onze vakantietips voor deze zomer

Basis CMYK onderworpen zoute goudvis ik kom terug muidhond  ik geef je de zon aquarium
Lees eerst de bijsluiter

U kent ongetwijfeld het ‘writer’s block’, bent u ook bekend met de diagnose ‘reader’s block’?
Een reader’s block is een van de stomste kwalen waar ik af en toe aan lijd. Ik ken het fenomeen in twee gedaanten: of er zijn in korte tijd zo veel goede boeken binnengekomen dat ik niet meer kan kiezen, of…  Lees verder

BOEKEN IN DE MEDIA

Zorgt de atlas voor nieuwe inzichten over Van Gogh?  “Deze atlas is bestemd voor het grote publiek. Voor hen prikken we een paar oude mythes door, bijvoorbeeld dat Van Gogh een arme kunstenaar was. Hij kreeg van zijn broer Theo meer geld dan een gemiddeld Frans gezin had te besteden. Daardoor was hij in de gelegenheid te zoeken naar zijn eigen ontwikkeling.
We proberen hem vooral neer te zetten als een mens van vlees en bloed, niet als kunstenaar op een voetstuk.” ‘ Sandra Kooke interviewt René van Blerk in Trouw.

‘Proza zo intens en vitaal dat je huid ervan samentrekt. Een besef van het afsterven van onschuld, erkenning van het imperfecte en van alomtegenwoordigheid van verdriet. Woorden niet alleen als de dragers van ideeën, maar als de gevoelens en gedachten zelf. Als kleine vormen, zwart op wit, die je raken.’ Philip Huff in De Groene Amsterdammer.

‘Mackintosh laat Gretchen zichzelf toespreken. “Bedenk hoezeer je níét wilt doodgaan.” “Glimlach bij wijze van experiment.” Soms irritant, hoewel de eenzaamheid die er uit spreekt tegelijkertijd ontroert. Je zou Mackintosh erom willen slaan en kussen. Op al  haar veertien gezichten.’ – Bo van Houwelingen in de Volkskrant.

‘De botsing tussen de generaties vormt de kern van het boek, dat grotendeels uit gesprekken en herinneringen bestaat. Dat geeft het iets van een ideeënroman, maar met zijn scherp geformuleerde gedachtenexercities weet Natter vaak te prikkelen. Bovendien heeft de roman een fiks tempo (onontbeerlijk voor de roadnovel die het ook is) en zijn de gesprekken veelal gevuld met grappen: zo breng je immers de tijd door met iemand die je er niet om zal veroordelen.’ – Thomas de Veen in NRC Handelsblad.

New Grub Street biedt bijtende satire en heerlijk melodrama. En alsof dat nog niet genoeg is blijkt het ook nog het oerboek over modern schrijverschap. (…)
Wat een prachtige oproep tot empathie met hen die falen in de ratrace! Reardon is de man van het verleden die niet in staat is zich aan te passen, Milvain de man die meebeweegt, modern is, maar geen idealen heeft die verder reiken dan zijn platte portemonnee en dikke ik. De ene legt het af, de ander overleeft. Je hoeft niet uit 1890 te komen en ook geen schrijver te zijn om van die waarheid doordrongen te raken.’ – Gerwin van der Werf in Trouw

‘De roman is een fascinerend, soms bijna huiveringwekkend portret van een ongepolijst en complex, nu eens bot, dan weer teder personage, dat je als lezer dikwijls onvermijdelijk met conflicterende gevoelens vervult. Aan de hand van Lila’s wederwaardigheden schetst Robinson – die een protestants-christelijke achtergrond heeft – zowel de grootmoedigheid als de kleingeestigheid waartoe religie kan inspireren.’ – Hans Bouman in de Volkskrant

‘De bijna komische onverstoorbaarheid waarmee de ooit zo betrouwbare ‘realiteit’ de hoofdpersonen steeds absurdere gebeurtenissen serveert, herinnert aan het verhaal Bloodfall van T.C. Boyle. Maar Hemelstrand doet, zoals alle originele werken, vooral aan zichzelf denken en hoewel Lindqvists gewaagde experiment niet overal volledig slaagt, is camping Saluddens een gedenkwaardig oord waaruit ontsnappen, in zekere zin, gelukkig mogelijk blijkt.’ – Robert Gooijer in NRC Handelsblad

Ga heen, zet een wachter zit subtieler in elkaar dan Spaar de spotvogel, juist door dat contrast tussen heden en verleden, verwachting en teleurstelling. En uiteindelijk de loutering. Waar Spaar de spotvogel een jeugdboek is, heeft Ga heen, zet een wachter een veel volwassener thematiek. Het nieuwste boek is uitstekend los te lezen, maar plaatst het decennia verschenen boek wel in een totaal ander, meer serieus te nemen licht. Met Ga heen, zet een wachter is Harper Lee vreemd genoeg werkelijk een complexe en interessante auteur geworden.’ – Arie Storm in Het Parool.

‘Bij Mantel – die de laatste jaren vooral bekend is van haar ook al zo dynamisch vertelde romans (Wolf Hall, Het boek Henry) – leveren de hoofdpersonages een constante strijd. Niets en niemand is te vertrouwen. Die personages kunnen ook zichzelf niet vertrouwen, geestelijk verward als ze vaak zijn. Dan kan het volgende gebeuren: ‘Op 9 januari zag ik even na elven op een donkere, beijzelde ochtend mijn dode vader in een trein die van Clapham Junction naar Waterloo vertrok.’ Dat is de eerste zin van het verhaal. En Mantel weet je toch aan het twijfelen te krijgen: waart die kerel echt nog ergens rond?’ – Arie Storm in het Parool.

Onze Edith was ook onder de indruk van De moord op Margaret Thatcher en schreef daarover (en meer) op oost-online.

Brieven uit Alvites is méér dan een gelegenheids-uitgaafje om ons eraan te herinneren dat Komrij een goede schrijver was – het is om zichzelf een zomeravond waard, al dan niet in splendid isolation.‘ – Arjen Fortuin in NRC Handelsblad.

‘Niet alleen schittert De pop in beschrijvingen van de chaotische en de geraffineerde aspecten van de menselijke ziel, ook geeft het boek je een fascinerende rondgang door het negentiende-eeuwse Warschau, waarbij geen sociale laag onbehandeld blijft. Niet eerder heb ik die stad en zijn inwoners zo uitvoerig en gedetailleerd beschreven gezien als bij Prus.’ – Michel Krielaars in NRC Handelsblad.

‘Stilistisch gooit James, als een tropische kruising tussen James Ellroy, David Foster Wallace en Roberto Bolaño, alle remmen los. In lyrische passages als gruizige prozagedichten, flarden parodie en magisch realisme. En er komen regelmatig geweldscènes voorbij die in hun gedetailleerde bruutheid bijna letterlijk pijn doen.
Resultaat is een veeleisend en uitputtend boek. Maar al hadden een paar stevige redactionele ingrepen geen kwaad gekund, het cumulatieve effect van al die stemmen en stijlen, de The Wire-achtige scènes en de voortratelende monologen is niettemin indrukwekkend, omdat ze je het gevoel geven dat al die grimmige ellende zich voor je ogen voltrekt. Dat je de gekte van een brok Jamaicaanse geschiedenis bijna één op één te zien krijgt, gefilmd vanuit de goot.
Doe Bob Marleys album Exodus (1977) in de cd-speler, en geef je eraan over.’ – Dirk-Jan Arensman in Het Parool.

“Ik maak mezelf ook verwijten. Ik had in het vliegtuig naar Zagreb moeten stappen en de bevelhebber van de VN-missie Unprofor, de Franse generaal Janvier, moeten houden aan de beloften van zijn baas in New York. Ook al besefte ik de risico’s voor de blauwhelmen. Of het geholpen had, weet ik natuurlijk niet. De VN zeiden dat de feitelijke macht bij de Franse en Britse regering lag.
[…] Wat de Bosnische moslims is aangedaan en wat de yezidi’s in 2014 is overkomen, kan zich op vele plaatsen in de wereld voordoen. Er komen nog meer Srebrenica’s. In het Midden-Oosten en Afrika zien we een combinatie van ongelooflijk grote groepen werkloze, slecht opgeleide mannen, en een enorme beschikbaarheid aan vuurwapens. De jongeren hebben geen perspectief, geen inkomen, geen rol in de maatschappij. Zodra ze lid worden van milities die 300 dollar per maand bieden, voelen ze zich een hele bink. Er wordt bovendien een verhaal bijgeleverd dat hun misdaden rechtvaardigt, het verhaal dat er een kalifaat gevestigd moet worden. Het is een giftige mix van economische ellende en sociale achterstaden, onder een religieuze vernis.” – Joris Voorhoeve in gesprek met Theo Koelé in de Volkskrant.

“Het valt mij altijd op dat Nederlanders helemaal niets weten van Mohammed of de Koran. Ja, dat Mohammed een pedofiel was omdat hij met een 9-jarig meisje zou zijn getrouwd. Dankzij Ayaan Hirsi Ali en Geert Wilders. Maar vraag eens: wanneer leefde Mohammed eigenlijk? De antwoorden die je dan krijgt lopen van 100 voor Christus tot het jaar 1200. Men heeft werkelijk geen flauw benul. Dit boek is ook bedoeld om iedereen die maar makkelijk lult over de islam de mond te snoeren.
Want of we het nu leuk vinden of niet, we krijgen intensief te maken met de islam. Ik schat dat het nog honderd jaar oorlog blijft in het Midden-Oosten. De vluchtelingenstroom zal nog decennia aanhouden. We zullen meer van dat geloof moeten weten. Anders kunnen we nooit met die moslims in discussie en gesprek gaan.” – Marcel Hulspas in gesprek met Maarten Keulemans in de Volkskrant.

‘Nu is er een boek waar ik wél opgewonden van word.’ – Stine Jensen in de Volkskrant.

‘Mazzucato laat zien dat dit verhaal van de ondernemende staat en het op de bagagedrager springende bedrijfsleven opgaat voor zo ongeveer alles wat te maken heeft met informatietechnologie, biotechnologie, nanotechnologie en de ontwikkeling van geneesmiddelen.’ – Hans Wansink in de Volkskrant.

‘Max Velthuijs, die zijn Kikkerverhalen illustreerde met gouache, werkt bij de prentenboekentekst van Jocelyn Wild met aquarel. Het resultaat is transparanter dan zijn latere werk, maar de dierenkoppen met menselijke trekjes, de heldere vormen, laconieke humor en grafische trefzekerheid zijn zoals we ze kennen uit de met Zilveren en Gouden Penselen bekroonde Kikkerboeken. ‘Meneer Macaroni gaat picknicken’ is een echte Max Velthuijs.’ – Joukje Akveld in Trouw.

De man die de taal van de slangen sprak van de Estse schrijver Andrus Kivirähk, behoort tot het fantasy-genre, maar heeft ook grote literaire kwaliteiten: een subtiele psychologie en een flinke dosis onweerstaanbare, absurde humor. Bovendien is het een roman vol vaart, en ook het joyeuze Nederlands waarin vertaler Jesse Niemeyer de belevenissen van hoofdpersoon Leemet goot, draagt ertoe bij dat de lezer zijn scepsis moeiteloos opschort.’ – Ger Leppers in Trouw.

‘Zoals er Alpenetappes zijn waarvan je hoopt dat ze nooit voorbijgaan, dat er nog een col van de buitencategorie is, zo zijn er wielerboeken waarvan je hoopt dat ze nooit ophouden, zoals De Nederlandse wielerliteratuur in 60 en enige verhalen van de Nederlandse oppersportbloemlezer Arthur van den Boogaard. 900 Bladzijden van het allerbeste dat er in Nederland over sport is geschreven (Nu ja, Tim Krabbé wilde niet in de bloemlezing).’ – Arjen Fortuin in NRC Handelsblad.

‘Winnen in Parijs is een kwestie van een scherpe eindsprint en dat is precies wat Herman Chevrolet biedt in De kunst van het winnen. Zijn eerste hoofdstuk is een harde aanklacht tegen de brave ‘kleine doelen’ van vooral Nederlandse renners. ‘Hoop alleen is niet voldoende, dat is iets voor kanslozen: wie alleen maar hoop heeft is bij voorbaat verloren.’ Daarop volgt een lange reeks tips en aanwijzingen, onder het motto: ‘Vergeet elke vorm van eerlijkheid.’ Zo pleit Chevrolet voor eigen parochie, want er is een wijsheid die in de hele Tour des Livres onophoudelijk naar voren komt: pas als het oneerlijk wordt, wordt het echt interessant.’ – Arjen Fortuin in NRC Handelsblad.

‘Bijzonder is Bidon, van de inmiddels ex-Tourjournalist Peter Ouwerkerk, die zijn herinneringen aan decennia Tourverslaggeving verweeft met het relaas van een wat zinledige tocht naar Noord-Frankrijk, waar Lars Boom vorig jaar eindelijk weer voor een Nederlandse etappezege zorgde. Ouwerkerk is niet de grootste stilist van het korps wielerverslaggevers, maar het beeld van hoe een oud-reporter rondhangt in een finishplaats in afwachting van de grote karavaan waar hij geen deel meer van uitmaakt, is prachtig en getuigt van een diepe liefde voor de sport – net als de paniek die hem bevangt wanneer Boom in volle wedstrijd de hem toegestoken bidon net niet te pakken krijgt.’ – Arjen Fortuin in NRC Handelsblad.

‘William Fotheringham vertelt niet alleen het gebruikelijke verhaal van de imposante zeges van een Bretons natuurtalent, maar plaatst le blaireau (de das) ook precies op de grens van het oude ‘Europese’ en het huidige ‘mondiale’ wielrennen. Geweldig zijn de anekdotes over hoe Hinault als een toerist wedstrijden reed, om dan een paar kilometer voor de streep ‘voor zijn plezier’ zich in de strijd om de zege te mengen. En te winnen.’ – Arjen Fortuin in NRC Handelsblad.

‘Is wielrennen nu duursport of een mind game? In het aantrekkelijk geschreven (renners die rondrijden als veertienjarigen die zich vervelen op Bijbelles) De verborgen motor wordt vol ingezet op het tweede. Van de liefdesdoping van de betreurde Frank Vandenbroucke tot placebo-effecten bij doping én hoe zelfs een toprenner in de greep van de twijfel kan raken – dit is een boek als een vlakke etappe waar je weinig van verwacht, maar die zich plotseling spectaculair blijkt te kunnen ontwikkelen.’ – Arjen Fortuin in NRC Handelsblad.

‘De Wild schetst een ontluisterend beeld in zijn tweede, sterke jongerenroman: volwassen worden is een eenzaam proces, als tiener sta je er alleen voor.’ – Joukje Akveld in Trouw.