Wereldwandelaars

De schatbewaarders, noemt historicus Wim Willems hen: twee verre familieleden die hem op een dag vertellen over een scheepskoffer op zolder. In die koffer zijn documenten – dagboeken, foto’s, brieven – bewaard over een geschiedenis die te krankzinnig is om waar te zijn, maar dat tóch is. De geschiedenis van de wereldwandelaars.
Op 16 juli 1911 vertrekken Frans van der Hoorn, Bram Mossel en Gerard Perfors, amper twintig jaar, vanaf de Dam in Amsterdam voor een voetreis om de aarde. Wie vandaag aan zo’n onderneming zou beginnen, zou zich grondig voorbereiden. Maar dat zijn deze jongens niet. Ze hebben nauwelijks getraind, ze hebben geen geld gespaard. Onderweg hopen ze in hun levensonderhoud te voorzien met het verkopen van portretkaarten. Ze hebben opvallende kleren aan: een vilten hoed, een zwartfluwelen jasje en een groene sjerp met daarop het woord wereldwandelaar. Aan hun voeten: sandalen.
[…] Uiteindelijk blijft het een beetje gissen naar de precieze beweegredenen van de wereldreizigers, maar dat neem je als lezer graag voor lief. Het is een adembenemende reis. Bovendien staat het boek vol prachtige oude foto’s.’ – Jeroen van der Kris in NRC Handelsblad.