78.056 resultaten

De egel en de vos

‘De vos weet van alles, maar de egel weet één groot iets.’ Met deze spreuk deelde Isaiah Berlin grote schrijvers en denkers in. Plato, Dante en Dostojevski zijn egels. Zij zien de wereld als één geheel. Aristoteles, Erasmus en Poesjkin zijn vossen: pluralisten die een veelheid zien. Maar hoe zat het met een van de allergrootsten? Lev Tolstoj, was hij nu een egel of een vos? Die vraag behandelt Berlin in 'De egel en de vos'. In zijn zoektocht naar het antwoord bespreekt hij de thema’s van Oorlog en vrede: de vrijheid van de mens, de werking van de geschiedenis, de macht van mannen als Napoleon en de invloed van een slecht getimede verkoudheid. Aansprekend, scherp geschreven en rijk aan ideeën: geen wonder dat dit essay uitgroeide tot Berlins beroemdste tekst. Wie dit leest, vraagt zich zeker af: wat ben ik zelf, een egel of een vos?

De steenhouwer en de robot

De leugens die ons binden

Wie ben ik en waar hoor ik bij? We zijn man, vrouw, moslim, christen, zwart, wit – en daaraan ontlenen we onze eigenwaarde. Het zegt iets over onze dromen, verwachtingen en beperkingen, over onze familie, nationaliteit, cultuur en religie. Maar waarom gaan we op zoek naar bevestiging van een enkele identiteit, terwijl we bestaan uit meerdere? Bestsellerauteur Kwame Anthony Appiah schreef een opzienbarend boek over de identiteitspolitiek die onze huidige samenleving polariseert. We benadrukken maar al te graag de verschillen met anderen en de overeenkomsten met gelijkgestemden. Maar die generalisatie brengt ons niet verder, aldus wereldburger Appiah. Levendig en met veel persoonlijke anekdotes, historische, culturele en literaire voorbeelden ontleedt hij de verhalen die we onszelf vertellen – en hoe we op dat vlak verkeerd redeneren. Zo gaat religie lang niet alleen over geloof, gaan racistische gedachten terug op achterhaalde wetenschap en zijn we als mensen niet herleidbaar tot een paar benamingen, maar zijn we zoveel meer. Appiah presenteert met 'De leugens die ons binden' een nieuwe manier van denken, waardoor onze blik op onszelf en op onze gemeenschappen radicaal zal veranderen.

Gevormd of vervormd?

Het onderwijs vormt niet: het vervormt. Dat komt doordat het uitgaat van verkeerde aannames. Neem de aanname dat je eerst jarenlang moet leren voor je kunt meedoen aan het maatschappelijk leven, of de aanname dat kennisverwerving het best in kleine brokjes gebeurt, waarbij je voortdurend toetst. Dit alles leidt tot een cultuur waarin alles meetbaar moet zijn en waarin diploma's je gevoel van eigenwaarde kunnen maken of breken. Dit zijn ideeën die meer kwaad doen dan goed.Het onderwijs kan zoveel beter. Het kan vormen, en om dat te bereiken moet het roer om. Primair onderwijs hoort te draaien om de ontwikkeling van het zelfvertrouwen, zodat kinderen hun stemmen durven te verheffen. Het voortgezet onderwijs hoort ervoor te zorgen dat jongeren een positie verwerven waarin ze ertoe doen, op school en op straat. En al het zogenaamde 'hogere onderwijs' - wat een term! - organiseren we voortaan in duale trajecten, waarin leren en werken samengaan.

Het Münchhausenparadigma

In een van zijn talrijke avonturen wil baron von Münchhausen met zijn paard over een moeras springen, maar komt er middenin terecht. Geen nood, zegt hij, grijpt zich bij de staart van zijn pruik, tilt zich met paard en al uit de poel en zet zich veilig op de andere oever neer. Het punt van waaruit Münchhausen zich uit het moeras optilt: dit is het moderne subject, de grond van ons Ik. Ziehier in een notendop de kernintuïtie die, aldus Lacan, aan de basis van Freuds psychoanalyse ligt. In de psychoanalyse gaat het niet enkel over verdrongen seksuele driften. Het gaat er vooral over dat seksualiteit en drift – en het hele bestaan – op verbeelding drijven. Dat ons driftige Ik ons maar al te vaak meesleurt in tomeloze fantasie, is maar één facet dat door deze theorie wordt belicht. Een ander is dat ook dit Ik zelf zijn grond heeft in een onbewuste verbeelding die wij niet beheersen maar waardoor wij beheerst worden. Onze oververhitte beeldcultuur heeft een theorie nodig die verbeelding en fantasie ernstig neemt tot waar die ons in de kern van ons Ik raakt. Daarom doen Freud en Lacan er nog steeds toe. Dat Marc de Kesel hun vaak moeilijke theorieën bijzonder helder uitlegt en de actuele relevantie ervan aantoont, maakt het boek een onmiskenbare aanwinst voor iedereen die over de ‘moderne’ conditie van onze cultuur wil nadenken.

Het tij keren

Denken begint met twijfelen en ‘nee’ durven zeggen. Denken is behalve kritische vragen stellen ook de draad spannen tussen verleden en toekomst, teneinde beter voorbereid te zijn op de mogelijkheden die in het heden verscholen liggen. Rosa Luxemburg (1871-1919) en Hannah Arendt (1906-1975) waren beiden politieke denkers die vanuit hun kritische reflectie op het kapitalisme en de moderne consumptiemaatschappij voor meer politieke participatie van de bevolking pleitten. ‘Politieke kwesties zijn te serieus om alleen aan politici te worden overgelaten,’ meende Hannah Arendt. Op 15 januari 2019 was het precies honderd jaar geleden dat Rosa Luxemburg werd vermoord. ‘Je zou willen geloven dat er nog hoop is voor een verlate erkenning van wie Rosa Luxemburg was,’ schreef Hannah Arendt in 1966. In dit boek onderneemt Joke J. Hermsen een poging hiertoe. Ze vraagt zich ook af in hoeverre de inzichten van Luxemburg en Arendt ons behulpzaam kunnen zijn bij de transitie naar een meer duurzame, menselijke en solidaire samenleving. Joke J. Hermsen (1961) is schrijver en filosoof. Tot haar essayistische werk behoort onder meer Stil de tijd (Jan Hanlo Essayprijs 2011), Kairos. Een nieuwe bevlogenheid (shortlist beste filosofieboek van 2014) en Melancholie van de onrust (essay van de Maand van de Filosofie 2017).

Een betere wereld

Wat kan je zelf doen om van de wereld een betere plek te maken – zelfs in deze tijd van sociale en ecologische crisis? Dat was de inspiratie voor dit boek van de populaire radicale denker Charles Eisenstein (filosoof en wiskundige), dat bedoeld is als tegengif tegen cynisme, frustratie en doorgeschoten individualisme. Allereerst maakt hij duidelijk dat wij allemaal met elkaar verbonden zijn en dat de keuzes die we als individu maken, een onvermoede transformatiekracht bezitten. Door ons niet alleen bewust te worden van onze onderlinge verbondenheid maar die ook te omarmen en te praktiseren, kunnen we wezenlijk bijdragen aan het tot stand brengen van de nodige veranderingen. Eisenstein nodigt ons uit om een nieuw begrip van oorzaak en gevolg te omarmen, een oproep om ons oude wereldbeeld op te geven zodat we eindelijk de mooiere wereld kunnen creëren waarvan we in ons hart weten dat die mogelijk is.

Het ware leven

Jongeren hebben een nieuwe wereld voor zich. Nu aan oude tradities en hiërarchieën steeds minder belang wordt gehecht, lijken de mogelijkheden legio. Jonge mensen moeten zich bewust worden van deze nieuwe toestand en de moed vinden om samen hun vrijheid aan te wenden. Socrates werd ervan beschuldigd de jeugd te corrumperen. Als de filosofie daartoe in staat is, moet ze de jongeren aanzetten om weg te blijven van de platgetreden paden en nieuwe wegen te verkennen. Weg van het lege marktdenken of het terugverlangen naar oude goden en ongelijkheden, op zoek naar het ware leven. De eenentachtigjarige Alain Badiou houdt een bevlogen pleidooi, gericht aan de jeugd. In drie hoofdstukken, voor iedereen, maar in het bijzonder voor de jonge mannen en vrouwen van nu, roept hij op om de wereld te veranderen.

Na Europa

In dit provocatieve werk analyseert vermaard intellectueel Ivan Krastev de toekomst van het Europese project. Ivan Krastev bespreekt de huidige staat van Europa aan de hand van twee problemen: de vluchtelingencrisis, die leidt tot een hernieuwde opkomst van nationale sentimenten en een mogelijke desintegratie van de Europese Unie, en het populisme en de daaruit voortvloeiende anti-Europese sentimenten. Zijn conclusie: het Europese project staat er behoorlijk slecht voor. Toch ziet Krastev hoop, juist in de verschillende crises, die paradoxaal genoeg het gevoel versterken dat wij allen deel uitmaken van één Europa. Hij pleit voor een flexibele omgang met de verschillende vormen van tegenstand. We moeten bijvoorbeeld niet proberen het populisme te doen verdwijnen, maar een antwoord bieden op de problemen waarop het een reactie is.

Tijd en vrije wil

In Tijd en vrije wil ontwikkelt Nobelprijswinnaar Henri Bergson een theorie van de geleefde tijd. Hij laat overtuigend zien dat wij een te kwantitatief begrip van tijd hebben. Een voorbeeld is de analoge klok, die tijd ruimtelijke weergeeft. Ook de wetenschap vertaalt temporele fenomenen (zoals het leven, bepaalde gevoelens) graag in kwantitatieve termen. Hierdoor lijkt alles zich te laten uitrekenen en te vatten in formules. Deze neiging heeft nefaste gevolgen voor de vrije wil, die zich juist onttrekt aan berekenbaarheid. Tegenover deze kwantitatieve opvatting ontwikkelt Bergson in Tijd en vrije wil een kwalitatief begrip van tijd, waarin de ervaring van de tijd wordt begrepen als proces, als 'duur'.

Verhandeling over de verbetering van het verstand

Baruch de Spinoza (1632-1677) is de eigenzinnige doelbewuste en onverschrokken denker bij uitstek. De vader van de Verlichting is hij genoemd, een monument voor de vrijheid van denken. De Tractatus de intellectus emendatione, de verhandeling over de verbetering van het verstand en over de weg waarlangs dit het beste tot de ware kennis der dingen kan geraken, behoort tot Spinoza's vroege werken, evenwel pas verschenen na zijn dood in 1677, en onvoltooid gebleven. De Verhandeling is een toonbeeld van klaar en kernachtig denken, een inleiding tot de filosofie, die de afstand tussen de gewone lezer en de filosofie overbrugt. Spinoza presenteert zijn traktaat als een kleine natuurgeschiedenis van de geest. Zijn methode is minder gericht op de verbetering dan op de bevrijding of 'emancipatie' van het verstand. De geboorte van de Verlichting kondigt zich aan.

Dit is geluk

Ieder mens zoekt naar geluk, maar als het er is herkent hij het vaak niet. Geluk ontdekken vraagt om nieuwe manier van kijken en dat vraagt aanwijzingen, oefening en geduld. Als we denken het geluk te pakken te hebben, willen we het niet meer kwijt. We beseffen niet dat lijden en geluk twee kanten zijn van dezelfde medaille. We kunnen dus niet het een willen en het ander afwijzen. Om geluk werkelijk te ervaren moeten we het aandurven om het lijden te ontdekken en dat gaat verder dan accepteren. In 'Dit is geluk' nodigt Cuong Lu ons uit om het gevecht te stoppen. Als we met aandacht aanwezig kunnen zijn bij het lijden, zullen we mooie ontdekkingen doen. Met de kracht van zijn diepe inzicht en aansprekende voorbeelden leidt Cuong Lu ons stap voor stap naar een dimensie waar afgescheidenheid wegvalt en geluk, harmonie, vrijheid en compassie altijd aanwezig zijn. 'Dit is geluk' is ontstaan uit recent mondeling onderricht van Cuong Lu. Met dit boek komt zijn verfrissende boodschap voor het eerst rechtstreeks beschikbaar voor een breder Nederlandstalig publiek. Met zijn zeer herkenbare benadering brengt hij een zeer bemoedigende boodschap: duurzaam geluk ligt binnen ieders handbereik.

Charles Taylor

Charles Taylor is een van de sleutelfiguren in het hedendaagse debat over het zelf en de problemen van de moderniteit. Ger Groot en Guy Vanheeswijck bieden een toegankelijke, actuele inleiding tot Taylors denken. Op boeiende wijze reconstrueren de auteurs het ambitieuze filosofische project dat Taylors uiteenlopende werken verenigt. Aan de orde komen thema's als het verband tussen identiteit, taal en morele waarden, democratie en multiculturalisme en het conflict tussen seculiere en niet-seculiere spiritualiteit. Taylors ingewikkelde maar zeer invloedrijke werk wordt in deze unieke monografie helder toegelicht.

Door Spinoza's lens

Heidegger en zijn tijd

Rüdiger Safranski slaagt er in Heidegger en zijn tijd zowel zijn weerbarstige filosofie uiteen te zetten, als zijn nazistische verleden onverbloemd in het juiste licht te plaatsen. Martin Heidegger is niet alleen een van de invloedrijkste denkers, maar ook de meest omstreden filosoof van de twintigste eeuw. De originaliteit en de kracht van zijn denken vonden binnen, maar vooral ook buiten het vakgebied grote weerklank.

Hersenbeest

WINNAAR SOCRATES WISSELBEKER VOOR HET BESTE FILOSOFIEBOEK 2016!Hersen- en geesteswetenschap zijn een welkome aanvulling op elkaar. Je kunt je geen onbevooroordeelde visie op de menselijke geest voorstellen die een van beide disciplines buiten beschouwing laat. Dat is de centrale stelling die filosofe Marjan Slob onderbouwt in dit essay. Zij laat zien wat er mooi en opwindend is aan hersenwetenschap en belicht ook waar die wetenschap stuit op de grenzen van haar kunnen - soms zonder dat zelf in de gaten te hebben. Daarbij verwijst ze regelmatig naar literatuur, zowel fictie als non-fictie, en naar baanbrekende denkers die kennis van hersenwetenschap combineren met filosofische feeling voor de kracht van woorden. Ze schrijft over grote vragen die haar van jongs af aan hebben beziggehouden: wat is een mens, wat kan je over jezelf weten (en hoe), wat is bewustzijn, wat is het om een 'zelf' te hebben, waarin schuilt je vrijheid?'Ik heb grote moeite met luidruchtige hersenwetenschappers die in de publieksmedia met "wetenschappelijke onthullingen" komen over hoe mensen "echt" in elkaar zouden zitten. Ik hoor hen namelijk niet over de sturende kracht van het vocabulaire dat onderzoekers kiezen om de werkelijkheid te benaderen. Zij lijken niet te beseffen dat woorden de werkelijkheid niet zijn - en wat dat betekent voor de hele wetenschappelijke onderneming. En vooral ook negeren ze die primaire vraag: hoe kun je als mens een instrumentarium ontwikkelen waarmee je jezelf bestudeert, en desondanks objectiviteit claimen?Ik geloof hartstochtelijk dat we naast die machtige, succesvolle, kwantitatieve hersentaal over de mens ook een taal van de unieke en onberekenbare mens moeten koesteren. Alleen zo kunnen we de vrije ruimte in onze samenleving behouden, alleen met die taal kunnen we onze politieke hoop uitspreken, alleen vanuit die modus kan de liefde ons overrompelen. En er is ook nog een andere, simpele reden om de taal van de geesteswetenschap hoog te houden: de waarheid is ermee gediend.'Marjan Slob (1964) is essayist en filosoof. Eerder schreef ze de boeken Foute fantasieën, Een ander ik en Angstaanjagend en groots. Ze is columnist en recensent voor de Volkskrant en werkt onder meer voor het Rathenau Instituut. Of ze nu schrijft, recenseert of modereert, ze wil altijd weten wat er gebeurt als wetenschappelijke kennis tot leven komt.'Marjan Slob is een schrijver die als een van de weinigen in staat is om de essentie van je eigen ideeënwereld zo op te schrijven dat je denkt: "Zo, dat heb ik mooi gezegd!" Maar dat is natuurlijk niet zo; ze heeft de essentie benoemd waar je zelf naar op zoek was.'- Maarten Hajer, hoogleraar Urban Futures aan de Universiteit Utrechtwww.marjanslob.nlwww.socratischschrijven.nl

God bewijzen

Moet je gek zijn om in God te geloven? Of op z'n minst naïef, onkritisch en zweverig? Hoewel moderne mensen hebben afgerekend met de illusie dat er een God bestaat, wil God maar niet dood. Buiten Europa groeit religieus geloof gestaag en zelfs in het seculiere Nederland zijn er mensen die zich tot het geloof bekeren. Natuurlijk kunnen we dat zien als een nieuw bewijs voor de onuitroeibare irrationaliteit van mensen, maar misschien is er meer aan de hand. Misschien is geloven in God niet zo dom als het lijkt. In God bewijzen zetten twee gelovige wetenschappers de argumenten voor en tegen Godsgeloof op een rij. Ze doen dat op een milde manier, zonder polemiek of bekeringsijver, maar met vaart en humor. Het boek is tot stand gekomen met medewerking van gelovige en niet-gelovige wetenschappers uit verschillende vakgebieden en bevat de laatste wetenschappelijke en filosofische inzichten over religie.

Staatkundige verhandeling

In de 'Staatkundige verhandeling' onderzoekt Spinoza de grondslagen van de politiek. Uit de natuur van de mens leidt hij af dat de democratie uiteindelijk de enig goede staatsvorm is. Met zijn inzicht dat de veiligheid en de vrijheid van de burger in autoritaire staatsvormen als de monarchie niet gewaarborgd kunnen worden, was Spinoza zijn tijd ver vooruit. Deze verhandeling vormt dan ook, hoewel onvoltooid, een hoogtepunt van zijn maatschappelijk denken.Deze uitgave van de 'Staatkundige verhandeling' - de eerste sinds 1901 en gebaseerd op recente tekstkritische uitgaven van de Latijnse tekst - is vertaald en van aantekeningen voorzien door Karel D'huyvetters, en ingeleid door Jonathan I. Israel.

Heideggers vraag naar de techniek

In zijn voordracht 'De vraag naar de techniek' uit 1955 onderwerpt Martin Heidegger de instrumentele opvatting van techniek aan een kritisch onderzoek. Hij gaat daarvoor terug naar Aristoteles en diens leer van oorzakelijkheid en laat zien dat de Griekse filosoof onder technische voortbrenging nog iets heel anders verstond, namelijk een 'wijze van ontbergen'. Op basis hiervan kan Heidegger een nieuw licht werpen op de moderne techniek, die hij analyseert als een 'opvorderend ontbergen', dat van al wat ermee in aanraking komt maar één ding verlangt: dat het terstond ter plekke ter beschikking staat. De smartphone is hier een recent opvallend blijk van, maar het geldt al voor waterleiding en lucifer. In zijn commentaar legt Gerard Visser Heideggers diepgaande beschouwing niet alleen nauwkeurig en integraal uit, maar gaat hij ook in op de herkomst van diens herneming van de zijnsvraag in de ervaring van wat Nietzsche het Europese nihilisme heeft genoemd. Tegelijk met dit commentaar verschijnt bij uitgeverij Vantilt een nieuwe vertaling van 'De vraag naar de techniek'. Over de auteur Gerard Visser is hoofddocent cultuurfilosofie aan de Universiteit Leiden en auteur van onder meer Gelatenheid. Gemoed en hart bij Meister Eckhart (2008), Niets cadeau. Een filosofisch essay over de ziel (2009), Water dat zich laat oversteken (2011) en In gesprek met Nietzsche (2012).

Levinas in de praktijk

Emmanuel Levinas is wellicht de diepzinnigste en gevoeligste filosoof uit de twintigste eeuw. Hij is de denker die het concrete, alledaagse menselijke bestaan heeft beschreven met een voor filosofen ongekende systematiek. In dit boek laat Jan Keij zien wat de 'kaswaarde' van Levinas' filosofie is, vanuit de vraag wat dit denken in de praktijk inhoudt. Die praktische toepasbaarheid van Levinas' denken heeft zich al bewezen in vele cursussen voor onder anderen leken, artsen, maatschappelijk werkers en verpleegkundigen, die allemaal de weg naar het best mogelijke helpen geschetst kregen. Waar het hier om gaat is een filosofie die niet alleen de wereld en de mens interpreteert, maar die ook verandert. Kortom, een inleiding op en praktische uitwerking van de filosofie van Levinas waar geen woord Frans bij is. Jan Keij (1948) is zelfstandig gevestigd filosoof en vooraanstaand Levinas-kenner. Eerder verscheen van hem o.m. 'De filosofie van Emmanuel Levinas' (4e druk 2009) en 'Nietzsche als opvoeder' (2e druk 2012).

Dus ik ben

Erfenissen van de verlichting

Cultuurfilosofie is een vakgebied waarvoor de belangstelling de afgelopen jaren sterk is toegenomen. Met dit boek, Erfenissen van de Verlichting, biedt René Boomkens een unieke inleiding in de belangrijke vraagstukken in de cultuurfilosofie. Op een toegankelijke wijze en met veel voorbeelden introduceert hij tal van denkers die hebben bijgedragen aan de rijkgeschakeerde geschiedenis van dit vakgebied. Erfenissen van de Verlichting analyseert cultuur in de context van grote thema s, zoals de publieke ruimte, kunst en media, globalisering en de toekomst van de filosofie in de eenentwintigste eeuw. Het centrale motief in deze inleiding is de historische spanningsverhouding tussen Verlichting en Romantiek, die de afgelopen drie eeuwen de cultuurfilosofie gevormd heeft. Dit boek is bij uitstek geschikt voor studenten filosofie en media- en communicatiewetenschappen en voor studenten aan kunstacademies. Bovendien is het een voortreffelijk naslagwerk voor vakfilosofen en cultuurbeoefenaars.

Twee opvattingen over vrijheid

Twee opvattingen over vrijheidHet werk van de filosoof Isaiah Berlin (1909-1997) vormt een van de krachtigste verdedigingen van het westerse pluralisme. Zijn beroemde opstel Twee opvattingen van vrijheid biedt een toegankelijke inleiding in zijn denken. Berlins scherpzinnige analyse van het vrijheidsbegrip bepaalt tot de dag van vandaag ons sociaal-politieke denken.

Gelukkig leven

Gelukkig levenIn Gelukkig leven geeft Seneca adviezen om in tijden van tegenspoed en hevige emoties toch gemoedsrust te vinden. Wars van getheoretiseer en de waan van de dag verkondigt de Romeinse stoïcus een filosofie die midden in het leven staat en tot op de dag van vandaag actueel is gebleven. --------------------------------------------------------------------------------Ook van de auteur(s):Dialogen[mrt. 2006]

Taoisme

Het taoïsme wordt alom erkend als een van de hoofdstromingen van de klassieke Chinese filosofie. Maar wordt het ook begrepen? De prachtige, poëtische en vaak paradoxale teksten hebben aanleiding gegeven tot tal van interpretaties van obscure en esoterische studies tot populaire managementhandboeken. In deze inleiding tracht Patricia de Martelaere aan de hand van fragmenten uit de belangrijkste teksten de centrale vragen van Lao Zi en Zhuang Zi filosofisch te doorgronden.'

Eeuwigheid in het nu

Woordenboek filosofie geheel herziene en aangevulde uitgave

Voor de discipline of het vak filosofie op elk onderwijsniveau bestaat de behoefte aan een bruikbaar en geactualiseerd woordenboek. In niet mindere mate geldt dit ook voor de ruimere kring van het meestal erudiete - niet-filosofische geschoolde - lezerspubliek. In dit gemis wordt met dit Woordenboek Filosofie voorzien.Het woordenboek kenmerkt zich door de presentatie van uitsluitend filosofische termen en begrippen. Biografieën van filosofen zijn bewust niet opgenomen, wel worden stromingen, richtingen of scholen behandeld, die verwant zijn aan het denken van bepaalde filosofen, zoals platonisme, aristotelisme, stoïcisme, thomisme, spinozisme, kantianisme, hegelianisme, nietzscheanisme, lacanisme, enz. Ook stromingen met een filosofische achtergrond komen uitgebreid aan bod, zoals anarchisme, liberalisme en marxisme.In deze herziene editie zijn ook nieuwe wijsgerige termen opgenomen, die voortkomen uit recente filosofische ontwikkelingen op sociaal- economisch, politiek, technisch-technologisch, moreel-ethisch en natuurfilosofisch gebied. Een prominente plaats werd voorbehouden voor de discipline 'genderstudies', die de voorbije twintig jaar een belangrijke ontwikkeling heeft doorgemaakt. Daarnaast mag in een hedendaags woordenboek filosofie de niet-westerse filosofie in al haar vormen, niet ontbreken. De belangrijkste stromingen worden besproken, alsook de essentiële basisgedachten van de betreffende filosofieën.Over de auteurs:Een omvangrijke groep Nederlandse en Vlaamse filosofen was betrokken bij de samenstelling van dit naslagwerk. Het totale aantal medewerkers bedraagt meer dan honderd.

Empathie

Volgens Krznaric hoort empathie nu eenmaal bij mensen. Sterker nog, empathie verbetert onze kwaliteit van leven. Bovendien is ze de motor achter sociale verandering. Krznaric onderzoekt in zijn boek hoe de hoog-empathische mens in elkaar zit en hoe we zo iemand kunnen worden. Hiervoor sprak hij met acteurs, activisten, vormgevers, undercoverjournalisten, verpleegkundigen, bankiers en neurowetenschappers. 'Een belangrijk boek dat op het juiste moment verschijnt.'- Wim Brands

De antichrist

De antichrist behoort tot de geschriften die in 1888, in Nietzsches allerlaatste productieve periode, tot stand komen. Vuriger, furieuzer aanklacht tegen zijn tijdgenoten heeft hij niet geschreven. Aan de hand van een koelbloedige ontleding van de fundamenten waarop het christendom en het instituut Kerk berusten, wordt de decadentie van de moderne, Europese cultuur aangetoond. Nietzsche stelt het christelijk geloof aansprakelijk voor de ondergang van de antieke wereld en voor de decadentie in het algemeen, gefundeerd als het is op ressentiment, legenachtigheid, tegennatuurlijkheid en verachting van de seksualiteit. Nietzsche reserveerde zijn vernietigendste banblliksems voor deze 'nog altijd onovertroffen vorm van dodelijke vijandschap tegen de realiteit'. Met de afronding in september 1888 van De antichrist, het eerste (en enige) boek van zijn voorgenomen project 'Herwaardering van alle waarden', brak Nietzsche naar zijn zeggen de geschiedenis in tweeën - voor hem, na hem - en begon een nieuwe tijdrekening, met 1888 als jaar één. Desondanks heeft het boek, onder meer door die paar bijna tedere zinsneden over de oorspronkelijke 'christelijke praktijk', vele lezers juist in hun geloof gesterkt.

De geemancipeerde toeschouwer

In 'De geëmancipeerde toeschouwer' verzet de Franse filosoof Jacques Rancière zich tegen de gedachte dat het hedendaagse publiek van kunst en cultuur passief het getoonde aanschouwt. Dit denkbeeld heeft geleid tot vele pogingen van kunstenaars en theatermakers om het publiek bij het kunstwerk of de voorstelling te betrekken. De toeschouwer zou zich op die manier 'emanciperen' tot een actief lid van de culturele gemeenschap. Rancière analyseert deze these op geniale wijze en komt tot een radicaal andere visie op de geëmancipeerde toeschouwer en kunst als politiek instrument.

Willen

In Willen, het tweede deel van haar trilogie ‘Het leven van de geest, werpt Hannah Arendt een verrassend nieuw licht op de wil en de vrijheid. Bestaat er zoiets als een vrije wil? Zo ja, ben je dankzij deze bewegingsvrijheid in staat iets teweeg te brengen en zo het verloop van de geschiedenis te beïnvloeden? Wat je doet, zou je evengoed niet kunnen doen en wat er gebeurt, zou evengoed niet of op een andere manier kunnen gebeuren. Alleen is het volgens Arendt zeer de vraag of de wil voorafgaat aan het handelen. Deze aanname van vrijheid heeft tot gevolg dat de geschiedenis niet bepaald wordt door noodzaak, zoals de westerse filosofie altijd heeft gepretendeerd: wie iets wil verklaren of zoekt naar oorzaken en wetmatigheden, legt een noodzakelijke structuur bloot. In plaats van noodzaak, zo laat Arendt in navolging van bijvoorbeeld Nietzsche en Duns Scotus zien, is toeval het leidende principe. De contingentie is de prijs van vrijheid. Weinig filosofen hebben zich bereid getoond om deze prijs te betalen, vandaar dat Arendt haar licht opsteekt bij wat zij ‘mannen van de daad’ noemt, zoals de Founding Fathers, de grondleggers van de moderne Amerikaanse republiek, maar ook zij deinzen terug voor de afgrond van de vrijheid, voor het radicaal nieuwe begin. Samen met denken en oordelen vormt willen de mentale activiteiten die Arendt centraal stelt in ‘Het leven van de geest’, de trilogie waaraan zij tot op de laatste dag van haar leven werkte.

Waarom liefde eindigt

In Waarom liefde eindigt maakt Eva Illouz de balans op van relaties anno nu. Waarom vinden we het moeilijk om over langere tijd relaties in stand te houden? En waardoor wordt de partnerkeuze steeds lastiger? De oorzaken hiervan zitten niet alleen in ons hoofd. In ons tijdperk transformeert de liefde radicaal en Illouz voorspelt zelfs het einde van de romantische liefde. Een urgent en diepgravend boek voor iedereen die de liefde aan het hart gaat.