Voorlezen door opa’s en oma’s

Woensdag 7 september in OBA Linnaeusstraat:
Voorleeswedstrijd voor oma’s en opa’s (en alle volwassenen die van voorlezen houden)
voorleeswedstrijd 1

Als opmaat voor de landelijke finale in de Kleine Komedie op 8 oktober.
Doe mee! Tijdstip: 15.00-17.00 uur. Toegang: gratis. Aanmelden: linnaeus@oba.nl.
Lees meer

BOEKEN IN DE MEDIA

Bloed krijg je er nooit meer uit is Snijders meerduidigste en interessantste werk tot nu toe. Literaire jury’s lieten zijn boeken meestal links liggen, mogelijk afgeschrikt door de evidente autobiografie. Daar moet maar eens een einde aan komen: er zijn weinig auteurs die zichzelf zo voortvarend met het fileermes te lijf gaan.’ – Arjen Fortuin in NRC Handelsblad.

‘Een achtbaan van groteske gebeurtenissen, valkuilen en ontremde redeneringen die deze roman voortstuwen langs diepe menselijk dalen die bovendien gevuld zijn met uiterst platvloerse taferelen. In de stijl die daar naadloos bij aansluit. En dat in een Antwerps patois dat het geheel een volstrekt authentieke lading geeft.
[…] Antwerpen in oorlogstijd. Olyslaegers wilde dat we het voelden. En ik voelde het.’ – Kees ‘t Hart in De Groene Amsterdammer.

‘Een wereldpremière van een Nobelprijswinnaar moet je niet proberen in één enkele leeservaring te doorgronden, zelfs als die ondersteund wordt door een gesprek met vrienden die de tekst ook bestudeerd hebben. Dat geldt zeker als het een boek van Coetzee betreft. De vele hele en halve verwijzingen naar filosofie, religie en literatuur waar hij het patent op heeft, vragen erom in een geduldige herlezing ontcijferd en met elkaar verbonden te worden. Een snelle eerste gooi ernaar blijft een waagstuk.’ – Hans Achterhuis in de Volkskrant.

‘De gruwelijke gebeurtenissen weet deze Duitse schrijver, die eerder in de filmindustrie werkte, met humor draaglijk te maken. Dat doet hij tegen de achtergrond van een geloofwaardig historisch decor, dat zich uitstrekt van Praag in 1914 tot in het Berlijn van de nazi’s en Auschwitz. […] Bermann trekt een doos zwarte humor open, die aan het beste van Woody Allen doet denken. En als Max’ klagende grootmoeder op het toneel verschijnt, klinkt zelfs de echo van Philip Roths Portnoy’s complaint. […] Een tragikomische roman, geschreven in de beste joodse verteltraditie.’ – Michel Krielaars in NRC Handelsblad.

‘Rijk en afwisselend. […] Wijs en geheimzinnig.’ – Rob Schouten in Trouw.

‘Sinds de publicatie van zijn wereldsucces The Curious Incident of the Dog in the Nighttime (2003) geldt Mark Haddon (54) als een van de interessantste literaire auteurs van Groot-Brittannië. Weinigen schrijven zo indringend en overtuigend over ziekte en dood, inbeelding en karakterzwakte, schijnbare aangepastheid en aperte disfunctionaliteit. Nu blijkt Haddon ook nog eens geweldig uit de voeten te kunnen op de korte afstand. In de negen verhalen in De pier stort in (The pier falls) laat Haddon zijn opmerkelijke veelzijdigheid als verteller de vrije loop.’ – Hans Bouman in de Volkskrant.

“En wat mij ook heel erg opviel in die recensie-ronde over Zeven soorten honger, is dat er veel wordt geschreven over mijn vakmanschap. Niet in de zin van a good read, maar als discutabel punt. Ik lijk recensenten te prikkelen omdat mijn boeken zo gemakkelijk lezen. Ik denk dan altijd aan wat Hemingway zei: easy reading is hard writing.” – Renate Dorrestein in gesprek met Danielle Pinedo in NRC Handelsblad.

‘Lloyd-Roberts mixt feiten met reportage-elementen over seksslavernij, vrouwenhandel, kindhuwelijken en verkrachting als oorlogswapen. Haar toon is betrokken zonder dat ze haar ‘BBC-distantie’ verliest. De nuchtere feiten zijn al ontnuchterend genoeg.
De ondertitel van het boek, ‘En de moed om terug te vechten’, maakt duidelijk dat Lloyd-Roberts ook een monument opricht voor de vrouwen die de strijd aangaan.’ – Paul van der Steen in Trouw.

‘Niet vaak is er zo beheerst, zo liefdevol geschreven over haast onbeschrijflijke pijn en dieptreurige schoonheid.’ – Dries Muus in Het Parool.

‘De taal van Bernlef is puur, zonder uitgebeend te zijn. Zijn stijl is van een scherpte die niet onderdoet voor de diamanten naald van een platenspeler. Bernlef klinkt kraakhelder:

De stilte tussen
twee vallende druppels
dat is geruis

– Maria Barnas in de Volkskrant.

Sluit je ogen heeft soms meer weg van een liefdesroman dan van een thriller, want wat smacht Joe naar zijn Julianne.
Erg is dat niet, want ook daar zit de nodige spanning. Zoals altijd laat Robothom zijn boek eindigen met een bloedstollende finale, zowel in de moordzaak als in het privéleven van Joe. – Monique de Heer in Trouw.

Een zaak van liefde is sensationeel, in alle opzichten. De opgerakelde rechtszaken zijn nog altijd opzienbarend en Appignanesi houdt de spanning er prima in, ook al weet je van meet af aan wie het gedaan heeft. Het raadsel zit steeds in het waarom en waardoor ervan en of de dader er uiteindelijk mee weg komt – en of je het daar als lezer mee eens kunt zijn. En ondertussen gluur je schaamteloos mee in de duistere driften van een aantal dubieuze, dan wel beklagenswaardige medemensen. Daar kan geen boulevardblad tegen op.’ – Marijke Laurense in Trouw.

‘Subtiel, met ervaren meesterhand, tilt Angot uiteindelijk haar persoonlijke relaas op naar een hoger niveau, naar een algemene thematiek van uitsluiting en afwijzing. Het maakt  Een onmogelijke liefde tot een scherpe sociale roman over ongelijkheid, buiten sluiten en machtsmisbruik. Dankzij dit boek verzoenden Franse lezers zich massaal met de lang verguisde en omstreden Angot. Terecht. Dit is Literatuur. – Margot Dijkgraaf in NRC Handelsblad.

‘In Veilig leren lezen zien we iemand die zichzelf accepteert, vergeeft. Dat is de grootste troef van deze bundel; een identificatie met de ‘schichtige idioot’ die in ons allen huist, die vergissingen maakt, verwarring zaait en plaatsen als Ammen en Essen door elkaar haalt. Denk daaraan als uw navigatie weer eens commandeert: ‘Neem de afslag’, terwijl er geen afslag is en u vloekend achter het stuur zit.’ – Daniëlle Serdijn in de Volkskrant.

Helden van de grens is een boek waarin de Amerikaanse beschaving ervan langs krijgt, maar het gaat ook over een overspannen vrouw die het allemaal niet zo goed meer ziet. Die tweeledige strekking maakt het een spannend, dubbelzinnig en ook, ondanks het mislukte einde, een rijk boek waarin Eggers’ bijzondere kijk op het dagelijkse leven sterk tot uitdrukking komt.’ – Rob Schouten in Trouw.

‘Cohen is op zoek naar het hart van het geheim en iedere herinnering die hem dichter bij het hart van het geheim brengt, doet pijn: ‘Dit boek bestaat uit herinneringen en, in veel grotere mate, uit stilte, lacunes en vergetelheid.’ De stilte in dit meesterwerk is oorverdovend.’ – Guus Luijters in Het Parool.

‘Aan het einde van zijn lijdensweg zocht Van Gogh houvast en geborgenheid in zijn werk. Hij keerde terug naar zijn wortels en tekende onderwerpen van vroeger: gearmde paren, harde werkers en zaaiers. “Hij had graag een vrouw gehad en was gefascineerd door harde werkers, omdat zij net zo door het leven ploegden als hij. Van Gogh was een gevoelig, kwetsbaar en geremd mens met een laag zelfbeeld. In zijn kunstenaarschap voelde hij zich weinig gezien, ook door Gaugain, terwijl hij juist zo verlangde naar erkenning. Misschien zag hij zichzelf ook als zaaier, in die zin dat zijn schilderijen zaadjes waren die nog tot bloei moesten komen.” – Esther Villerius in gesprek met analytisch tekentherapeut Wanda Dondorp in Het Parool.