arjen Lubach heeft heel soms de neiging net iets te grappig te willen zijn (niet nodig, de geschetste situaties zijn al grappig genoeg van zichzelf) maar hij heeft alles in zich om de Johan Harstad van de Lage Landen te worden. En terwijl ‘A Summer Wasting’ nog na-echoot in mijn hoofd, kijk ik alvast uit naar Lubachs volgende boek.
(juni 2011)

Edith: Het zusje van de bruid – Joris van Casteren en Lieve Céline -Hanna Bervoets
lieve celineIk ben een langzame lezer. Niet handig in mijn vak, maar het is niet anders. Onlangs las ik echter twee boeken achter elkaar in één adem uit. Ik heb huishouden, kinderen en deadlines genegeerd omdat ik door móést lezen.
Lieve Céline van Hanna Bervoets gaat over de laagbegaafde Brooke uit Amsterdam-Noord die groot fan is van Céline Dion. Ze heeft maar één droom en dat is Céline zien optreden. Ze verzamelt al haar moed en stapt in het vliegtuig naar Las Vegas. Uit flashbacks en brieven die Brooke aan haar heldin schrijft, ontvouwt zich een verhaal dat geestig en licht begint, maar allengs droeviger en ontroerender wordt.
zusjeHet zusje van de bruid van Joris van Casteren is het ‘geanonimiseerde verslag van een krankzinnige periode uit het leven van de schrijver’, aldus de achterflap. Joris ontmoet op een bruiloft Luna, het zusje van de bruid. Zij is een intrigerend, hyperintelligent, maar zelfdestructief meisje van rijke komaf. Ze gaan samenwonen in Amsterdam en beginnen een onmogelijke relatie. Luna blijkt een borderliner, verslaafd aan drank en drugs en eigenlijk niet in staat lief te hebben. Joris beweegt met haar mee om haar bij zich te kunnen houden in de hoop haar te kunnen redden, maar uiteindelijk raakt hij haar toch kwijt.

Op het oog twee verschillende boeken, maar beide zijn een intiem verslag van menselijk falen en hoe ingehouden ook verteld (Bervoets lichtvoetig, Van Casteren droog en staccato), je moet wel van steen zijn om niet ontroerd (Bervoets) en geraakt (Van Casteren) te worden.
Beide boeken geven een mooi inkijkje in verschillende sociale milieus (Brooke gaat op haar zestiende van school en brengt de dagen met haar moeder door voor de televisie, de broer van Luna verzucht dat hij liever in minder rijke omstandigheden was geboren zodat hij tenminste had geleerd vroeg op te staan). En wat ook pijnlijk duidelijk wordt: of je nu rijk bent of arm – de neerwaartse spiraal ligt altijd op de loer, en de obligate les ‘je moet zelf iets van je leven maken’ blijkt maar al te waar.
Het grootste verschil tussen beide boeken is natuurlijk dat Bervoets alles verzonnen heeft (al heeft ze ongetwijfeld geput uit het ‘echte’ leven in Amsterdam-Noord – ze figureert zelfs in het verhaal, als een echte Hitchcock) en vertelt Van Casteren (zijn versie van) de waarheid. Hij heeft zijn relaas geanonimiseerd, maar als je een beetje ingevoerd bent in Amsterdamse journalistieke kringen kun je nog een leuk spelletje wie-is-wie doen. Dit verlicht Luna’s droeve geschiedenis echter nauwelijks.
Beide boeken hielden me nog lang bezig. Waarom had ik deze boeken niet weg kunnen leggen? Waarom moest ik doorlezen terwijl de kinderen jengelden om aandacht en de vaat zich opstapelde? Was het de voyeur in mij? Waarom wil een mens graag lezen over andermans ellende? Of zijn Bervoets en Van Casteren er gewoon in geslaagd mensen van vlees en bloed neer te zetten, verzonnen dan wel echt bestaand?
Ik denk het laatste, want ik liep na het lezen nog lang rond met een hol gevoel, alsof ik iemand was kwijtgeraakt. En dat terwijl ik Luna niet ken en Brooke niet eens bestaat.
(mei 2011)

Jan: De waarheid omtrent Marie – Jean-Philippe Toussaint
waarheidEen liefdesnacht in Parijs tijdens een heftig onweer. De man krijgt een hartaanval en de vrouw belt in paniek haar ex, die op dat moment ergens anders in de stad bij zijn nieuwe liefde slaapt…
Een paard dat klaarstaat voor transport per vliegtuig ontsnapt in paniek op de luchthaven…
Een mooi huis in een idyllisch landschap waar twee geliefden slapen als de natuurramp hen overvalt …
Allemaal goede ingrediënten – die omsmeden tot een enerverend verhaal kun je gerust aan Jean-Philippe Toussaint overlaten. Want hemeltjelief, wat hééft hij een spannend boek geschreven.
De waarheid omtrent Marie is het derde boek van Jean-Philippe Toussaint waarin steeds dezelfde Marie de hoofdrol speelt. Het zijn puzzelstukjes die in elkaar passen; ik kan u aanraden ook de andere twee, De liefde bedrijven en Vluchten te lezen. Dat wordt een gang naar de bibliotheek, of een tweedehands exemplaar op de kop tikken, want deze titels zijn helaas niet meer leverbaar. Maar ach, waarom zou je het verhaal over Marie compleet willen hebben; het lezen van alleen De waarheid omtrent Marie is al enerverend genoeg. De sensatie van het lezen van Toussaints verhalen ligt namelijk niet zozeer in de feitelijke ontwikkelingen die hij beschrijft. Nee, het is vooral zijn prachtige schrijfstijl die het ’m doet. Hij is een langzame, zorgvuldige verteller met veel details en herhalingen. Van zijn beeldende beschrijvingen en vaak (heel) lange zinnen gaat een droomachtige werking uit. Vooral bij de spannende verhaalgedeeltes als bijvoorbeeld de vlucht van het paard op het vliegveld houdt dat je volledig in de ban. Dan weer een detail (de door het vallen vuile en bebloede benen van het paard), dan weer een overzicht (het vliegverkeer wordt stilgelegd), de aandacht golft heen en weer en het verhaal raast voort.
Een boek van Jean-Philippe Toussaint leg je niet weg voordat je het uit hebt.
(mei 2011)

Anja: Literaire parels van uitgeverij Van Gennep
parelsOnlangs las ik in Het Parool een mooi stukje van Maarten Moll over de voordelen van dunne boeken. Als u ook van dunne boeken houdt, dan wil ik u graag een aantal titels van uitgeverij Van Gennep tippen. Deze boeken laten zien dat ‘grote’ literatuur best in een klein boek past. Zoals Andermans huis van Silvio d’Arzo en Het geheim van mijn grootmoeder van Fethiye Çetin.
Voor mij was Een minuut stilte van Siegfried Lenz een absoluut hoogtepunt. Wat heb ik genoten van het ingetogen en teder vertelde verhaal van de onmogelijke liefde tussen Christian en Stella. Het verhaal speelt zich af in een klein plaatsje aan de Oostzee in de jaren vijftig. Verder vertel ik niets, want het is veel te mooi om het niet zelf te lezen!
De andere parel die ik onlangs heb gelezen was Wij doden Stella van Marlen Haushofer. Wie De wand van haar heeft gelezen kent de sfeer die Haushofer in haar boeken schetst. Ook Wij doden Stella (de titel doet het al vermoeden) is geen vrolijk boek, maar de auteur is een meester in het scheppen van een onderhuidse spanning die je laat doorlezen en naar adem doet happen. Vergelijkbaar met Doris Lessings Het vijfde kind.
Al deze kleine mooie boeken laten zien wat voor een prachtig en uniek product het boek toch is en dat het lezen van literatuur niet altijd betekent dat je weken, of maanden, vastzit aan een boek. Net als sporten, sauna, museumbezoek of film, kan een boek je meenemen, helpen, vermaken, troosten. Even de telefoon uit en het beeldscherm in de sluimerstand; lekker met een naar papier geurend boek op schoot en met kopje thee binnen handbereik wegduiken in het verhaal. Met tranen in je ogen afscheid nemen van een boek als het uit is en het dan een plek geven in je boekenkast. Dat is misschien wat het fysieke boek zo uniek maakt: je herinneringen aan je leeservaring blijven als het ware in het boek hangen. Het is er nog. ‘Fysiek.’
(mei 2011)

Roxanne: Ego Faber – Maurice Seleky
ego faberAmsterdam in de jaren nul van de eenentwintigste eeuw is het droomparadijs voor de naamloze hoofdpersoon in Ego Faber. Wanneer hij op 11 september 2001 (hoe ironisch) naar Amsterdam trekt om daar zijn geluk te beproeven ontmoet hij in de trein titelpersoon Ego Faber. Deze ontmoeting vormt het begin van een vriendschap die hen leidt door het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw. Samen met hun vriend Rein maken zij zich meester van Amsterdam. Ze gaan op in feesten, drank, drugs en meisjes terwijl het wereldnieuws – wat te denken van de aanslagen in de Londense metro’s en de moorden op Pim Fortuyn en Theo van Gogh? – aan hen voorbij trekt. Gevoelloos voor wat er om hen heen gebeurt, lijkt hun leven pas weer zin te krijgen wanneer de mooie Zara in beeld komt. Maar niet alleen hun levens zal zij veranderen, ook hun vriendschap.
Maurice Seleky levert met Ego Faber een uitstekend debuut af.  Deze roman kan beschouwd worden als een document van deze tijd. De vooroordelen en clichés over generatie Y weet Seleky treffend weer te geven al had het hier en daar iets minder gemogen.
(april 2011)

Edith: Duizend dagen in China – Bettine Vriesekoop
bettinegheel10januarizt.inddTijdens haar tafeltenniscarrière gaat Bettine Vriesekoop een paar keer op trainingsstage in China. Ondanks (of misschien juist dankzij?) de zware tijden die ze daar beleeft, groeit haar interesse in en liefde voor het land. Die liefde en interesse monden uit in een studie sinologie en zelfs in een correspondentschap voor NRC Handelsblad.
In augustus 2006 vertrekt Bettine Vriesekoop met haar dan vijfjarige zoon Tymo naar Peking om onder andere de voorbereidingen op de Olympische Spelen te verslaan. In augustus 2009 keert ze terug naar Nederland en onlangs verscheen Duizend dagen in China  – een openhartig verslag van haar correspondentschap.
Veel correspondenten schrijven bij terugkeer een boek. Beter gezegd: ze stellen een boek samen uit alle artikelen die ze tijdens hun diensttijd hebben geschreven. Duizend dagen in China is geen standaard knip-en-plak-correspondentenboek geworden. Het is een openhartig verslag van de zoektocht die Vriesekoop te wachten stond in China. Als relatief onervaren journalist en alleenstaande moeder heeft ze het niet makkelijk, maar ze houdt zich staande. Mede dankzij de niet aflatende steun van ayi (hulp in de huishouding) Wang en assistent Colin. Vriesekoop leert omgaan met de druk van deadlines, kan steeds beter achter de ‘waarheid’ kijken en gaat steeds meer van China en de Chinezen houden, zonder haar objectiviteit te verliezen.
Duizend dagen in China is een heerlijk leesboek geworden, met veel avontuur (undercover in Noord-Korea, achtervolgd door de veiligheidspolitie bij haar bezoek aan een milieuactivist, rellen in Xi’an om maar een paar hoogtepunten te noemen), humor en passie voor China.
Als je het boek uit hebt, is het alsof je een lange reis hebt gemaakt en of je iets dichter bij de ‘onbegrijpelijke’ Chinezen bent gekomen.
(april 2011)

Mieke: Retour Palermo – Philip Snijder
retourSoms gebeurt het dat je een boek van de stapel pakt, de eerste bladzijde leest en meteen weet: dit is mijn boek.
Na het lezen van Zondagsgeld (2007) van Philip Snijder waren mijn verwachtingen hoog gespannen bij de aankondiging van zijn nieuwe boek Retour Palermo. Als ik de afgelopen maanden Zondagsgeld aanraadde, zei er af en toe iemand tegen me: ‘Ja dat heb je me al eerder aangeraden…’
En toen was het dan zover: de stapel Palermo kwam in de winkel. Het dilemma is dan of je het boek meteen gaat lezen of wacht tot je in alle rust woord voor woord kunt laten binnenkomen. Ik ben meteen begonnen en tot mijn spijt is het bijna uit, maar ik kon niet wachten om het te delen met zo veel mogelijk lezers die op zoek zijn naar een goed boek. Ik ben daarom blij dat ik de komende weken weer onbevangen tegen alle klanten kan zeggen: ‘dit boek moet je lezen.’
Het verhaal gaat over een stelletje dat naar Palermo gaat en opgenomen wordt in de Siciliaanse sfeer en levensstijl om daar tot de ontdekking te komen hoezeer ze gevangen zitten in hun relatie en hun schijnbare vrijheid. De beeldende beschrijvingen van Philip Snijder maken diepe indruk en hij maakt prachtige zinnen.
(maart 2011)

Selma: Avonturen in de alledaagse werkelijkheid – Max Blecher
stofomslag Blecher def.:BlecherDankzij de mooie nieuwe vertaling van Jan H. Mysjkin kunnen wij nu kennismaken met dit in de jaren twintig uitgegeven Roemeense verhaal.
Een jongeman, een puber nog, is bezig de wereld en zichzelf te ontdekken. Daarbij stelt hij vragen als ‘Wie ben ik?’, en ‘Waaruit bestaat mijn gevoel van de werkelijkheid?’ Op zijn ontdekkingstocht komt hij op plaatsen in zijn omgeving en op plekken in zijn ziel die hij nog niet kent en hem in verwarring brengen. Hij leert zichzelf stap voor stap beter kennen, maar het is wel een worsteling.
Het boek is vooral een aaneenschakeling van gedachtestromen, niet zozeer een opeenvolging van handelingen. Naast het feit dat ik de ontwikkeling die pubers doormaken interessant vind (eigenlijk is elke puber een filosoof omdat hij met de grote levensvragen bezig is), spreekt de melancholieke sfeer van het boek me erg aan. De levensvragen van de hoofdpersoon zijn universeel en het maakt niet uit of het 1928 of 2011 is.
Geen pageturner, maar een mooi, contemplatief boek.
(maart 2011)

Casper: Vals beeld – Elvin Post (in Dwarsligger-uitvoering)
vals beeldJe gaat op reis en je neemt mee… Dat dikke boek van vorig jaar dat je altijd nog wilde lezen. Zeg De verloren gebeden van Jacob de Zoet van David Mitchell of Vrijheid van Jonathan Franzen. Maar past daar dan nog wat bij? Iets luchtigers, iets lichters, iets kleiners vooral. Nou, er zou nog nét zo’n Dwarsligger bij kunnen. Een Dwarsligger? Wat is dat nou weer? Dat is dus iets nieuws. Een boek op zakformaat, dat je van boven naar beneden leest. Met van die superdunne blaadjes, waar je een pincet voor nodig hebt om ze om te slaan? Ja, dat ook ja. Maar daardoor zijn ze wel lekker dun en blijven ze altijd openliggen waar je gebleven bent. Handig jôh! En zijn er dan ook leuke boeken als Dwarsligger? Me dunkt, er moet voor iedereen toch wel wat bij zitten zou ik zeggen. Ja, daar heb ik ook niks aan… Oké oké, neem dan maar Vals beeld van Elvin Post, da’s wel iets voor jou.
(maart 2011)

Edith: Dit is echt – M.J. Hyland
dit is echtNa de dure decembermaand waarin iedereen is verwend met de laatste literaire hits (Vrijheid, Congo en de laatste Jamie Oliver) leek het me tijd voor een goedkope herdruk van een boek dat al meer dan een jaar om (mijn) aandacht schreeuwt: Dit is echt van M.J. Hyland.
Het verhaal is snel verteld: Patrick Oxtoby, begin twintig, wordt verlaten door zijn verloofde en wil een nieuw leven beginnen in een Engels kustplaatsje, weg van zijn familie. Hij vindt een baantje als automonteur en neemt zijn intrek in een pension om de eerste maanden te overbruggen. Geen vuiltje aan de lucht zou je denken. Maar er is iets met Patrick en hoewel dat ‘iets’ zich niet laat benoemen, bouwt zich een enorme spanning op in het verhaal die mij bij tijd en wijle de adem bijna benam.
Zonder precies te begrijpen waarom, en zonder enige vingerwijzing van de schrijver, bekruipt je de angst dat het helemaal misgaat met Patrick. En die angst wordt bewaarheid, zoveel wil ik wel verklappen (en zoveel kun je uit de achterflap ook wel opmaken).
Dit is echt is zo waanzinnig knap geschreven, dat je wel van steen moet zijn om er niet door geraakt te worden. Patrick mag dan iets slechts gedaan hebben, je wilt toch weten hoe het hem vergaat en vooral ook waarom hij het gedaan heeft. Het is bijna beangstigend dat Patrick, een op het eerste oog lieve rustige jongen, tot een dergelijke gruweldaad in staat is. Hij is daar bij wijze van spreken zelf ook verbaasd over. Patrick bleek een tikkende tijdbom waarvan er meer rondlopen in onze maatschappij. Dankzij Hyland had ik eerder de neiging mededogen te tonen dan Patrick te veroordelen.
Dit is echt is een claustrofobische leeservaring met een open einde dat je echt bij de strot grijpt. Een mooi boek voor sombere winterdagen, waarbij je als lezer in de gelukkige wetenschap verkeert dat er betere tijden op komst zijn. En dat is voor Patrick nog maar de vraag.
(februari 2011)

Anja: Legende van een zelfmoord – David Vann
legendeIk hou van melancholieke, droevige boeken. Boeken, die je raken en tot nadenken aanzetten.
Toen ik de titel Legende van een zelfmoord zag, dacht ik meteen dat het wel een boek voor mij zou kunnen zijn. Nog even de achterkant gelezen en ik was om. Ik citeer: ‘Roy Fenn is nog jong wanneer zijn vader – een mislukte tandarts en een matige visser – op zijn geliefde boot de loop van zijn geweer in zijn mond steekt en de trekker overhaalt.’
De vader van David Vann is een mislukte tandarts (en matige visser) in Alaska en hij heeft twee huwelijken op de klippen laten lopen. Zijn kinderen wonen ver bij hem vandaan, in Californië. Als David, nog een puber, weigert zijn vader op een reis naar Alaska te vergezellen, maakt de vader er een einde aan.
Rond zijn veertigste keert David terug naar het Alaska van zijn jeugd en het resultaat van deze tocht is dit prachtige boek. In zes verhalen vertelt hij het verhaal van zijn vader, zijn huwelijken, scheidingen, zijn depressieve buien en zijn onvermogen de draad weer op te pakken. Dat doet hij niet chronologisch en in een verhaal stelt hij ook de vraag ‘Wat zou er zijn gebeurd als ik geen nee had gezegd toen hij mij vroeg om mee te gaan naar Alaska.’ En dat is ook het aangrijpendste deel van deze bundel. Een waarschuwing: lees dit verhaal niet voor het slapen gaan! Hij beschrijft hier op ongelooflijk indringende manier hoe vader en zoon helemaal alleen en op elkaar aangewezen in een hut op een volledig eenzaam stukje Alaska proberen er iets van te maken. Een soort Into the wild, maar dan nog hartverscheurender, omdat hier een vader zijn jongen van rond de dertien meeneemt in zijn draaikolk van een depressief en mislukt leven.
U vraagt zich nu misschien af waarom u in godsnaam over zoveel ellende zou moeten lezen, maar dat is nu juist het knappe van dit boek. Vann heeft het voor elkaar gekregen (ook mede door de prachtige natuurbeschrijvingen) er geen sentimentele draak of een wraakoefening van te maken, maar een indringend portret geschetst van een man, die de grip op zijn leven heeft verloren en er geen andere uitweg meer ziet dan zelfmoord te plegen.
(februari 2011)

Edith: Haas – Arto Paasilinna
haasHet lichtgrijze omslag met de omineuze bijl in combinatie met de titel Haas trok onmiddellijk mijn aandacht. Geen boek voor mij, groot dierenliefhebber, dacht ik nog, tot ik de naam van de auteur zag: Arto Paasilinna. Toen was ik meteen gerustgesteld. Paasilinna is een van mijn favoriete auteurs, een Fin met een fijnzinnig gevoel voor humor van wie ik al meerdere boeken heb gelezen.
Nieuw is het boek niet: het origineel is in 1975 uitgegeven, in 1993 verscheen al eens een Nederlandse vertaling, en nu probeert de uitgeverij het dus nog een keer. Gelukkig maar.
Haas gaat over een haas. Ik hou van duidelijke titels, je weet meteen waar je aan toe bent. Het begint goed: een journalist en een fotograaf (‘…twee ongelukkige cynische wezens. […] Ze waren getrouwd, waren bedrogen en hadden bedrogen, hadden allebei een beginnende maagzweer en ook verder bestond hun dagelijks leven uit velerlei kommer.’) rijden tegen de avondzon in huiswaarts. De fotograaf reageert te laat als een jong sneeuwhaasje zijn ‘eerste stuntelige huppelpasjes’ uitprobeert en midden op de weg blijft zitten. Het komt tot een botsing, waarbij de haas ‘als een harig balletje het bos in geslingerd’ wordt.
De mannen stoppen, de journalist stapt uit en gaat op zoek naar het haasje. Als hij het ziet zitten (zijn linkerachterpootje is gebroken), ontfermt hij zich over het dier. Hij negeert het ongeduldige geschreeuw van de fotograaf, die uiteindelijk uit woede besluit zonder de journalist weg te rijden.
Vatanen, de journalist, realiseert zich dat de wereld aan zijn voeten ligt. De gedachte een geheel nieuw leven te beginnen – of in elk geval te ontsnappen aan zijn oude leven – stemt hem vrolijk en het is het begin van een avontuurlijke tocht door het Finse land, met de haas uiteraard.
Het is een kostelijk boek, elk hoofdstuk bevat weer een nieuw avontuur, je kunt het zo gek niet bedenken of Vatanen en zijn haas beleven het, want: overal waar Vatanen gaat, huppelt de haas achter hem aan of piepen zijn oortjes uit Vatanens rugzak. Ze gaan vissen met een oud-politiecommissaris die beweert dat de president Kekkonen in 1968 is vermoord en dat zijn plaats door een dubbelganger is ingenomen, ze helpen bij het blussen van een grote bosbrand, ze gaan op berenjacht en Vatanen wordt verliefd.
En dat alles op een droogkomische toon, die mij voortdurend laat grinniken. Onder die laag luchtige ironie komen de grote levensvraagstukken aan bod: hoe functioneert een maatschappij, wat is ware liefde en hoe vrij is de wil.
Een heerlijk boek vol sneeuw en ijs voor een lange winteravond. En daarna meteen door met De zelfmoordclub, De huilende molenaar, De Gifkokkin en Wees genadig.
(februari 2011)

Jan: Bonita Avenue – Peter Buwalda
bonitaAlwéér is er een mooi Nederlands debuut verschenen in deze toch al zo rijke herfst aan nieuwe boeken.
Enschede, 2000. In het jaar van de vuurwerkramp ontploft ook het gezin van Siem Sigerius. Hij is rector magnificus van de Universiteit Twente, tevens briljant wiskundige en vroeger succesvol judoka. Hij heeft een zoon en twee stiefdochters. Zijn vrouw, Tineke, moeder van zijn stiefdochters Joni en Janis, was vroeger getrouwd met Siems onderbuurman toen Siem nog bij zijn vorige vrouw was. Rond de eeuwwisseling doet Siem een onthutsende ontdekking met betrekking tot de activiteiten van Joni en haar dubieuze vriendje Aron; zo schokkend dat hij Tineke niet durft in te lichten. Hij gaat zelf op onderzoek uit: het begin van een avontuur vol list en bedrog. Tegelijkertijd komt zijn zoon na een lange veroordeling vrij uit de gevangenis en komt eens ‘even’ poolshoogte nemen in Enschede…
Inmiddels kijken, anno nu, de hoofdrolspelers van dit drama terug op die turbulente tijd. Nog steeds kunnen zij, bijna tien jaar later, elkaar nauwelijks recht in de ogen kijken.
Hoe deze tamelijk warrige knoop aan gebeurtenissen in elkaar steekt, daar komen we pas gaandeweg het boek achter. Peter Buwalda heeft niet gekozen voor een lineaire vertelling (wat al spannend genoeg zou zijn), nee, hij licht steeds kleine tipjes van de vele sluiers op. Daarbij hink-stap-springt hij doorlopend van de ene naar de andere gebeurtenis uit het verleden. En dat doet hij met groot vakmanschap. Een overdaad aan flashbacks kan een verhaal hinderlijk ophouden, en er zijn best boeken waarin de niet-lineaire vertelling te veel een maniertje is. Niets daarvan in Bonita Avenue. Peter Buwalda legt een grote literaire vertelkunst aan de dag door met vaart een ingewikkeld en enerverend verhaal op een creatieve manier te vertellen.
Bonita Avenue swingt.
(januari 2011)

Edith: De huishoudster en de professor – Yoko Ogawa
huishoudsterHet is fijn boekverkoper te zijn. Het is fijn mensen te kunnen helpen een keus te maken, een mooi boek onder de aandacht te kunnen brengen of de klant die alleen nog maar één woord uit de titel of alleen de voornaam van de auteur weet, toch met het juiste boek de winkel uit te laten lopen. En je krijgt er ook veel voor terug. Zo gebeurde het me laatst dat een klant mij wees op een boek dat ik tot dan toe over het hoofd had gezien. Omdat de meneer in kwestie nog twee boeken kocht die ik erg mooi vond (Norwegian Wood van Haruki Murakami en David Mitchells De niet verhoorde gebeden van Jacob de Zoet), besloot ik de klant blind te vertrouwen en dezelfde avond nog sloeg ik De huishoudster en de professor van Yoko Ogawa open.
Het begon meteen al goed, want de roman bleek uit het Japans vertaald door Elbrich Fennema, die eerder bijvoorbeeld Spoetnikliefde van Murakami al had omgetoverd tot een wonderschoon boekje.

De huishoudster en de professor gaat over een huishoudster van een jaar of dertig, alleenstaande moeder van een tienjarige zoon, die door het uitzendbureau naar een professor wordt gestuurd die al negen hulpen heeft versleten. Al snel komt de huishoudster erachter wat de professor zo bijzonder lastig maakt: door een zwaar ongeluk heeft hij een kortetermijngeheugen van nog maar tachtig minuten. Elke ochtend moet de huishoudster zich opnieuw voorstellen en dezelfde vragen beantwoorden. Maar waar de vorige huishoudsters hun ergernis en onbegrip niet konden onderdrukken, raakt de huishoudster verknocht aan de professor en zijn liefde voor de wiskunde. Op zijn beurt vat de professor een grote sympathie op voor haar zoontje, Wortel, een naam die de professor hem geeft omdat zijn platte hoofd hem doet denken aan het wortelteken.
De professor heeft er plezier in Wortel en zijn moeder in te wijden in de schone kunsten der wiskunde. Hij vertelt met veel vuur over perfecte getallen, vergelijkingen en priemgetallen. En met succes. En ook mij – overtuigd alfa – wist hij iets mee te geven over de schoonheid van getallen, ineens waren de getallen om mij heen geen dode dingen meer, maar bijna bezielde wezens. De ‘eenzaamheid van priemgetallen’ kreeg ineens een heel andere lading.

De huishoudster en de professor is een mooi, licht en vriendelijk boek. Geen van de personages krijgt een naam (behalve Wortel) waardoor een bepaalde afstandelijkheid wordt opgeroepen, die mooi past bij de ongewone setting in het tuinhuisje waarin de professor is ondergebracht. Het beeld van de ritselende professor die allemaal briefjes op zijn pak heeft gespeld om zijn geheugen te ondersteunen, zal mij nog lang bijblijven.
Een fijn boek, voor de liefhebbers van Haruki Murakami.
(januari 2011)

Fred: Oester – John Binguenet
oesterOester is het romandebuut van John Biguenet, van wie ik eerder de bijzondere verhalenbundel Het open gordijn (een echte aanrader trouwens) heb gelezen. Dit verhaal speelt in de moerasgebieden van Louisiana, eind jaren vijftig van de vorige eeuw. De broodwinning van de oestervangers wordt bedreigd door de verontreiniging van de oesterbanken door oliewinning in het gebied. Van Thérèse, de dochter van oestervanger Felix Petitjean, wordt verwacht dat zij trouwt met zijn concurrent zodat diens geld hen van de ondergang kan redden. Als zij dit weigert ontstaat er een wraaklustige en gewelddadige sfeer in de oestervangersgemeenschap.
En dit alles spannend geschreven, intrigerend en gepassioneerd als de zwoele nachten van Louisiana.
(januari 2011)

Jan: De vernietiging van Prosper Morèl – Jamal Ouariachi
vernietigingJamal Ouariachi (48) debuteert met een roman van 475 bladzijden, een waarlijk knappe opgave voor een eerste boek. Ik vind dat we hier met een zeer geslaagd debuut te maken hebben. Ja, mijn conclusie is dat wij in Nederland een virtuoos literair schrijver rijker zijn.
Prosper Morèl bewoonde ooit een kraakpand samen met vriend Remco en vriendin Chris. Hij wilde kunstenaar worden, maar zag op tijd in dat hij beter kon gaan studeren. Tegenwoordig is hij psychotherapeut in Amsterdam-Zuid. Als hij bericht krijgt van het overlijden van zijn vroegere huisgenote raakt hij helemaal van slag. Het verleden keert terug als hij haar dagboeken onder ogen krijgt. Dan klopt Remco, nog steeds ‘zijn beste vriend’ en inmiddels gevierd architect , bij hem aan voor  hulp, want hij zit in grote moeilijkheden. Waar de pijn van Prosper jegens Chris precies zit is mij niet helemaal duidelijk geworden, en tijdens het lezen dacht ik wel eens, kom Prosper, stel je in godsnaam niet zo aan (hij gaat weer roken, raakt aan de drank en is niet meer geïnteresseerd in zijn vrouw). Maar het interessante aan dit boek is niet zozeer het verhaal, maar het is vooral de virtuoze schrijfstijl die overtuigt. Het is met vaart geschreven en er staan veel prachtige zinnen in! Zo genoot ik met volle teugen als Prosper in een boze bui iemand uitscheldt voor ‘kleffe biechtvader, esoterische kruiper, begrijpende zielsdoorgronder!’.
De schrijver weet ook overtuigend heel verschillende sferen op te roepen in de verschillende verhaaldelen. Zo zijn de hoofdstukken over zijn praktijk en zijn huwelijk voornamelijk hilarisch van toon. Als je vervolgens de dagboeken van Chris zit te lezen kom je terecht in een tragische wereld van iemand met wie het maar niet wil lukken in het leven. De hoofdstukken aan het eind van het boek over de vriendendienst die Prosper voor Remco verricht zijn ongelooflijk spannend geschreven en je zit op het puntje van je stoel, hoe zal dit avontuur aflopen?
Ook de dialogen zijn zeer genietbaar, zeker door wat er niet wordt gezegd: tijdens gesprekken komen we Prospers gedachtewereld uitgebreid aan de weet; maar wat hij dan uiteindelijk zegt, is minimaal en vaak veel milder dan zijn boze gedachten.
Kortom, lezers die kunnen genieten van een goede schrijfstijl komen ruimschoots aan hun trekken in dit mooie debuut.
(december 2010)

Jeanine: Mr. Tourette en ik – Pelle Sandstrak
mr. touretteDe Noor Pelle Sandstrak schrijft in deze autobiografie over het leven dat hij lijdde (bewust met lange ij!) voordat rond zijn dertigste levensjaar wordt ontdekt dat hij het syndroom van Gilles de la Tourette heeft.  Het is een gedetailleerd en met humor gelardeerd verhaal dat begint in het Dorp ergens in het dunbevolkte noorden van Noorwegen. Op de basisschool valt hij al op door zijn rare gedrag, ingegeven door allerlei dwanggedachten. En deze worden, naarmate hij ouder wordt en zich meer in de grote-mensen-wereld begeeft, steeds heftiger.  Een normaal leven ligt niet voor de hand.  Hij raakt meer en meer in zichzelf gekeerd en wordt in de ogen van de lezer ook steeds eenzamer. Op een bepaald moment in het boek heb ik vooruit gebladerd, op zoek naar dialogen omdat ik deze eenzaamheid, zijn eenzaamheid, nauwelijks meer kon verdragen. Het gaat dan al zo slecht met hem, dat hij is ‘gedegradeerd tot figurant die zijn dwanggedachten gehoorzaamt’. De humor in zijn verhaal is op dat moment ook ver te zoeken. Bewonderenswaardig is de hoop die hij blijft houden dat het morgen beter met hem zal gaan. Dat houdt hem vele jaren lang op de been. En wordt beloond. Yes, sir! (om met Pelle Sandstrak te spreken).
Een fascinerend tot in de kleinste details verteld verhaal, waar ik, geloof het of niet, gelukkig ook veelvuldig om heb moeten lachen
(december 2010)

Casper: Clausewitz – Joost de Vries
Opmaak 1Soms bekruipt je tijdens het lezen van een recensie het gevoel dat dit niet over hetzelfde boek gaat dat jij zojuist gelezen hebt. De Volkskrant besprak het debuut van Joost de Vries, Clausewitz, kort en negatief. Ik vind dat dit boek op z’n minst een weerwoord verdient. Bij dezen. Ik ken Joost de Vries als een jonge, getalenteerde recensent bij De Groene Amsterdammer. Door zijn stukken hoorde ik bijvoorbeeld voor het eerst van ene Haruki Murakami. Ik was dus benieuwd naar zijn debuut als romanschrijver. Clausewitz stemde mij zeer vrolijk. Het is een speels boek, met een interessant gebruik van het zogenaamde Droste-effect: het gaat namelijk over een jonge wetenschapper die probeert te schrijven over een obscure Duitse schrijver, die weer schreef over… etcetera. Er volgt een literaire zoektocht die me vaak deed denken aan Possession van A.S. Byatt. Net als in dat boek creeërt De Vries een goede balans tussen de spanning van de zoektocht en de diepere vragen over schrijverschap en authenticiteit die ondertussen gesteld worden. Het hoogtepunt is wat mij betreft het bizar gruwelijke korte verhaal van bovengenoemde obscure Duitse schrijver dat midden in het boek is afgedrukt. Dus laat het hiermee duidelijk zijn: Joost de Vries heeft met Clausewitz een geslaagd debuut afgeleverd.
(december 2010)

Selma: Een geschiedenis van mijn zenuwen – Siri Hustvedt
geschiedenisTijdens de toespraak bij haar vaders begrafenis wordt Siri Hustvedt overvallen door een hevige ‘toeval’. Ze begint te trillen en heeft geen enkele controle meer over zichzelf. Als zich dit herhaalt bij een volgende herdenking van haar vader op de universiteit, waar hij werkte, gaat ze op zoek naar het waarom. Ze wil weten of haar aandoening psychologisch of neurologische oorzaken heeft.
Wat het boek zo boeiend maakt is dat Hustvedt haar zelfonderzoek begeleidt met een zoektocht door de wetenschap, literatuur en filosofie. Ze beperkt zich niet tot het heden, maar beschrijft hoe door de jaren heen tegen deze verschijnselen werd aangekeken. In haar vorige boeken (onder andere Wat me lief was en Het verdriet van een Amerikaan) had Siri Hustvedt al laten zien dat ze erg mooi kan schrijven. De mooie stijl maakt dit boek tot een genoegen om te lezen.
(december 2010)

Edith: De niet verhoorde gebeden van Jacob de Zoet – David Mitchell
zoetDavid Mitchell is pas 41, maar ik durf hem nu al een echte oeuvrebouwer te noemen. Hij heeft nu vijf romans geschreven (die allemaal zijn vertaald), waarvan de laatste – De niet verhoorde gebeden van Jacob de Zoet – onlangs verscheen.
In de eerste twee boeken (De geestverwantschap en DroomNummerNegen) zocht hij nog naar zijn vorm, leek het – het vertellen van meerdere verhalen die uiteindelijk allemaal met elkaar verband houden. Die vorm sublimeerde hij in Wolkenatlas (zijn grote doorbraak). Toen kwam er ineens een ‘gewone’ roman: het semi-autobiografische ‘uitstapje’ Dertien en werd het ineens spannend waar hij daarna mee zou komen. Dat werd dus De niet verhoorde gebeden en mijn hemel, wat een geweldig boek is dit!
Het is een historische roman over de Zeeuwse klerk Jacob de Zoet die fortuin moet gaan maken in de Oost om met zijn Anna te mogen trouwen. De Zoet is aangesteld om de boeken van de VOC te controleren op corruptie, daarmee maakt hij in eerste instantie meer vijanden dan vrienden.
De lezer stapt samen met De Zoet van boord op Deshima, het schiereilandje in de baai van Nagasaki, waar een Nederlandse handelsfactorij is gevestigd en wat volgt is een bijna zintuiglijke ervaring van alle wederwaardigheden van De Zoet en zijn landgenoten in deze vreemde enclave. Het is heel filmisch beschreven, waardoor je als lezer echt het gevoel krijgt dat je naast Jacob door de kleine straatjes loopt, langs de pakhuizen slentert en vanuit de wachttoren naar de zee staart.
In het tweede deel volg je vroedvrouw Orito, de grote liefde van Jacob, die is verbannen naar een klooster in de bergen. Het verhaal wordt dan grimmiger, zwarter, en spannender. In het derde deel richt de camera zich weer op Deshima en ben je getuige van de belegering van Deshima door het Engelse fregat Phoebus. En net als je je afvraagt hoe Mitchell het hele verhaal tot een goed einde kan brengen, tovert hij nog een onverwachte wending uit zijn hoge hoed.
En dan nog wat lovende woorden voor ‘tolken van de derde rang’ – zoals ze zichzelf veel te bescheiden achterin noemen – Damsma en Miedema: ze hebben een geweldige vertaling afgeleverd. Ik had af en toe zin om het Engels erbij te pakken, niet om ze op fouten te betrappen, maar juist om me te vergapen aan de kunstige oplossingen die ze hebben bedacht voor soms ongetwijfeld lastige vertaalkwesties. Alle personages hebben hun eigen stem, het leest als een trein en het is bovenal zeer grappig. Ik heb het boek ademloos gelezen en ben nu nog dieper onder de indruk van de vertelkunsten van Mitchell. Als hij een honderdmeterloper was, zou ik zeggen: wereldrecord, stoppen op je hoogtepunt. Nu hoop ik maar dat hij gewoon verder bouwt aan zijn oeuvre.
Een waar feest!
(november 2010)

Casper: Hoe de madonna op de maan belandde – Rolf Bauerdick
Opmaak 1De opening van dit boek klinkt als een aflevering van Midsomer Murders: een dorpspriester wordt vermoord aangetroffen en vlak daarna verdwijnt een lerares op mysterieuze wijze. Alleen speelt dit alles zich af in een bergdorpje, diep in de Roemeense Karpaten. Hier woont een curieuze mengeling van Duitsers, Hongaren, Roemenen en zigeuners, die elkaar het liefst in de haren vliegen. Het verhaal begint in de jaren vijftig, als zelfs in dit afgelegen gebied het communisme begint door te dringen. Dat de gebeurtenissen rondom de priester en de lerares iets met de communisten te maken hebben beseft al gauw iedereen. De oplossing van dit mysterie zal echter pas vele jaren later duidelijk worden, na de val van Ceauşescu. De tussenliggende periode weet Bauerdick met veel vaart te beschrijven. Hij zet de verschillen tussen alle figuren in het dorp lekker vet aan en laat op hilarische wijze zien wat de onafwendbare moderniteit voor deze mensen betekent. Het levert een smakelijk boek op.
(oktober 2010)

Anja: Wij drieën – Julia Blackburn
wij drieenIn de film Into the wild zegt een oude man tegen de jonge drop-out: ‘Je moet leren te vergeven, anders kun je niet verder met je leven.’ Tijdens het lezen van de prachtige memoires van Julia Blackburn schoten deze woorden weer door mijn hoofd. Wat heeft deze vrouw in haar jonge jaren allemaal meegemaakt! En dan in staat zijn om het op deze manier op papier te zetten. Een absolute must-read. Prachtig!
(oktober 2010)

Edith: De rest is stilte – Carla Guelfenbein
rest is stilteDe rest is stilte heeft drie perspectieven: Juan, zijn twaalfjarige zoon Tommy en Alma, stiefmoeder van Tommy en tweede vrouw van Juan. Samen vertellen ze één verhaal, maar dat klinkt gezelliger dan het is. Ze zitten alle drie op hun eigen eilandje en trekken zich steeds verder terug, drijven steeds verder bij elkaar vandaan.
Tommy heeft als hobby het afluisteren van grote mensen en als hij op een bruiloft per ongeluk de ware toedracht van het overlijden van zijn moeder (Tommy was twee toen zij stierf) oppikt, begint hij een zoektocht naar het hoe en waarom.
Juan is een briljante hartchirurg die na het overlijden van zijn eerste vrouw heeft besloten zijn gevoel weg te stoppen om niet door woede en wraakgevoelens verteerd te worden. Hij schermt Tommy – die een aangeboren hartafwijking heeft en daarom erg kwetsbaar is – af van de buitenwereld, maar heeft eigenlijk geen idee wat er in het hoofd van Tommy omgaat.
Alma verliest zich in een affaire en staat op het punt een drastische beslissing te nemen. En dan gebeurt er iets waardoor iedereen wakker geschud wordt en moet beslissen of hij van zijn eiland komt of niet.
Ondanks de zware thema’s die worden aangeroerd houdt Guelfenbein de toon licht. Naar het einde toe ging ik steeds langzamer lezen om maar geen afscheid te hoeven nemen. Toen het afscheid onafwendbaar bleek, heb ik vreselijk hard gehuild. U bent gewaarschuwd.
(september 2010)

Edith: Duisternis – Gillian Flynn
duisternisHet gebeurt niet vaak dat ik meerdere titels van één auteur lees. Ik zou wel willen, maar het ontbreekt me natuurlijk altijd aan tijd. Maar soms ben ik wel heel benieuwd naar iemands tweede boek, vooral als het eerste verrassend goed was.
Flynn is zo’n ‘geval’: na haar debuut Teerbemind was ik benieuwd of zij een eendagsvlieg was, maar nee, Flynn kan gewoon heel goed schrijven.
Duisternis gaat over Libby Day. Libby was zeven toen haar moeder en twee zusjes werden vermoord, zij is de enige getuige, haar broer wordt – mede door haar getuigenis – als dader aangewezen. Vijfentwintig jaar naar dato wordt zij benaderd door de ‘Kill Club’ – een eigenaardige club mensen die zich verdiept in oude moordzaken en overtuigd is van de onschuld van broer Ben – of zij niet wil helpen de laatste puzzelstukjes op hun plaats te duwen.
Libby heeft uiteraard allerminst zin om in haar geheugen de graven en in het verleden te wroeten, maar laat zich overhalen. Samen met Libby gaat de lezer terug naar 1985, terug naar de dagen voor de moorden. En dan blijkt het hele verhaal een onthutsende ontknoping te hebben.
Duisternis zit heel goed in elkaar, maar is vooral razend goed schreven. Het is scherp en het schuurt. Libby is als een asielkatje dat blaast en krabt maar dat je toch steeds weer probeert te aaien.
(augustus 2010)

Edith: 2010 zo werden wij wereldkampioen – Patrick Bernhart
vprug-2010-OranjeWK.inddHad u de finale van het WK-voetbal ook liever anders gezien? Lees dan dit boek. Bernhart doet net alsof hij in 2018 terugblikt op het WK van 2010 en bij hem zijn we wel wereldkampioen geworden. Bernhart knipt, plakt en fantaseert er lustig op los, met als resultaat een vrolijk soms wat melig boek (omdat het vanuit 2018 is geschreven legt hij bijvoorbeeld uit wat Twitter is, want dat is in 2018 natuurlijk allang weer uit). Het idee is aardig, de uitwerking had strakker gekund, maar zelfs na het toernooi is het nog grappig om dit te lezen omdat Bernhart de waarheid soms akelig dicht nadert. Een vrolijk boek voor iedereen die de nare finale graag wil verdringen.
(augustus 2010)

Anja: Ik houd van u – Nicole van Nierop
ik houNicole van Nierop heeft een opmerkelijk debuut geschreven over een jong meisje, Alice, wiens moeder niet in staat is van haar te houden en die het gezin verlaat als Alice nog maar acht of negen jaar oud is. Wat gebeurt er dan allemaal met een kind? Vooral met een te vroeg oud geworden kind die een zeer grote verbeeldingskracht heeft? Erg knap geschreven. Een aanrader!
(augustus 2010)

Jan: Architectuur in Nederland – Jaarboek 2009/2010
architectuurDe verschijning van het Architectuurjaarboek is elk jaar weer een feest. De mooiste gebouwen die in het afgelopen jaar zijn gerealiseerd trekken fraai gefotografeerd (altijd mooi weer!) aan je voorbij. Maar dit jaar hangt er een donkere schaduw over de architectuurwereld, die niet in de mooie plaatjes tot uiting komt, maar wel in de in het boek opgenomen essays: de gevolgen van de economische crisis. Het aantal opdrachten bij architectenbureaus is in 2009 gehalveerd; het aantal werkenden is met een derde afgenomen.
Ook worstelt het jaarboek met een ander aspect van de tijdgeest: de nieuwe traditionalistische architectuur die de laatste jaren een enorme vlucht heeft genomen. In een interessant artikel komen de pro’s en contra’s van deze stroming uitgebreid aan bod. Maar ondertussen heeft de redactie geen enkel nieuw-traditioneel bouwwerk in de projectkeuze opgenomen. En dat al meerdere jaren achtereen. En dat vind ik wel terecht. Recente gebouwen die honderd jaar geleden lijken te zijn gebouwd, dat is toch een uiting van creatieve armoede?
(augustus 2010)

Anja: Vernedering – Philip Roth
RothMan gaat neer, een gevierd acteur… staat op een dag op het toneel en weet dat hij ‘het’ kwijt is. Hij voelt dat het ook niet meer terug zal komen. Meer wil ik hier over de inhoud niet kwijt. Dat zou zonde zijn van het leesgenot. Prachtig ingetogen verteld, onopgesmukt. Puur leesgenot!
(augustus 2010)

Edith: Onderstroom – Arnaldur Indridason
Onderstroom-15,5x23,5cm-cmyk:HoningvalHet is inmiddels bekend: in Noord-Europa zijn ze goed in het schrijven van thrillers. De IJslandse Indridason heeft zijn sporen inmiddels ook ruimschoots verdiend. Het concept is eenvoudig: men neme een politie-inspecteur (in dit geval de vrouwelijke Elínborg) met flink wat privésores (in dit geval een zoon die niet wil deugen) en een hobby (in dit geval Indiaas koken) en een moordzaak die in eerste instantie een abc’tje lijkt maar toch meer denkwerk vereist (in dit geval een vermoorde verkrachter). Het resultaat is een onderhoudende whodunit met veel colour locale. Fijn voor de vakantie.
(juli 2010)

Jan: Sorry – Zoran Drvenkar
sorrySorry is de eerste thriller die ik in jaren heb gelezen. Thrillers zijn ‘niet zo mijn ding’ , om met Paulien Cornelisse te spreken. Deze gedachte is aan herziening toe, zeg ik, nu ik deze voortreffelijke pageturner uit heb. Sorry vertelt het verhaal van vier jonge mensen in Berlijn, die een bureau oprichten om namens anderen excuses aan te bieden. Hun opdrachtgevers zijn personen en instellingen die dit zelf te moeilijk vinden. Ze verdienen er veel geld mee. Totdat ze op een goede dag hun verontschuldigingen moeten aanbieden aan een vrouw die gruwelijk om het leven is gebracht… Wat volgt is een heel spannend en goed verteld avontuur. Zoran Drvenkar deinst niet terug voor een flink portie geweld, seksueel misbruik van kinderen en meer afschrikwekkends. De opbouw van het verhaal is goed (het verhaal wordt steeds ingewikkelder en de spanning stijgt tot grote hoogte) en de zinnen zijn fijn gecomponeerd. Hij is erin geslaagd om mij aan zijn boek gekluisterd te houden tot de laatste bladzijde.
(juni 2010)

Edith: Mama Tandoori – Ernest van der Kwast
mama tandooriMama Tandoori is eigenlijk een verhalenbundel, maar alle verhalen hebben dezelfde hoofdpersoon: de Indiase moeder van Ernest van der Kwast. De stijl is vlot en bij vlagen hilarisch (‘Als iets in de aanbieding is, kan ze het niet laten staan. […] Ooit is ze thuisgekomen met kattenvoer, hoewel we nog poes noch kater in huis hadden. Mijn moeder sprak de gevleugelde woorden: “Het was een aanbieding.” […] Mijn vader wilde de lading kattenvoer niet in huis nemen. “We hebben een cavia,” riep hij uit. Maar mijn moeder trok zich daar niets van aan. […] De cavia weigerde zijn nieuwe voedsel tot zich te nemen. Het kwam hem op een donderpreek over oorlog en negen broers en zussen te staan, en erger nog: op een rantsoen van één slablaadje per week.’), maar ik vond het vaak ook heel ontroerend. Hoe meer je te weten komt over de afkomst van moeder, hoe meer sympathie je voor haar krijgt, ondanks haar onmogelijke karakter. Ook de scènes met de geestelijk gehandicapte oudste broer van Ernest en de hoop die moeder houdt op een goede toekomst voor de jongen (‘Dit is Ashirwad, hij slaat binnenkort vijf klassen over.’) vond ik zeer ontroerend.
Van der Kwast groeit in zijn schrijversschap.
Ook zeer geschikt voor de middelbareschoolleeslijst.
(juni 2010)

babyhuisAnja: Het babyhuis – Liefke Knol
Liefke Knol stuitte op een indrukwekkend fotoalbum van het Babyhuis Prinsess Margriet in Groningen en kreeg inzage in dertien levens tijdens de Hongerwinter in Amsterdam. Middels de foto’s, brieven en interviews schetst zij een indringend beeld van het dagelijkse gevecht om te overleven en de zorg om de kinderen. Een bijzonder boek. Ik was eerst van plan om een of twee verhalen te lezen, maar ik heb het hele boek in één een adem uitgelezen.
(juni 2010)

Edith: Bakfietsblues – Maaike Schutten
bakfietsbluesBakfietsblues gaat over Max en Noor en hun zoontje Junior die hun oude etage in de binnenstad van Amsterdam inruilen voor een riant rijtjeshuis op IJburg, sorry, Nieuwburg.
Eigenlijk gaat dit boek over Noor, Noor die zomaar ineens op IJ- sorry, Nieuwburg woont, zonder dat iemand haar iets had verteld, Noor die ineens helemaal met de tram naar haar hippe baan moet in plaats van lekker op de fiets, Noor die ineens bij het schoolplein staat te wachten met allemaal geslaagde ouders van zo mogelijk nog geslaagdere kinderen. Arme Noor.
En terwijl Max recepten uitwisselt met de buurman en Junior echt zijn best doet zijn draai te vinden op zijn nieuwe school, vindt Noor zichzelf eigenlijk alleen maar ontzettend zielig. Dus wat doet Noor, uit angst voor de burgerlijkheid van een gelukkig gezinsleven? Natuurlijk, ze stort zich in de uitgaansscene, slaat als een opgewonden puber aan het flirten en leeft zich uit met drank en drugs.
En terwijl Max het decor timmert voor de schoolmusical en Junior zich inleeft in zijn rol als paard, maakt Noor het bonter dan bont, tot ze o, noodlot, tot inkeer komt.
Bakfietsblues is een eendimensionaal verhaal waarvan je op pagina zes al weet hoe het afloopt, maar dat je toch uit moet lezen. Het is af en toe best geestig en ook de versleutelingen van bepaalde personages zijn wel vermakelijk, al maakt ze het de lezer niet al te moeilijk. Zo heet bijvoorbeeld de lange-vrouwenverslindende-slangenlerenlaarzen-dragende talkshowpresentator met warrige haardos – in wie wij niemand minder dan Jeroen Pauw herkennen – gewoon Jeroen.
Grappig detail: de titel doet anders vermoeden, maar in het hele boek komt nauwelijks een bakfiets voor. Misschien moeten we de titel dan ook anders interpreteren: had Noor maar een bakfiets gehad, dan had ze het vast veel sneller naar haar zin gehad op Nieuwburg.
Een mustread voor iedereen die ook maar een beetje overweegt naar IJburg te verhuizen en voor iedereen die er al woont natuurlijk.
(juni 2010)

Casper: Logicomix – Apostolos Doxiadis
logicomixNadat ik een paar maanden geleden al aangenaam verrast was door Maus van Art Spiegelman, was het nu Logicomix dat de graphic novel van z’n beste kant liet zien. Je zou het eigenlijk een schets van het leven van filosoof Bertrand Russell moeten noemen, gekruist met een overzicht van enkele belangrijke ontwikkelingen in de wiskunde en de logica uit zijn tijd. Klinkt saai? Wellicht. Maar ik heb in tijden niet zo snel achter elkaar doorgelezen, zo spannend was die logica. Er gaat een aanstekelijk vertelplezier van dit boek uit en een oprechte wil tot weten. Ik moet uitkijken, straks word ik nog fan van graphic novels.
(juni 2010)

Edith: En we vergeten omdat het moet – Maggie O’Farrell
Evergetenn we vergeten omdat het moet is alweer de vijfde roman van Maggie O’Farrell, maar pas de tweede die in het Nederlands vertaald is. Het is een heerlijk boek waarin een vertrouwd concept wordt toegepast: twee verhalen worden door elkaar verteld (om en om een hoofdstuk) maar blijken uiteindelijk meer met elkaar gemeen te hebben dan je in eerste instantie zou denken.
Eén verhaallijn volgt het onstuimige leven van Lexie Sinclair die zich op zeer jonge leeftijd als plattelandsmeisje laat veroveren door de flamboyante Innes Kent en zich onderdompelt in het kunstenaarsmilieu van Londen in de jaren zestig. Daartegenover staat het verhaal van Elina en Ted in het Londen van nu. Elina’s wereld is vele malen kleiner dan die van Lexie: ze heeft net een zoon gekregen en moet na een zware bevalling het leven opnieuw uitvinden. Ze voelt zich opgesloten in huis, is moe en bezorgd, maar verwondert zich ook over de nieuwe kracht die ze voelt: moederliefde.
En we vergeten omdat het moet is heerlijk meeslepend, het ideale Moederdagboek. Ook zeer geschikt voor op de vakantiestapel.
(mei 2010)

Selma: We gaan als het donker wordt – Serko Fatah
we gaanDe Irakese puber Kerim verliest zijn vader en neemt het eetcafé over om zijn familie te onderhouden. Hij wordt vervolgens ontvoerd door jihadstrijders, die hem inpalmen met hun radicale ideeën. Bij één van hen, ‘de Leraar’, voelt Kerim zich echter goed thuis; hij is een soort vaderfiguur voor hem.
Hij ontsnapt en komt uiteindelijk in Berlijn terecht, waar hij vrijheid vindt maar zich bewust wordt van het missen van een thuisgevoel.
Een verhaal met een veelheid aan gebeurtenissen. Het roept vragen op over identiteit en religie. Het boek boeide mij en ik wilde steeds weten hoe het verder zou lopen. Maar soms had ik het idee dat Sherko Fatah teveel wil vertellen. Daardoor is het ook een wat ‘vlak’ verhaal geworden; zo komt bijvoorbeeld het karakter van Kerim niet goed uit de verf.
(mei 2010)

Fred: De tweespalt na de Profeet – Lesly Hazleton
tweespaltIedereen weet tegenwoordig wel van het bestaan van verschillende groepen binnen de Islam, zoals soennieten en sjiieten. Maar wat nu precies de verschillen zijn en hoe en wanneer deze stromingen zijn ontstaan, daar verschaft De tweespalt na de profeet een helder inzicht in. Het boek is aanstekelijk geschreven, zodat dit non-fictie boek leest als een roman. Het gaat natuurlijk vooral over macht. Meeslepend, spannend en leerzaam.
(mei 2010)

Anja: Spaghetti Spoetnik – Tonie Mudde
spaghettiWat te lezen als je Buzz Aldrin, De grens en Priemgetallen mooi vond? Spaghetti Spoetnik van Tonie Mudde! Een prachtige roman met een bitterzoete sfeer en een geheel eigen stemgeluid. Ik heb het boek met veel plezier achter elkaar uitgelezen. Het heeft mij vermaakt, ontroerd en geraakt. Een parel!
(mei 2010)

Fred: De uitvinding van de mensheid – Siep Stuurman
uitvindingEen intrigerend boek. Vooral om te zien hoe de ‘uitvinding’ van de godsdienst heeft bijgedragen aan de ‘uitvinding’ van de mensheid. Naarmate de organisatie van de volkeren van nomadische stammen tot landbouwers en stadsbewoners steeds ingewikkelder werd, werd het steeds belangrijker om andere volkeren gastvriendschap te verlenen omdat dat bevorderlijk was voor uitwisseling van ideeën, de handel en natuurlijk het voorkomen van conflicten. Iets wat ook in ons tijdsgewricht zeer belangrijk is. Dus ik zeg: lezen dit boek.
(april 2010)

Marianne: Zeitoun – Dave Eggers
zeitounDit boek gaat over de nasleep van de orkaan Katrina in New Orleans. Dave Eggers beschrijft de lotgevallen van Zeitoun, een overlevende van de overstroming, die ervoor heeft gekozen niet weg te vluchten uit de stad. Het persoonlijke verhaal maakt, hoewel door Eggers soms wat afstandelijk verteld, dat je goed kunt invoelen hoe enorm de gevolgen waren voor de mensen in New Orleans. Dave Eggers laat ook haarfijn zien hoe overdreven paniekerig de Amerikaanse overheid op de ramp reageerde. Ronduit schrijnend zijn de beschrijvingen van de arrestatie en gevangenneming van Zeitoun, die echt niets slechts op zijn geweten heeft.
(april 2010)

Edith: Vrouw met bloem zoekt man met baard – Floor Westerveld
vrouw met bloemOok zin in de lente? Lees dan Vrouw met bloem zoekt man met baard en in je hoofd is het een en al opwaaiende zomerjurk.
Het gegeven is simpel: Bobby (met bloem) ontmoet Thomas (met baard). De vonk slaat meteen over, ook al doen ze allebei heel erg of dat niet zo is. Thomas woont samen met zijn vriendin en wil die relatie niet zomaar beëindigen voor een raar meisje dat hij eigenlijk niet kent en Bobby heeft geen zin in de zoveelste onmogelijke verliefdheid. Maar ja, zoals het ware liefde betaamt worden alle moeilijkheden overwonnen en komt het uiteindelijk toch nog allemaal goed.
Een vrolijk, fris geschreven niemendalletje. Een fijne opmaat naar het voorjaar!
(april 2010)

Géraldine en Mieke: De stad waar je tenslotte aankomt – Peter Cameron
stadEen een jonge student heeft een beurs gekregen om de biografie te schrijven van een beroemde overleden schrijver. Als de erven geen toestemming verlenen reist de student naar Uruguay om de familie te overtuigen. Hij maakt kennis met de echtgenote en de vriendin van de schrijver en met zijn broer en diens partner. Hoewel de student bescheiden is en zich op de achtergrond houdt, verandert met zijn komst het leven van de betreffende mensen in Uruguay ingrijpend.
Een heerlijk boek met een zeer verrassend en ontroerend einde. Heel jammer dat het uit is, het doet je verlangen naar veel meer van hetzelfde.
(april 2010)

Casper: Jeugd zonder jeugd – Mircea Eliade
jeugdDit is geen gemakkelijk boek, maar het is een Roemeens boek en dus wilde ik het lezen. Eliades stijl oogt alledaags en de dingen die hij beschrijft ook, maar schijn bedriegt. Vanuit het niets gebeuren plotsklaps de gekste dingen, dingen die me deden denken aan The curious case of Benjamin Button, maar ook aan Indiana Jones and the last crusade. Misschien kreeg ik die filmassociaties door te lezen dat Francis Ford Coppola naar dit boek Youth without youth maakte. Hoe dan ook, laat vóór die film zeker dit bijzondere boek niet aan u voorbijgaan.(maart 2010)

Mieke: Laat de aarde draaien – Colum McCann
laat aardePhilippe Petit liep op 7 augustus 1974  over een kabel tussen de Twin Towers. Hij liep acht keer heen en weer, danste erop en op een zeker moment ging hij er zelfs op liggen. Na drie kwartier moest hij zijn actie staken omdat anders de politie hem eraf zou halen. Toen hij, omringd door politie en journalisten, weggevoerd werd, vroeg men hem: ‘Waarom?’‘Er is geen waarom’, antwoordde Philippe. In 2009 schreef Colum McCann het boek Laat de aarde draaien. Hij beschrijft daarin hoe deze dag verloopt  in  het leven van een aantal mensen die op dat moment in de buurt zijn van de Twin Towers. De dag en de wereld die erachter ligt. Een wereld van verdriet en pijn en saamhorigheid. Een prachtig boek dat je bijblijft door de herkenning.(maart 2010)

Marijke: Dorsvloer vol confetti – Franca Treur
125 x 200 WTJe wordt meegevoerd in het dagelijks leven op een boerderij in Zeeland. Gezien door de ogen van de twaalfjarige Katelijne, enige dochter met zes broers. Franca Treur schrijft op een lichte toon over een streng geloof. Liefdevol en boeiend met scherpe observaties. Een fijn boek.
(maart 2010)

Jan: Verzameld werk 1 – Karel van het Reve
reve verzameldIk interesseer me voor het communisme, de tijd van de koude oorlog en hoe die tijd in Nederland is beleefd. Karel van het Reve kwam uit een communistisch nest en was er aanvankelijk ook van overtuigd dat wat er in Rusland gebeurde het goede was. Daar is hij steeds genuanceerder over gaan denken. In zijn Verzameld werk is zijn steeds kritischer wordende opstelling mooi te volgen. Van het Reve lezen is ook een groot plezier omdat hij zo’n heerlijke schrijfstijl heeft: eenvoudig en vaak erg grappig.(maart 2010)

Casper: Beste reiziger – Philibert Sgocht
beste reizigerEen lange treinreis, Berlijn, wat te lezen? Een geschikt reisboek is Beste reiziger, bijvoorbeeld vanwege de kansloze, over het paard getilde hoofdpersoon, een reisgidsenschrijver. Maar meer nog vanwege de voortdurend licht ironische toon, waardoor het boek, en de reis, ongemerkt voorbijvliegt. Beste reiziger, neemt Schogt mee.
(maart 2010)

Mieke: Het verhaal van de olifant en de goochelaar of Hoe Peter zijn zusje terugvond – Kate Di Camillo (vanaf 8 jaar)
Kate DiCamillo (Page 1)Op een dag verschijnt een waarzegster op het marktplein van Baltese. Peter gaat naar haar toe om de vraag te stellen die hem sinds jaren bezig houdt: leeft zijn zusje nog? En als ze nog leeft, waar kan hij haar dan vinden? De waarzegster geeft een geheimzinnig antwoord: ‘De olifant, je moet de olifant volgen.’ Peter begrijpt er niets van, maar dezelfde avond laat een goochelaar een olifant door het dak van het theater vallen. En dat is nog maar het begin van het wonderlijke, waargebeurde verhaal.Kate Di Camillo schrijft sprookjesachtig mooi. Het is een feest om haar boeken te mogen voorlezen.
(maart 2010)

Fred: Het grootste spektakel van de wereld – Richard Dawkins
grootsteDe evolutie overtuigend en helder uitgelegd. Veel ingewikkelde dingen, die ik vroeger nooit snapte, begrijp ik nu.
(februari 2010)

Jeanine: Ademschommel – Herta Müller
ademschommelEen verhaal met een zwaar onderwerp. De Duitse gemeenschap in Roemenië wordt na de oorlog  zwaar getroffen; alle mannen en vrouwen tussen de zestien en zesenveertig worden verbannen naar Russische werkkampen. De taal van Herta Müller is poëtisch waardoor het boek, ondanks de alom tegenwoordige ellende, toch een lichte toon heeft.(februari 2010)

Terug naar boven

Terug naar home