79.120 resultaten

Vuurduin

'Ik kan de zeepokken niet vinden. Het is een warme zaterdagnamiddag in september, ik ben net aangekomen op het eiland en loop langs het water in de haven. Ik ben hier bijna twintig jaar niet geweest.' In Vuurduin gaat Eva Meijer een week naar Vlieland, op zoek naar wat verdwijnt. Het ecosysteem van de wadden staat onder druk, maar er liggen ook delen van haar eigen geschiedenis op het eiland, stukken tijd die nooit meer terugkomen. Alles verdwijnt natuurlijk: familie, geliefden, huisdieren, gebeurtenissen. En de natuurlijke wereld laat ons zien dat dat erbij hoort – het is de stof waar we uit geweven zijn. Tegelijkertijd verdwijnt de levende wereld waarin dit alles ingebed is zelf in razende vaart: diersoorten sterven uit, ecosystemen gaan eraan, de permafrost smelt, onze winters worden herfst. Met behulp van schrijvers, filosofen, kunstenaars en hond Doris gaat Meijer op zoek naar de juiste woorden voor dit verlies, en voor wat we ertegenover kunnen zetten.

Het wonder van betekenis

Ons denken wordt uitgedaagd door het grootste wonder dat er is: dat er betekenis bestaat. Dat wij niet anders kunnen dan betekenis zien, horen, voelen, ruiken, kennen. Die betekenis is er niet zonder ons. Wat zou er überhaupt kunnen zijn zonder ons?’ – Paul van Tongeren Denker des Vaderlands Paul van Tongeren is iemand aan wie je eindeloos vragen wilt blijven stellen. Zijn antwoorden zetten je onbevangen aan het denken. Van Tongeren is een ideale gespreksgenoot: uitdagend, meeslepend en altijd goed te volgen. Paul van Tongeren (1950) was hoogleraar wijsgerige ethiek in Nijmegen, Leiden en Leuven. Zijn boeken over levenskunst en over Nietzsche zijn in meerdere talen vertaald. Voor de periode 2021-2023 is Van Tongeren benoemd tot Denker des Vaderlands. Marc van Dijk (1979) is journalist, kinderboekenschrijver en kunstenaar. Hij schrijft over filosofie voor Trouw en Filosofie Magazine. Marc van Dijk reisde met hem mee naar Kreta, waar de filosoof een cursus gaf over geluk bij Aristoteles. Hij interviewde Van Tongeren over filosofie, geloof, verwondering en dankbaarheid. Hoe kan de 21ste-eeuwse mens leven, verdeeld tussen de orde van Aristoteles en de chaos van Nietzsche? Een reisverslag gewijd aan het geluk, de leegte en het wonder.

Socrates op sneakers

Met Socrates op sneakers tackelt praktisch filosoof Elke Wiss de kunst van een goed gesprek. In een tijd waarin iedereen door elkaar roeptoetert en meningen al snel dezelfde waarde als feiten krijgen, is de verbinding vaak ver te zoeken. We proberen de ander eerder te overtuigen van ons gelijk dan dat we samen op zoek gaan naar wezenlijke antwoorden. Veel van onze gesprekken hebben daardoor meer weg van een debat dan van een dialoog. We praten liever dan dat we luisteren, voor vragen stellen hebben we geen tijd. En toegeven iets niet te weten is al helemaal geen optie. Hoe mooi zou het zijn als je op elk moment en in iedere situatie weet hoe je precies díé vraag stelt die leidt tot een goed gesprek? In Socrates op sneakers leert Elke Wiss je hoe je dat doet. Met Socrates en andere filosofen als inspiratiebron laat zij zien waarom we zo slecht zijn in het stellen van goede vragen, én hoe we er beter in worden. Socrates op sneakers leert je de vaardigheden die nodig zijn om die vragen te stellen die verrassen en aan het denken zetten. Zodat we gesprekken voeren die leiden tot verdieping en verbinding. Met een ander, én met jezelf. Genomineerd voor Beste Spirituele Boek 2021.

Eindelijk volwassen

‘Ik wil met dit boek een voorstel doen voor een ander script voor de tweede levenshelft, dat je helpt om er zin in te krijgen.’ Geloof je in het ideaal van de leeftijdsloze oudere? Of zie je ouderdom vooral als verval? Waar het eerste beeld een illusie verkoopt, is het tweede een domper. Frits de Lange geeft een eigenwijs derde scenario: de wijze oudere. In de tweede levenshelft leren we onszelf beter kennen en relativeren. Dat helpt je om met meer compassie naar de wereld te kijken, je in te spannen voor toekomstige generaties en minder bang te zijn om te sterven.

Waarom schurken pech hebben en helden geluk

Heeft een miljonair recht op zijn rijkdom? Moeten we zelfs een moordenaar vergeven? En kan een mens ooit zijn lot veranderen? Het hangt allemaal af van ons antwoord op een fundamentele vraag: hebben we een vrije wil? Filosofen twijfelen al eeuwen over het antwoord hierop, en sinds decennia roepen biologen en neurologen dat de vrije wil niet bestaat. Ieder jaar stapelt het bewijs tegen de vrije wil zich verder op: we zijn een product van onze genen, van onze geschiedenis en van onze omstandigheden. Toch laat de vrije wil ons niet los. Deze mythe heeft meer invloed dan ooit – in ons strafrecht, onze economie en onze zoektocht naar geluk. Jurriën Hamer denkt verder waar anderen terugdeinzen en stelt de rol van de vrije wil ter discussie. Waarom schurken pech hebben en helden geluk is een confronterend debuut met radicale implicaties voor onze manier van leven – van onze politiek tot onze meest intieme relaties.

De goede voorouder

Onder alle grote problemen waar de wereld mee worstelt, ligt één kraakheldere oorzaak: we denken alleen aan de korte termijn. In dit urgente en praktische filosofieboek breekt bestsellerauteur Roman Krznaric het debat hierover open. Hij beschrijft de geschiedenis van dit kortetermijndenken en schetst hoe we verder kunnen kijken dan onze eigen generatie lang is. Krznaric beschrijft een nieuwe manier De grote problemen van onze tijd gaan allemaal terug op één ding: we denken alleen aan de korte termijn. Dat denken koloniseert de toekomst. Je ziet het in het bedrijfsleven, de politiek en het persoonlijk leven. Zo ontstaat steeds meer ongelijkheid tussen bevolkingsgroepen en nemen existentiële dreigingen toe. We staan aan de rand van de afgrond. Toch is er hoop, volgens Roman Krznaric. Om goede voorouders te worden moeten we onder meer onze economie en politiek radicaal omvormen – een enorme opgave. Maar onder die ambitieuze doelen ligt iets wat we zelf kunnen doen: onze kortzichtigheid inruilen voor langetermijndenken. Krznaric onthult zes praktische manieren om onze hersenen hierin bij te scholen. Dan verschuiven we de loyaliteit van onze eigen generatie naar de hele mensheid, en kunnen we onze planeet en onze toekomst redden. De belangrijkste vraag die we onszelf moeten stellen is: ‘Zijn we een goede voorouder?’. 'Krznaric is uitgegroeid tot een van de meest prominente stemmen in de filosofische en politieke beweging die pleit voor meer langetermijndenken. ' - NRC 'In De goede voorouder verzamelt Krznaric prachtige ideeën [...] Zeer leesbaar en hoopgevend.' - Trouw 'Een indrukwekkend boek.' - Knack

Het rechtvaardigheidsgevoel

Waarom zijn conservatieve en progressieve mensen het zo oneens over politiek en religie? Volgens sociaal psycholoog Jonathan Haidt ligt dit aan de manier waarop het brein werkt. Conservatieven en progressieven vinden instinctief verschillende waarden belangrijk. Deze waarden verbinden ons met een gemeenschap, maar verblinden ons tegelijk voor het standpunt van de ander. Volgens Haidt is kennis van dit proces het begin om dichter bij elkaar te komen. Dit invloedrijke, nu al klassieke boek is voor het eerst in het Nederlands vertaald.

Het leven van de geest

‘Het leven van de geest’ is het laatste hoofdwerk van Hannah Arendt. In dit boek ontvouwt ze haar ideeën over de mogelijkheden van de menselijke geest. Ze onderscheidt drie capaciteiten die iedereen bezit: denken, willen en oordelen. Tot haar dood bleef ze aan dit opus werken. Van het laatste deel, dat onvoltooid is gebleven, is hier het concept opgenomen. Dit is internationaal gezien de eerste editie die al het materiaal in één band samenbrengt: een filosofische sensatie van de eerste orde.

Geloof in geweld

Schokkende aanslagen door moslimextremisten staan in ons geheugen gegrift, maar religieus geweld is allerminst het exclusieve domein van de radicale islam. Het is zo oud als de mens en zo actueel als het laatste nieuws. Militante white supremacists in de vs beroepen zich op christelijke waarden, het boeddhistische Myanmar dreef met geweld de islamitische Rohingya het land uit en hindoe-fundamentalisten in India botsen hardhandig met de moslimbevolking. Zit geweld ingebakken in het DNA van religie? Hoe moeten we de verschillende vormen van fundamentalisme en hun vaak extreme vrouwvijandigheid beoordelen? ‘Ik wil begrijpen hoe religies kunnen ontsporen’, zo motiveert Hans Achterhuis de filosofische zoektocht die hij in 'Geloof in geweld' onderneemt. Hij combineert daarbij grote thema's uit zijn oeuvre, zoals religie, utopisme en geweld, en analyseert stap voor stap hoe mensen tot geweld komen vanuit een hoger, vaak goddelijk geacht, idee of doel. De grote religies worden nauwgezet ontleed, ook het premoderne polytheïsme, dat in veel hedendaagse geweldsuit barstingen doorwerkt, en communisme en fascisme, die hij als politieke religies beschouwt. Zo verbindt hij het geweld waarover wij dagelijks in de krant lezen met de hoofdkenmerken van onze menselijke conditie.

Dier en mens

Het eerste alomvattende werk in het Nederlandse taalgebied over de veranderende kijk op mens-dierrelaties. Onze kennis van dieren beperkte zich eeuwenlang tot de biologie: we beschreven het leven van diersoorten. Het dierlijke gedrag zagen we als het resultaat van instincten. Intelligentie bij dieren was inferieur, en zonder al te veel bewijs gingen we ervan uit dat ze geen emoties kennen. Onze relaties met dieren zijn eeuwenlang volstrekt hiërarchisch geweest: wij bepaalden wat we met ze deden. Dat was geen enkel probleem want ze zeiden niets terug, ze verzetten zich nauwelijks. De wereld is veranderd. Dieren blijken ook taal en cultuur, ideeën en gevoelens te hebben. Velen van ons rekenen hond en kat tot de familie. En waarom zou dat niet ook voor koeien en kippen, olifanten en dolfijnen gelden? Wat zijn de filosofische en juridische implicaties van een dergelijke vraag? Kortom: wat als alle dieren, ook de niet-menselijke, een individu zijn, die naast een bio-logie ook een bio-grafie hebben? Dier en mens is een inleiding in het snelgroeiende terrein van mens-dierstudies, waarin nieuwe inzichten vanuit diverse disciplines – filosofie, kunst, sociologie, recht, biologie en meer – bij elkaar komen. Door dit boek leer je met nieuwe ogen te kijken naar andere dieren – met de ogen van een dierenmens. Maarten Reesink is werkzaam bij de afdeling Media en Cultuur en het Instituut voor Disciplinaire Studies van de Universiteit van Amsterdam, waar hij sinds 2008 college geeft over mens-dierstudies (Human-Animal Studies). ‘Verzet zich tegen de menselijke superioriteit waar dieren op grote schaal slachtoffer van worden.’ – ●●●● NRC Handelsblad

Vuurduin Display met 10 exemplaren essay Maand vd Filosofie 2021

'Ik kan de zeepokken niet vinden. Het is een warme zaterdagnamiddag in september, ik ben net aangekomen op het eiland en loop langs het water in de haven. Ik ben hier bijna twintig jaar niet geweest.' In Vuurduin gaat Eva Meijer een week naar Vlieland, op zoek naar wat verdwijnt. Het ecosysteem van de wadden staat onder druk, maar er liggen ook delen van haar eigen geschiedenis op het eiland, stukken tijd die nooit meer terugkomen. Alles verdwijnt natuurlijk: familie, geliefden, huisdieren, gebeurtenissen. En de natuurlijke wereld laat ons zien dat dat erbij hoort – het is de stof waar we uit geweven zijn. Tegelijkertijd verdwijnt de levende wereld waarin dit alles ingebed is zelf in razende vaart: diersoorten sterven uit, ecosystemen gaan eraan, de permafrost smelt, onze winters worden herfst. Met behulp van schrijvers, filosofen, kunstenaars en hond Doris gaat Meijer op zoek naar de juiste woorden voor dit verlies, en voor wat we ertegenover kunnen zetten. !! display met 10 exemplaren !!

De zijkant van de filosofie

Sprankelend twistgesprek over de rol van vrouwen in de geschiedenis van de filosofie. Iedereen kent Socrates, Kant en Nietzsche. Maar hoe zit het met Theano, Porete, Cereta en Salomé? Ken je die? Of denk je bij die namen eerder aan exotische gerechten dan aan beroemde filosofen? Als dat zo is, dan ben je geen uitzondering. Filosofie is lang voorgesteld als een mannending, terwijl vrouwen toch ook vanaf het prilste begin van de mensheid filosoferen. In dit boek gaan Aline D’Haese en Frank Meester samen de strijd aan om het vrouwelijke denken over het voetlicht te brengen. In een sprankelende en luisterrijke dialoog nemen ze de lezer mee door de geschiedenis van de vrouwelijke filosofie. Vrouwen kunnen niet denken? Wat een onzin. Ze filosoferen misschien wel beter dan mannen. Frank Meester (1970) is filosoof, schrijver en initiatiefnemer van de filosofische denktank Nieuw Licht. Hij schreef onder meer Zie mij, Islam en samen met Stine Jensen het door de griffeljury bekroonde kinderboek Hoe voed ik mijn ouders op? Onder de naam Gebroeders Meester had hij met zijn broer Maarten een column in de Volkskrant en publiceerde hij de bestseller Meesters in de filosofie. Aline D’Haese (1976) studeerde klassieke talen aan de KU Leuven. Daarna studeerde ze summa cum laude af in de wijsbegeerte. Ze is docent Latijn, Grieks en filosofie en is verbonden aan de Universiteit van Leuven. Ze leverde een bijdrage aan Diner pensant, en aan het werkboek van Het goede leven en de vrije markt. ‘Nee, D’Haese is niet de feministe pur sang die – poets wederom poets – het alleen maar over de vrouwen wil hebben. Nee, Meester is niet de hardleerse man die bij zijn macho-mening blijft – enkel echte mannen kunnen denken, schaken en voetballen. We beluisteren hier al snel twee toegankelijke denkers die in een fijn gecomponeerd rollenspel of, zoals je wil, een platoonse dialoog een levendig gesprek voeren op zoek naar historische rechtvaardigheid.’ – ★★★★★ De Standaard

Spinozaland

‘Spinozaland is méér dan een roman. Bovendien laat het zien dat deze eerste “spinozisten” allesbehalve wereldvreemde metafysici waren.’ – Wiep van Bunge, hoogleraar in de geschiedenis van de filosofie Vaak wordt gedacht dat de Amsterdamse filosoof Spinoza, nadat hij door de joodse gemeenschap in de ban werd gedaan, in alle eenzaamheid tot zijn radicale en nog altijd zeer invloedrijke ideeën kwam. Maar niets is minder waar. Spinoza had veel vrienden, zowel binnen als buiten Nederland. Zij becommentarieerden zijn werk, en leverden een grote bijdrage aan de ontwikkeling van zijn denkbeelden. Velen van hen maakten deel uit van de kring verlichte geleerden, dichters en staatslieden uit de zeventiende eeuw, zoals Christiaan Huygens, Gottfried Leibniz en de gebroeders De Witt. Dit baanbrekende boek schetst op erudiete wijze de wereld van Spinoza: mannen en vrouwen die hartstochtelijk op zoek zijn naar vrijheid en naar de waarheid. We maken kennis met onder anderen de gedreven Saul Morteira, opperrabbijn van de joodse gemeenschap, die zijn briljante leerling Spinoza tot zijn grote spijt ‘de verkeerde kant’ op ziet gaan. Met uitgever Jan Rieuwertsz, die er niet voor terugschrikt de meest opruiende boeken van zijn tijd te publiceren. En met latinist en geleerde Franciscus van den Enden, die wel wordt beschouwd als Spinoza’s filosofische leermeester. In dit verhaal wordt de wereld van Spinoza op schitterende wijze tot leven gebracht. Met veel kennis van zaken weet Rovere zowel de zeventiende eeuw als de filosofie van Spinoza voor iedereen toegankelijk te maken.

Het wilde deel van de wereld

Vooraanstaande filosofe verkondigt nieuw geluid in de discussie over het antropoceen: De natuur blijft! In het antropoceen stelt de mens zichzelf centraal en probeert hij de wereld op grote schaal te beheersen. De natuur wordt gereduceerd tot instrument en verliest haar intrinsieke waarde. Virginie Maris pleit voor een herwaardering van de natuur in haar radicale anders-zijn. Tegenover de platte, grenzeloze wereld van het antropoceen stelt Virginie Maris ‘het wilde deel van de wereld’. Haar benadering veronderstelt een andere manier van denken over, en omgang met de natuur. Het is van belang onszelf te begrenzen, om zo de soevereiniteit van de wilde natuur zeker te stellen, en haar te beschermen tegen uitbuiting en vervreemding. We moeten ons in de wilde natuur gedragen als bezoekers van een vreemd land, niet als opzichters of beheerders. ‘Het wilde is alomtegenwoordig – het is de kleine woelmuis die zich een weg baant dwars door de kaarsrechte rijen maïs, het is de zwerm putters die elke winter terugkeert om zich uitbundig te goed te doen aan de zonnebloempitten in de voederbakjes in de tuin, het zijn de paardenbloemen die uit het asfalt steken, het is de torenvalk met haar nest boven in de Notre-Dame. Het is misschien ook een archaïsch, vitaal deel van onszelf.’ Virginie Maris is omgevingsfilosoof bij het Centre National de la Recherche Scientifique (CNRS) en het Centre for Functional and Evolutionary Ecology (CEFE). Haar onderzoek richt zich op biodiversiteit, natuurbehoud, natuurwaarden en de relaties tussen ecologie en economie. Ze schreef meerdere boeken over deze onderwerpen. Het wilde deel van de wereld is het eerste werk van haar hand dat in het Nederlands verschijnt. ‘Het radicale perspectief van het Antropoceen, zo waarschuwt Virginie Maris, kan verhelderend zijn, maar het gezichtspunt van zo’n analyse ligt buiten de aarde, alsof wij niet zelf deel van het probleem zijn. Hierdoor gaan mensen zoeken naar grootschalige technologische oplossingen, terwijl de dreiging omvattender is en eerder te maken heeft met onszelf, met onze kennis en onze manier van de wereld ervaren.’ – ●●●● NRC Handelsblad ‘Moet de mens in het Antropoceen de natuur redden? Virginie Maris pleit voor een bescheidener houding: we moeten ons terugtrekken. Minder verbruiken, ruimte geven aan de natuur. Die redt zichzelf vervolgens wel.’ – Filosofie Magazine

Adorno in Napels

‘Adorno in Napels’ laat zien hoe een reis naar Napels een doorbraak betekende in het denken van de beroemde filosoof Theodor W. Adorno. In het door de vele uitbraken van de Vesuvius poreus geworden landschap, in de chaotische structuur van de stad zelf, vond hij de inspiratie voor zijn latere filosofie: een denken dat zich radicaal verzet tegen alle toe-eigening. Martin Mittelmeier laat in dit vernieuwende boek zien hoe Adorno’s hermetische filosofie uiteindelijk wortelt in een concrete ervaring. Het boek kreeg 4 sterren in Trouw: 'Mittelmeier beschrijft levendig de bohème aan de Amalfikust en gebruikt talloze pittige citaten uit het werk van Adorno en Benjamin, die zijn boek ook stilistisch een grote meerwaarde geven.'

Komen tot vrede, komen tot zijn

Dingeman Boot (1934) groeide op in een orthodox christelijk gezin en wist al jong dat hij dominee wilde worden. Maar tijdens zijn theologiestudie liep hij vast. Hij belandde in een psychiatrische inrichting en ontdekte daar dat hij nieuwe wegen in moest slaan. Yoga en de hindoeïstische filosofische stroming advaita vedanta hielpen hem daarbij, evenals de boeddhistische vipassana- of inzichtmeditatie. Mediteren deed hem zelfs zo goed, dat hij een periode als boeddhistische monnik leefde in Azië. Na zijn vervroegde pensioen legde hij zich toe op het geven van cursussen en retraites in de door hem zelf ontwikkelde yoga-meditatie. Begin deze eeuw ontdekte hij de Tibetaans boeddhistische dzogchen, dat hij beschouwt als een vervolg op de vipassana. In dit boek neemt hij de lezer mee op zijn spirituele reis, in zeven stadia en aan de hand van 49 levenslessen

Authentiek

Vurig pleidooi voor een doordacht, sociaal en moreel idee van authenticiteit, voorbij massamedia, consumentisme en grote ego’s. Lekker jezelf zijn, worden wie je bent, op reis gaan om jezelf te vinden – de wil om authentiek te zijn is alomtegenwoordig. Het ideaal van authenticiteit stamt uit de romantiek en raakte in de jaren zeventig in zwang bij het grote publiek. Sindsdien willen we allemaal dingen doen en dromen in overeenstemming met wie we echt zijn. In intellectuele kringen is authenticiteit de laatste jaren juist verdacht. De doorslaande verheerlijking van het eigen ego heeft authenticiteit op sleeptouw genomen en dat heeft het ideaal geen goed gedaan. Onno Zijlstra laat zien dat authenticiteit in tijden van massamedia, egocultuur en consumentisme niet alleen mogelijk, maar zelfs noodzakelijk is. Tegen de achtergrond van de geschiedenis van het begrip en de felle kritiek op hedendaagse verschijningsvormen ervan voert Zijlstra een pleidooi voor een doordacht, sociaal en moreel idee van authenticiteit. Dat idee laat zich ook prima inzetten als kritiek op een cultuur van neoliberaal individualisme en populistische domheid. ‘Het is perfect mogelijk om een heel redelijke, sociaal-politieke, morele invulling aan een begrip als authenticiteit of zelfontplooiing te geven.’ – Alicja Gescinska Onno Zijlstra (1949) doceerde filosofie aan de Vrije Universiteit, de Protestantse Theologische Universiteit en ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten. Hij schreef onder meer Een zekere twijfel (2018) en Verbeelding (2020).

Intieme revoluties

Een boek vol intiem weerwerk tegen de neoliberale en patriarchale orde, met bijdragen van onder meer Simon(e) van Saarloos en Daan Borrel. Kunnen liefde en seks de sociale en politieke orde doen wankelen? Antropologen Rahil Roodsaz en Katrien De Graeve hebben onderzoekers, schrijvers en activisten uit Nederland en België uitgenodigd om over die vraag na te denken. Het resultaat is een buitengewone verzameling reflecties over weerbarstige liefde, tegendraadse seks en onverwachte solidariteit. Het boek rekent af met simplistische vooroordelen over wat subversief en wat onderdrukkend zou zijn. Het laat connecties zien waar ze doorgaans over het hoofd worden gezien en plaatst vraagtekens bij verbanden die te voorbarig worden gelegd. Met onderbelichte praktijken van liefde, seksualiteit en intimiteit houden de auteurs het patriarchaat een spiegel voor en formuleren zij alternatieve kaders voor solidariteit, verbinding en zorg. Rahil Roodsaz is postdoctoraal onderzoeker en docent op de afdeling Antropologie aan de Universiteit van Amsterdam, waar ze onderzoek doet naar (non-)monogame relaties in Nederland. Katrien De Graeve is hoogleraar Genderstudies aan de Universiteit Gent en doet daar onderzoek naar families, relaties, ouder worden en seksualiteit in België.

Eetbare natuur

De Nederlandse landbouw- en voedingssector verkeert in zwaar water. Van alles is teveel: landbouwhuisdieren, chemie, vervuiling, uitputting en grootspraak ('Nederland voedt de wereld!'). Er is ook te weinig: variatie van landschap, natuur en smaak. De auteur geeft scherp inzicht in deze problemen en laat zien dat samenwerken met de aarde, de bodem, de dieren, het landschap, radicale veranderingen nodig maakt. Landbouw en voeding staan niet voor marginale activiteiten, waar je je beter niet mee kunt bemoeien, maar voor levensvraagstukken. Korthals toont overtuigend aan dat samenwerken van mensen met natuur essentieel is. Soms schuurt het, soms moet je omwegen bewandelen, maar het loont altijd met levenskwaliteit.

Het communistisch manifest

‘Een spook waart door Europa. Het spook van het communisme.’ Marx en Engels lichten een tipje van het laken op. In slechts twee maanden tijd schreven Karl Marx en Friedrich Engels Het communistisch manifest. Deze in 1848 verschenen tekst zou uitgroeien tot het invloedrijkste politieke en economische program van de twintigste eeuw. In kort bestek, helder en vooral begrijpelijk, zetten Marx en Engels hierin de leer van het communisme uiteen, waarbij economische en politieke ‘wetmatigheden’ de hoofdrol spelen. De tekst ademt weliswaar ‘wetenschappelijkheid’, maar wil ook, en vooral, de onderdrukten een hart onder de riem steken. Marx’ onmiskenbare schrijftalent en polemisch vermogen komen in Het communistisch manifest optimaal tot hun recht. De beroemde oproep ‘Proletariërs van alle landen, verenig je!’ en veel andere marxistische oneliners vinden in deze tekst hun oorsprong. Het communistisch manifest werd overal ter wereld vertaald, in Nederland onder meer door Herman Gorter (1904). Hans Driessen tekende voor deze gloednieuwe vertaling van een van de invloedrijkste politieke geschriften uit de wereldgeschiedenis. ‘Een bijna poëtische nieuwe vertaling.’ – de Volkskrant ‘Hoewel het communisme zijn aantrekkingskracht grotendeels heeft verloren, blijft Het communistisch manifest een politieke klassieker.’ – NBD Biblion

Zo niet, dan toch

‘Maar dat is toch logisch?’ ‘Dat is helemaal niet logisch.’ ‘Ik vind het anders best logisch.’ Het kan gaan over voetbaltactiek, over het meenemen van je paraplu als het misschien gaat regenen, of over een politieke keuze. Maar wat bedoelen we wanneer we zeggen dat iets ‘logisch’ is? Wat is er logisch aan ons redeneren en wat niet? Hoe zeker kunnen we zijn in de keuzes die we maken? In 'Zo niet, dan toch' komt een parade aan herkenbare redeneringen samen met een filosofische kijk op taal en logica. Dit boek verheldert wat we doen als we redeneren en laat zien hoe dit ons samenleven vormt. Het leidt op toegankelijke en speelse wijze naar de grens waar logica eindigt en verantwoordelijkheid begint. Omdat maar heel weinig echt logisch blijkt.

Het zelfgekozen levenseinde

Het zelfgekozen levenseinde is een juridisch en filosofisch pleidooi voor het recht van ieder mens om over zijn of haar levenseinde te beschikken. Volgens het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft ieder mens het recht om te bepalen op welke wijze en op welk moment zijn of haar leven moet worden beëindigd. Het Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap beschermt het zelfbeschikkingsrecht van mensen met dementie. Het zelfbeschikkingsrecht zou daarom het uitgangspunt moeten zijn bij beslissingen over euthanasie bij mensen met dementie. Dat recht houdt in dat deze mensen zelf mogen aangeven wanneer zij daarvoor de tijd rijp achten. Het zelfbeschikkingsrecht zou eveneens de grondslag moeten zijn van hulp bij zelfdoding wanneer mensen met of zonder handicap hun leven voltooid achten.

Het primaire waarom

De wetenschap lijkt eenstemmig te verklaren: we leven in een materialistische wereld. De impact van dat verhaal op ons leven is enorm: je mag wel denken dat je je hart volgt, dat je jezelf blijft, maar maak je geen illusies, die gedachtes en het bijkomende gevoel zijn totaal betekenisloos. We zouden een verzameling van atomen zijn, volledig bepaald door ijzeren natuurwetten, niets meer en niets minder. Kan het niet wat betekenisvoller? Ja, zo betoogt filosoof Arthur Veenstra in 'Het primaire waarom': het is tijd om in te zien dat het materialisme een irrationeel, onlogisch en achterhaald wereldbeeld is. Aan de hand van de filosoof Jean-Paul Sartre beschrijft hij de essentie van ons bewustzijn: wij zijn betekenisgevende structuren die fundamenteel vrij zijn. In een persoonlijke filosofiegeschiedenis vertelt Arthur Veenstra hoe wij ons leven andermaal kunnen vormgeven als een creatief en betekenisvol project.

Rechtsgelijkheid voor de natuur

De klimaatcrisis is even verwarrend als urgent. De situatie waarin onze samenleving zich bevindt, vertoont duidelijke parallellen met die van 1789. Toen moesten tijdens de Franse Revolutie de monarchie en landadel hun rechten delen met de boeren, burgers en buitenlui. Vandaag de dag heeft de levende natuur net zo weinig rechten als de horigen en lijfeigenen van toen. Er lijkt opnieuw een revolutie nodig om ook deze rechten af te dwingen. Willen we voorkomen dat de natuur haar rechten opeist met uitstervende ecosystemen en daaraan verbonden voedseltekorten en migratiestromen, dan zullen we ook het niet-menselijk leven moeten integreren in ons rechtssysteem en staatsbestel. De levende natuur is letterlijk en figuurlijk de brandstof van onze cultuur, en zij verdient gelijke bestaansrechten. In 'Rechtsgelijkheid voor de natuur' vertelt Erik Kaptein waarom en hoe.

Edmund Husserl

Edmund Husserl (1859-1938) is de founding father van de fenomenologie. Zijn motto Zurück zu den Sachen selbst vraagt om een neutraal en onbevangen verstand. De fenomenologische methode is, van filosofie tot natuurkunde, theoretisch bruikbaar en binnen de domeinen van bijvoorbeeld pedagogiek en psychiatrie ook praktisch inzetbaar. Dr. Verena Mayer schetst eerst een compleet en systematisch overzicht van Husserl’s denkbeelden en werk. Daarna volgen de bijlagen die zijn methode belichten vanuit verschillende disciplines. Begeleidende artikelen en uitleg van niet-alledaagse woorden begrippen verhelderen de fenomenologische methoden en laten zien dat veel van ons handelen eigenlijk al fenomenologisch te noemen is, ondanks de zekere afschrikwekkende werking van woord dat in de oudere woordenboeken terug te vinden is onder het lemma 'phænomenologie'. Er is ruim aandacht voor de ontwikkelingen binnen de psychiatrie die door de fenomenologische inzet van H.C. Rümke c.s. een theoretische basis kreeg. De bijlage 'Damiaan Denys & psychiatrie' sluit aan bij de hedendaagse reflecties op de haperende zorg en wijst naar het fenomenologische motto: Terug naar de dingen zelf.

Stiefkind van de rede

Wat hebben we nodig om ons leven als zinvol te kunnen ervaren? Peter Abspoel laat zien hoe gemakkelijk er een kloof ontstaat tussen wat we echt nodig hebben en wat we denken nodig te hebben. We geloven graag dat we aan de hand van de juiste visie alles uit het leven kunnen halen wat erin zit. Door ons te helpen blinde vlekken te herkennen in het westerse kijken naar de wereld en de mens, legt dit boek een heel nieuw gebied voor kritische (zelf)reflectie open. Westerse burgers hebben zich al lang compleet anders willen voelen dan de rest van de mensheid, die zich zou laten beperken door traditie. De auteur erkent dat er zoiets als een te groot vertrouwen in traditie bestaat – zeker in de ‘eigen traditie’. Maar hij laat zien dat antitraditionalistische vooroordelen even verblindend zijn. De toekomst wordt nu geclaimd door visionairs die niet alleen traditie als een blok aan het been zien, maar ook de menselijkheid. Kunnen we nog goede redenen bedenken om hun niet hun zin te geven? Is er ergens een grond te vinden voor het geloof in een gedeelde menselijkheid die eisen stelt? Dit is geen boek voor mensen die bang zijn om na te denken. Maar wie meedenkt met de auteur, zal waarschijnlijk nooit meer zo snel willen uitleggen hoe alles in elkaar zit. Peter Abspoel heeft opnieuw een indrukwekkend boek geschreven. Indrukwekkend omdat de auteur – ook waar je het met hem niet eens bent – prikkelt door zijn grote eruditie en denkkracht. – Paul van Tongeren Wat het lezen van Stiefkind van de rede tot zo’n indringende ervaring maakt, is dat we een beeld van de voorwaarden van de menselijkheid voor ogen krijgen zonder allerlei rationalisaties. De auteur weet ons ervan te overtuigen dat we onszelf niet kunnen begrijpen zonder het licht dat we ontlenen aan anderen, zonder een wereld die om onze toewijding vraagt. – Manon Uphoff Zowel de hedendaagse wijsbegeerte als de culturele antropologie ondersteunen Peter Abspoel heel treffend bij het schetsen van een diepgaande analyse van de geestelijke situatie van de moderne mens in zijn geseculariseerde wereld. – Jacques De Visscher Wars van alle modieuze trends presenteert Stiefkind van de rede een belangwekkende visie op traditie en zingeving die aandacht verdient en de lezer aan het denken zet. – Rudi te Velde

In bed met een filosoof

Waarom vinden we het zo moeilijk om te praten over seks? We denken er de hele dag aan, maar als we moeten zeggen wat het is, weten zelfs de grootste filosofen het niet precies. In dit nieuwe boek doet de Australische publieksfilosoof Damon Young iets unieks en moedigs: hij schrijft open over zijn eigen seksuele ervaringen en probeert te laten zien wat we daardoor kunnen leren over het leven. Onderwerpen die aan de orde komen zijn: verlangen, genot, masturbatie, sm, porno en nog veel meer.

Het Einstein-placebo-mysterie als corona-medicijn

In dit boek onthult Hans Siepel hoe, met behulp van duizenden jaren oude wijsheid, het coronavraagstuk opgelost kan worden. Dit vraagt om een frisse blik en een open houding, zonder dwang of straf bij overtredingen en doet een beroep op de genezende kracht die ieder mens zelf in zich heeft: de geestesenergie. Dit essay biedt een gefundeerde weg naar vrijheid en ontkracht de medisch-wetenschappelijk overtuiging dat slechts het vaccin de enige weg naar vrijheid zou zijn.

Ethiek voor juristen

De hedendaagse jurist krijgt in zijn werk onvermijdelijk te maken met ethische problemen. Het is noodzakelijk hier goed mee om te gaan, alleen al vanwege de kritische blik van de samenleving. De grote verscheidenheid aan beroepsgroepen in de juridische praktijk biedt vele verschillende ethische uitdagingen. De onpartijdigheid van de rechter, de partijdigheid van de advocaat en de magistratelijkheid van het OM roepen geheel andere vragen op. De beroepsgroepen gebruiken ook uiteenlopende instrumenten om deze vragen te hanteren: (tucht)wetgeving, beroepscodes en historisch gegroeide gewoonten. Dit boek presenteert de belangrijkste ethische thema’s binnen al deze beroepsgroepen en bespreekt kritisch de manieren waarop juristen ethische problemen hanteren. Leidraad vormen de grote ethische theorieën: gevolgenethiek, plichtsethiek en deugdethiek. Speciale aandacht gaat uit naar digitalisering. Deze ontwikkeling, die alle juridische beroepen diepgaand raakt, brengt nieuwe uitdagingen met zich mee. Dr. Marcel Becker is universitair hoofddocent ethiek aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Zijn specialisatie is toegepaste ethiek, in het bijzonder beroepsethiek. Van zijn hand verschenen eerder Bestuurlijke ethiek en Ethiek van de digitale media.

In de vingers

Een toegankelijke verhandeling over werken met de handen voor iedereen die dagelijks handwerk verricht, zoals kunstenaars, ambachtslieden en chirurgen. Al zolang mensen op twee benen rondlopen en hun voorpoten zich ontwikkeld hebben tot armen met handen, maken ze dingen. Die dingen getuigen van menselijke beschaving. Van vuistbijl tot smartphone: handen zijn nodig geweest voor ontstaan en gebruik ervan. Handelingen van vingers en handen beïnvloeden de hersenen en omgekeerd beïnvloedt hersenactiviteit de handen. Door de smartphone te gebruiken wordt het hersengebied dat met de duimen correspondeert groter. Handen en hoofd van mensen hebben zich de hele evolutie lang, tot op de dag van vandaag, gelijk op ontwikkeld. In deze lofzang op werken met de handen gaat wetenschapsfilosoof Louw Feenstra V in op de theorie en praktijk van handarbeid. Met merkbaar plezier stapt hij over grenzen tussen vakgebieden heen. Feenstra weeft evolutiebiologie en anatomie van de hand samen met techniekgeschiedenis, ideeëngeschiedenis en filosofische beschouwingen, en met de ervaringen van glasblazers, lenzenslijpers, wetenschappers en vechtsporters. Meer aandacht en tijd steken in het gebruiken van de eigen handen bevordert geluk en stimuleert de werking van de hersenen. Louw Feenstra V is filosoof, emeritus hoogleraar keel-neus-oorheelkunde, zeiler en duiker. Hij publiceerde onder meer Zintuigen in 2016.

Socrates, Boeddha, Confucius, Jezus

Socrates, Boeddha, Confucius en Jezus lieten geen geschriften of leerstellingen na, zij streefden niet naar bewondering noch naar gehoorzame volgelingen. Toch staan zij aan de basis van de grote wereldbeschouwingen en religieuze bewegingen waarvan de invloed zich uitstrekt over de gehele wereld en over vele eeuwen, tot aan de dag van vandaag aan toe. Niet voor niets gelden zij als de vier «maatgevende mensen» van de beschaving. Karl Jaspers betoogt overtuigend dat geen enkel overzicht van het menselijk denken of van de filosofie mogelijk is zonder eerst stil te staan bij deze illustere figuren. Door hen werden immers reeds alle levensvragen opgeworpen die ons nu nog bezighouden. Met dit boek wilde Jaspers de lezer een persoonlijke ontmoeting aanbieden met deze grote grondleggers. Maar Socrates, Boeddha, Confucius, Jezus biedt veel meer dan vier levensbeschrijvingen. Juist door de kennismaking met deze menselijke denkers werd dit boek een klassieke inleiding op de geschiedenis van de wijsbegeerte. «De blijvende waarde van dit boek schuilt in het feit dat Jaspers ons laat ontdekken hoe wij zelf kunnen begrijpen waarom deze vier maatgevende mensen ook in de huidige wereld nog onverminderd van betekenis zijn.» – Times Literary Supplement «Een weergaloos knappe, zeer overtuigende en hoogst originele inleiding in de geschiedenis van de filosofie.» –Frankfurter Allgemeine Zeitung

Totaliteit en Oneindigheid

Totaliteit en oneindigheid is het meesterwerk vande Frans-Joodse filosoof Emmanuel Levinas (1906-1995). Het boek verscheen in 1961 en groeide spoedig uit tot een van de meest invloedrijke werken van de naoorlogse filosofie, waarin het denken over ethiek een nieuwe wending krijgt. Levinas laat in Totaliteit en oneindigheid zien waarom de ethiek niet afhankelijk is van de mens als handelend ‘ik’, maar van de ontmoeting met de ander, de medemens, die als het ware intervenieert in mijn leven. Deze oneindige ander breekt in op de totaliteit van het ‘ik’. Rechtvaardigheid, barmhartigheid, respect, compassie, betrouwbaarheid, al deze ethische waarden zijn geen zaken die ik uit mijzelf ‘doe’, maar ze vormen een antwoord op de verschijning, telkens weer, van deze andere mens. Levinas concretiseert deze verschijning onder meer door een fenomenologische analyse uit te voeren van wat er gebeurt wanneer ik met het gezicht van de ander geconfronteerd wordt. De weerloosheid van dit andere gelaat doet een beroep op mijn verantwoordelijkheid.