Van Dale Dikker dan ooit

€ 30 korting op de nieuwe Dikke van Dale
van daleDe nieuwe editie van het Groot woordenboek van de Nederlandse taal verschijnt binnenkort. Reserveer nu uw exemplaar. U krijgt een korting van € 30,-. De intekenprijs is € 149,-.
Deze actie loopt tot 18 oktober. Vanaf die dag is de prijs € 179.-.
Klik hier voor alle gegevens van de nieuwe uitgave en om uw exemplaar te bestellen.

Wie storm zaait

Zaterdag 5 september 16.00 uur: T.C. Boyle in Linnaeus Boekhandel
foto-stefan-joham    wie storm zaait
Ontmoet de schrijver, maak een praatje en laat uw boek signeren
Reserveren is niet nodig; toegang is gratis.
Lees meer

BOEKEN IN DE MEDIA

‘Verbogts schrijven is een doelbewuste vorm van constipatie, van vasthouden en de tijd trotseren. […] Door vergelijkbare gebeurtenissen en herinneringen naast elkaar te zetten, door grote stappen in tijd te durven nemen, is een rijk beeld ontstaan. Van dichtbij zie je niks, van een afstandje zie je talloze schakeringen van een minimale confrontatie, van een ijl moment. Puik gedaan. Missie geslaagd. Al is de verwachting dat Verbogt alweer bezig is aan een verfijndere versie.’ – Daniëlle Serdijn in de Volkskrant.

‘Het is vrijwel onmogelijk je bij deze tamelijk vlak getekende personages emotioneel betrokken te voelen. Maar dat is precies waar Hemmerechts je hebben wil. Met haar nu eens afstandelijke en dan weer provocerende manier van schrijven laat ze je bungelen in een drukkend ongemak. Ze dwingt je kritisch mee te denken over het onontkoombare verband tussen macht, geweld en seksualiteit, en de rol die man-vrouwverhoudingen daarin spelen.’ – Annemarie van Niekerk in Trouw.

“Ik was onlangs in de Centraal Afrikaanse Republiek. Daar heb je een sterk gevoel van onveiligheid, omdat er geen functionerende staat is. Toch worden er relatief minder mensen gedood dan in New York, zeker dan in het New York van de jaren tachtig en negentig.
We zien Afrika graag als bruut en gewelddadig. Toch is er veel vooruitgang geboekt. Afrika bestaat uit 54 landen. Je hoort nooit over landen waar het goed gaat. Zuid-Soedan is verschrikkelijk, maar niemand praat ooit over Botswana. Op het hele continent zie je groei. Maar happy stories zijn niet zo interessant.” – Dinaw Mengestu in gesprek met Peter Giesen in de Volkskrant.

“Sinds de jaren tachtig, toen Iraniërs naar Nederland kwamen, heb ik veel mensen uit die regio gesproken en geïnterviewd. Heel prettige gesprekken vaak, met menen die voor mijn gevoel erg op me leken. Je afkomst zegt soms veel minder dan je opleiding, je belangstelling, je politieke voorkeur of welke muziek je mooi vindt. Iraniërs kijken bijvoorbeeld naar zichzelf met bijna een soort Jiddische humor: tamelijk zwart, altijd met een beetje pijn erin. Daar voelde ik me erg bij thuis.” – Marja Vuijsje in gesprek met Sofie Cerutti in Trouw.

‘Een boek waarin Sarah Hall haar proccupaties en poëtische gaven knap inbedt in een actueel verhaal over natuurbeheer, politiek en de woeste instincten van het moederschap. […] Sarah Hall is een lyrisch natuurtalent.’ – Dirk-Jan Arensman in Het Parool.

‘Boyle houdt nog steeds van lange maar licht-verteerbare zinnen, die soms wel een derde bladzij beslaan en die door zijn vertalers vaak noodgedwongen in stukjes worden gehakt; van humoristische persoonsbeschrijvingen, die getuigen van mededogen en vriendelijke spot; van goed getimede spreektaaldialogen en originele, sterke vergelijkingen. Stilistisch zoekt hij het midden tussen de barok van Tom Wolfe en het neodickensiaanse proza van John Irving, van wie hij nog les heeft gehad toen hij na een ongelukkige jeugd en een drankovergoten adolescentie toegelaten was op de Iowa Writers Workshop. […] Boyles zinnen hebben een superieure cadans die samen met de spannende plot vele van zijn romans tot pageturners maakt.
[…] Je hebt voor een goed boek drie dingen nodig: een goed verhaal, overtuigende personages en een tot lezen dwingende stijl. In Wie storm zaait komen ze alle drie bij elkaar.’ – Pieter Steinz in NRC Handelsblad.

‘Met haar Napolitaanse romans lijkt Ferrante de perfecte vorm te hebben gevonden om het gevecht tussen zelfverwerkelijking en zelfvernietiging ook echt voelbaar te maken. Ik kan niet wachten op de volgende twee delen.’ – Marja Pruis in de Groene Amsterdammer.

‘Een episodische kakofonie vol briljante stemmen, schimmige grappen-voor-insiders en bonte levensverhalen. Getuigenissen die voortdurend balanceren op de rand van het onsamenhangende, maar je telkens weer het boek in zuigen, nieuwsgierig naar wat er geworden is van die twee Don Quichotachtige pennenbroeders.
De berichten daarover, die armoede, rusteloosheid en desillusie suggereren, zouden somber en melancholiek hebben gestemd – als het geheel gek genoeg niet juist zo bruiste van de energie en het vertelplezier.
Dat is de paradox van De wilde detectives: dik vijfhonderd pagina’s over heroïsch falen waar je opgewekt en optimistisch uit tevoorschijn komt.’ – Dirk-Jan Arensman in Het Parool.

‘Het duizelt je soms als je bedenkt wat de verteltechnische implicaties zijn geweest van dit tweetalige dubbelperspectief; alsof je door een Escher-achtig labyrint loopt. Petje af. Ook voor Schogts uitgever die het aandurfde een dergelijke roman op de markt te brengen. Artistiek gezien is het bijna een daad van verzet: een gecompliceerde roman waarin het marketingdenken ook nog eens wordt bespot.’ – Daniëlle Serdijn in de Volkskrant.

‘Zandberg kan lekker schrijven. In vijftig korte hoofdstukken bouwt hij knap een historische roman op rond de tobbende Willem (roepnaam Wiwill) die liever in Parijs aan de zwier gaat dan in het stijve Den Haag zijn kroonprinselijke taken te vervullen. Zandberg permitteert zich enige afwijkingen van de feiten, zonder in het ergerlijke genre van de speculatieve ‘faction’ te belanden.’ – Remco Meijer in de Volkskrant.

Zorgt de atlas voor nieuwe inzichten over Van Gogh?  “Deze atlas is bestemd voor het grote publiek. Voor hen prikken we een paar oude mythes door, bijvoorbeeld dat Van Gogh een arme kunstenaar was. Hij kreeg van zijn broer Theo meer geld dan een gemiddeld Frans gezin had te besteden. Daardoor was hij in de gelegenheid te zoeken naar zijn eigen ontwikkeling.
We proberen hem vooral neer te zetten als een mens van vlees en bloed, niet als kunstenaar op een voetstuk.” ‘ Sandra Kooke interviewt René van Blerk in Trouw.

‘Proza zo intens en vitaal dat je huid ervan samentrekt. Een besef van het afsterven van onschuld, erkenning van het imperfecte en van alomtegenwoordigheid van verdriet. Woorden niet alleen als de dragers van ideeën, maar als de gevoelens en gedachten zelf. Als kleine vormen, zwart op wit, die je raken.’ – Philip Huff in De Groene Amsterdammer.

‘Mackintosh laat Gretchen zichzelf toespreken. “Bedenk hoezeer je níét wilt doodgaan.” “Glimlach bij wijze van experiment.” Soms irritant, hoewel de eenzaamheid die er uit spreekt tegelijkertijd ontroert. Je zou Mackintosh erom willen slaan en kussen. Op al  haar veertien gezichten.’ – Bo van Houwelingen in de Volkskrant.

‘De botsing tussen de generaties vormt de kern van het boek, dat grotendeels uit gesprekken en herinneringen bestaat. Dat geeft het iets van een ideeënroman, maar met zijn scherp geformuleerde gedachtenexercities weet Natter vaak te prikkelen. Bovendien heeft de roman een fiks tempo (onontbeerlijk voor de roadnovel die het ook is) en zijn de gesprekken veelal gevuld met grappen: zo breng je immers de tijd door met iemand die je er niet om zal veroordelen.’ – Thomas de Veen in NRC Handelsblad.

New Grub Street biedt bijtende satire en heerlijk melodrama. En alsof dat nog niet genoeg is blijkt het ook nog het oerboek over modern schrijverschap. (…)
Wat een prachtige oproep tot empathie met hen die falen in de ratrace! Reardon is de man van het verleden die niet in staat is zich aan te passen, Milvain de man die meebeweegt, modern is, maar geen idealen heeft die verder reiken dan zijn platte portemonnee en dikke ik. De ene legt het af, de ander overleeft. Je hoeft niet uit 1890 te komen en ook geen schrijver te zijn om van die waarheid doordrongen te raken.’ – Gerwin van der Werf in Trouw.

‘De roman is een fascinerend, soms bijna huiveringwekkend portret van een ongepolijst en complex, nu eens bot, dan weer teder personage, dat je als lezer dikwijls onvermijdelijk met conflicterende gevoelens vervult. Aan de hand van Lila’s wederwaardigheden schetst Robinson – die een protestants-christelijke achtergrond heeft – zowel de grootmoedigheid als de kleingeestigheid waartoe religie kan inspireren.’ – Hans Bouman in de Volkskrant.

‘De bijna komische onverstoorbaarheid waarmee de ooit zo betrouwbare ‘realiteit’ de hoofdpersonen steeds absurdere gebeurtenissen serveert, herinnert aan het verhaal Bloodfall van T.C. Boyle. Maar Hemelstrand doet, zoals alle originele werken, vooral aan zichzelf denken en hoewel Lindqvists gewaagde experiment niet overal volledig slaagt, is camping Saluddens een gedenkwaardig oord waaruit ontsnappen, in zekere zin, gelukkig mogelijk blijkt.’ – Robert Gooijer in NRC Handelsblad

Ga heen, zet een wachter zit subtieler in elkaar dan Spaar de spotvogel, juist door dat contrast tussen heden en verleden, verwachting en teleurstelling. En uiteindelijk de loutering. Waar Spaar de spotvogel een jeugdboek is, heeft Ga heen, zet een wachter een veel volwassener thematiek. Het nieuwste boek is uitstekend los te lezen, maar plaatst het decennia verschenen boek wel in een totaal ander, meer serieus te nemen licht. Met Ga heen, zet een wachter is Harper Lee vreemd genoeg werkelijk een complexe en interessante auteur geworden.’ – Arie Storm in Het Parool.

‘Bij Mantel – die de laatste jaren vooral bekend is van haar ook al zo dynamisch vertelde romans (Wolf Hall, Het boek Henry) – leveren de hoofdpersonages een constante strijd. Niets en niemand is te vertrouwen. Die personages kunnen ook zichzelf niet vertrouwen, geestelijk verward als ze vaak zijn. Dan kan het volgende gebeuren: ‘Op 9 januari zag ik even na elven op een donkere, beijzelde ochtend mijn dode vader in een trein die van Clapham Junction naar Waterloo vertrok.’ Dat is de eerste zin van het verhaal. En Mantel weet je toch aan het twijfelen te krijgen: waart die kerel echt nog ergens rond?’ – Arie Storm in het Parool.

Onze Edith was ook onder de indruk van De moord op Margaret Thatcher en schreef daarover (en meer) op oost-online.

Brieven uit Alvites is méér dan een gelegenheids-uitgaafje om ons eraan te herinneren dat Komrij een goede schrijver was – het is om zichzelf een zomeravond waard, al dan niet in splendid isolation.‘ – Arjen Fortuin in NRC Handelsblad.