Ajax in de boekhandel

Woensdag 22 november: Ajax-avond met Danny Blind, David Endt en Louis van de Vuurst
    
Naar aanleiding van 25 jaar Ajax Jaarboek. Presentatie Jaap Visser.
Aanvang 19.30 uur.
DE AVOND IS VOLGEBOEKT
Lees meer

Kookboekpresentatie

Donderdag 23 november: feestelijke presentatie Voer voor vrienden, het nieuwe kookboek van Eva Posthuma de Boer
voer voor vrienden  Eva Posthuma de Boer 2 foto Cameron studio
Met een proeverij van hapjes uit het boek.
Aanvang 17.00 uur. Inloop vanaf 16.30 uur.
Eva Posthuma de Boer, Uitgeverij Unieboek-Het Spectrum en Linnaeus Boekhandel nodigen u uit om hierbij aanwezig te zijn. Lees meer

BOEKEN IN DE MEDIA

“Ondanks alles wat er hier is gebeurd, door de tsaren, door de communisten, door de oligarchen van nu, vind ik hier een toewijding aan de mens die je in Nederland niet zo snel aantreft.
[…] En dan die enorme zuidelijke emotionaliteit. Niet dat ingehoudene van Nederland, maar een manisch depressief land, met uitgelaten en diep sombere stemmingen. Dat past bij me.” – Pieter Waterdrinker in gesprek met Mathijs Deen in de VPRO-gids.

“Alle boeken zijn apart van elkaar te lezen en in willekeurige volgorde. Als je de boeken in volgorde van publicatie hebt gelezen, lijkt dat misschien de enige manier waarop het verhaal navolgbaar is. Maar wie er aan een andere kant instapt, of dat nou deel twee, drie of vier is, legt de puzzel op een andere manier in elkaar. Dat was in elk geval mijn ambitie: een labyrint te creëren met vier toegangsdeuren. Afhankelijk van welke deur je kiest, heb je een ander perspectief, een andere leeservaring. Je maakt een andere reis.” – Carlos Ruiz Zafón in gesprek met Marjolijn de Cocq in Het Parool.

“We moeten nu eens ophouden te zeggen dat de Afrikaanse cultuur een orale traditie heeft. Je moet de geschiedenis, het collectieve imaginaire van een continent ook op papier zetten. Het geschrevene blijft, het orale kun je vervalsen en verdraaien. Iedere keer als een Afrikaan schrijft, draagt hij het gewicht van decennia kolonisatie met zich mee, van eeuwen slavernij. Lange tijd namen anderen het woord, niet de Afrikanen zelf. De Fransen schreven onze geschiedenis. Voor mij is literatuur het herschrijven van de geschiedenis. Petit Piment is een bladzijde die je niet vindt in de Afrikaanse geschiedenis die door Europeanen wordt geschreven'” – Alain Mabanckou in gesprek met Margot Dijkgraaf in NRC Handelsblad.

Arnon Grunberg: “Ik denk dat dit boek een goed beeld geeft van wie ik was voor Blauwe maandagen. Aangevuld met de brieven uit Aan nederlagen geen gebrek, dat vorig jaar uitkwam. Ik was soms aangenaam verrast. Sommige verhalen, Rhodos bijvoorbeeld, zijn eigenlijk heel goed. Door het lezen van die teksten ging ik ook terug in de tijd. Hoe ik de hele dag bezig was met die teksten, uitprinten en weer corrigeren en weer printen.”
Vic van der Reijt: “Als je die brieven uit die tijd ernaast legt: wat een onvoorstelbare hoeveelheid tekst heb jij geproduceerd!”
Arnon Grunberg: “Zoals ik al zei: ik was maniakaal. Toen schreef ik zonder hoop op publicatie. Nu heb ik deadlines.” – interview met Maarten Moll in Het Parool.

‘De manier waarop Eugenides zijn verhalen vertelt is simpel en effectief, je zou haast zeggen in tegenstelling tot zijn personages die het ondanks hun goede bedoelingen maar niet lukt om te overleven. Soms heb je het gevoel in de huid van een dader te kruipen die zelf niet in de gaten heeft wat hij fout doet, soms ook is het simpel de wereld zelf of de samenloop van omstandigheden die maken dat men faalt. Eugenides brengt het scherp en vol mededogen in beeld, niet geplaagd door een overmaat aan ironie of superioriteit.’ – Rob Schouten in Trouw.

‘Op elke bladzijde van Ik, Vondel proef je dat er hier een schrijver aan het woord is die beroepshalve betrokken is bij Vondel-opvoeringen. Croiset en dramaturg Guus Rekers komen de eer toe Vondel als toneelschrijver in ere te hebben hersteld. Als acteur gaf Croiset stem aan Vondels verzen. Nu draait hij het om en geeft hij als acterend en regisserend schrijver stem aan Vondel. Croisets boek is dat van een gevoelvolle denker over toneel, die in Vondel zijn gelijkgestemde vindt.’ – Kester Freriks in NRC Handelsblad.

‘In zijn vorige bundel, het voor de VSB Poëzieprijs genomineerde ‘Van groot belang’, raakte Wijnberg met gedichten over macht en de verdeling daarvan, over arm en rijk, over Europa, aan eigentijdse kwesties. ‘Van jou, voor jou’ is zeker zo urgent. Een scherp voorbeeld van hoe poëzie wat vluchtig is eeuwigheidswaarde kan geven.’ – Janita Monna in Trouw.

‘Het is een ambitieuze onderneming, een boek schrijven met de titel Wat op het spel staat. Zeker gezien de andere woorden op het omslag, die het antwoord geven op de titel: democratie, welvaart, rechtsstaat, vrijheid, klimaat en tolerantie. Welke uomo universale gaat ons dat eens even allemaal uitleggen, en dat in 222 pagina’s?
Dat doet Philipp Blom (1970), en dat doet hij goed. De Duitse filosoof, historicus en schrijver heeft zich al vaker een uitmuntend geschiedschrijver getoond, met boeken over de meest uiteenlopende onderwerpen, zoals verzamelen, de Verlichting, Oostenrijkse wijnen en de jaren tussen 1900 en 1914 in Europa. In Wat op het spel staat richt hij zich op de actualiteit, met een even verbluffend als apocalyptisch betoog over de bedreigingen die ons te wachten staan.’ – Derk Walters in NRC Handelsblad.

“We moeten een scherp onderscheid maken tussen kritiek op de Europese Unie en haar instellingen, en het Europese project dat we niet overboord mogen gooien. Integendeel. Die kritiek deel ik helemaal: de EU is verre van democratisch, het Europees parlement heeft te weinig bevoegdheden, en de Europese Raad waarin de diverse ministers vergaderen is ondoorzichtig.
Het probleem is dat de Europese kiezers niet dezelfde rechten hebben. U als Nederlander en ik als Duitse spelen niet op hetzelfde speelveld. U hebt een ander kiesrecht dan ik, en betaalt andere belastingen dan ik. Dat speelveld moet gelijk getrokken worden, en dat kan in de Europese Republiek. We hebben in Europa al één gemeenschappelijke markt, en een eenheidsmunt. Wat er ontbreekt is de democratie, met gelijke rechten voor iedere Europeaan.” – Ulrike Guérot in gesprek met Co Welgraven in Trouw.

‘De Ierse schrijfster Sally Rooney (1991) heeft een hekel aan imperfectie, vertelde ze in een interview. Het is te merken want ze schreef een nagenoeg perfecte debuutroman. Nu ik dat zo opschrijf, besef ik dat dat niet per se een meerwaarde hoeft te zijn, een perfect boek heeft ook iets braafs, het spannende zit ‘m meestal in de rafelrandjes, dat wat net niet goed is gelukt, of dat wat dreigt te mislukken.
Maar in dit geval bedoel ik perfectie in de zin van vrij briljant.’ – Elke Geurts in Trouw.

De vrouw met het rode haar is maar half zo lang als Pamuks meeste andere romans, maar even ingenieus en beklemmend. Slechts anderhalf jaar na Het vreemde in mijn hoofd voegt Pamuk een volgend hoogtepunt toe aan een oeuvre dat al rijk was aan hoogtepunten.’ – Olaf Tempelman in de Volkskrant.

‘Aya Sabi schreef een bruusk en zachtmoedig boek, dat onder andere resoneert met de huidige politieke vragen over machtsverhoudingen tussen man en vrouw, over migratie. Accepteren wij de misstanden van onze tijd zonder slag of stoot, lijkt ze te vragen. Of vertellen wij eindelijk nieuwe verhalen, waarbinnen er ruimte komt voor verandering.’ – Hannah van Wieringen in NRC Handelsblad.

“Voor mij is schrijven denken met mijn handen; ik kan veel beter over dingen nadenken als ik ze op papier zet. De kern van dit boek is toch wel het verhaal over mijn vader. Ik had voor deze reis heel weinig nagedacht over zijn dood en de betekenis daarvan in mijn leven en nu waren de omstandigheden ernaar dat ik er niet omheen kon. Echt reizen gaat naar buiten en naar binnen. Je vergroot je begrip van de wereld, maar je vergroot ook je begrip van jezelf. Dat is met dit boek wel gebeurd, denk ik.” – Auke Hulst in gesprek met Marijke Laurense in Trouw.

‘Deze roman vol autobiografische humus knettert van ambitie. Dat voel je, ook omdat de welgemikte formuleringen je van meet af aan om de oren vliegen. Tegelijk neemt Wieringa royaal de tijd om zijn hoofdpersonages vlees op de botten te geven.
[…] Aan deze minuscule, gehavende levens onttrekt Tommy Wieringa een zintuiglijk boek, geschreven met jaloersmakende stilistische precisie en in hallucinerende taal.’ – Dirk Leyman in de Volkskrant.

“De ideale omstandigheden voor het ontstaan van grote literatuur zijn wanneer de werkelijkheid onbegrijpelijk en chaotisch lijkt geworden, wanneer de mensen de grond waarop ze lopen niet meer vertrouwen. De morele parameters worden dan elastischer. In de erotiek is iets dergelijks aan de hand. In samenlevingen waarin niets meer zeker lijkt en alles lijkt te gaan veranderen, wordt erotiek een soort compensatie, een soort genoegdoening voor wat de werkelijkheid niet meer kan geven. Stabiele samenlevingen daarentegen zijn geen vruchtbare bodem voor grote creatieve projecten en ook niet voor het verkennen van de grenzen van de erotiek. Ik zeg dit wel met enige aarzeling, want bewijzen kan ik het niet.” – Mario Vargas Llosa in gesprek met Maarten Steenmeijer in de Volkskrant.

‘Tot het eerste boek dat ik vorig jaar van haar las, kende ik Jane Gardam niet. Dat spijt me nog steeds. Wat een fenomenale schrijver is ze! En heel erg Brits, met haar understatements die even charmant als meedogenloos zijn.’ – Thomas Verbogt in Het Parool.

‘Het resultaat – een verstandelijke, precieze verkenning van teloorgang en vergetelheid – is prikkelend, ambitieus en oprecht.’ – Sebastiaan Kort in NRC Handelsblad.

“Gorbatsjov wordt in het Westen gezien als de man die de Koude Oorlog heeft beëindigd en het communisme heeft vernietigd. Daar wordt hij om geprezen. Hoewel ik mij afvraag of westerse leiders momenteel nog iets geven om de verdiensten van Gorbatsjov. Ze zijn in verwarring door de dingen die hij de afgelopen jaren heeft gezegd. Hoewel hij vaak kritisch is over Poetin, steunt hij diens buitenlandbeleid. Hij was voorstander van de annexatie van de Krim, en hij veroordeelt de expansie van de Navo.
Dat laatste komt voort uit woede. Hij wilde van de Navo een politieke alliantie maken die het Oosten en het Westen zou verenigen. Dat is nooit gebeurd en Gorbatsjov voelt zich om die reden verraden. Hij is boos op het Westen omdat het Rusland na 1991 heeft verzwakt. Niet erg volwassen, vindt Gorbatsjov” – William Taubman in gesprek met Janne Chaudron in Trouw.

”Oude meesters’, de derde roman van Joost de Vries (1983), doet me sterk denken aan het zojuist vertaalde ‘Macht der duisternis’ van de Engelse schrijver Anthony Burgess. Dit niet vanwege het feit dat beide romans zich deels op Malta afspelen, maar omdat ze allebei een briljant vertoon van highbrow entertainment bieden. De Vries is nog geen Burgess, maar hij is hard op weg een van Nederlands vooraanstaande auteurs te worden, een schrijver voor liefhebbers van een superieure stijl.
[…] ‘Oude meesters’ is een gezelschapsroman vol intriges en verwikkelingen die iets van de mentaliteitsgeschiedenis van een tijdperk in beeld brengen met ook nog als happy end een optimistische volzin: “Niet twijfelen nu, niet bang zijn. Maar vol vertrouwen naar de toekomst kijken.”
Maar vooral is dit boek een virtuoos vertoon van vertelkunst waar de liefhebber z’n vingers bij aflikt.’ – Rob Schouten in Trouw.

‘Wat Hollinghurst creëert, lijkt op een schaduwwereld, die misschien wel een soort droom is, een verlangen. En alles komt verbluffend echt over. Zijn proza zit vol leven, de personages zijn voortdurend in beweging, ze zijn bezig met iets, hebben altijd iets omhanden, ook als ze nadenken. En zitten ze zowaar weleens stil bij dat overpeinzen der dingen, dan zijn die gedachten zelf volop in beweging. Hollinghurst schrijft literaire fictie vol actie, vol bedrijvigheid, zonder dat het resultaat een ordinaire thriller is. Zijn proza is spannend, op de juiste manier.
[…] Hollinghurst lezen is verslavend. Deze roman verdient een groot publiek – van alle gezindten.’ – Maarten Moll in Het Parool.

“Ik heb het schrijven van de biografie van Jan Wolkers niet ervaren als ondergeschikt zijn aan mijn onderwerp. Wel als dienstbaar. Je bent dienstbaar aan de waarheid, aan hoe het zit, daar doe je alle moeite voor. Mijn ervaring is: als iemand je personage is, wordt alles van dat personage interessant, ook het oninteressante, omdat het je boek vooruit helpt.
[…] Ik ben niet teleurgesteld in Wolkers na het lezen van zijn dagboeken (wat hij vreesde), want ik heb ook helemaal niet gedacht dat ik alleen maar een standbeeld voor hem moest oprichten of dat ik over superman aan het schrijven was. Het is toch geweldig voor een biograaf dat Wolkers’ leven zo vol woede en tragedie en tegenslag heeft gezeten?
[…] Ik vond het mooi om het beeld bij te stellen van de schrijver die de laatste tijd bekend stond als een gezellige man bij wie de vogels in en uit het haar vlogen. In dit portret van zijn leven keert de woedende Wolkers terug.” – Onno Blom in gesprek met Wilma de Rek in de Volkskrant.

“Liefdesverdriet is geen teken van zwakte. Het is inhumaan om zo hard te zijn tegen mensen met liefdesverdriet, alsof het een onvolwassen stoornis is. Waarom is een gebroken been erger dan een gebroken hart? En waarom zou je je niet ziek mogen melden? Om over liefdesverdriet heen te komen, moet je door dezelfde fasen van rouw als bij een stergeval. Woede, ontkenning, depressie en acceptatie horen er allemaal bij. Je kunt niet gewoon doorgaan alsof er niets aan de hand is. Liefdesverdriet wacht rustig op je tot je weer thuis bent.” – Jan Drost in gesprek met Laura de Jong in de Volkskrant.

“Het is onterecht om de gewone man te reduceren tot een xenofobe, agressieve idioot die elk moment zijn agressiviteit kan botvieren, zoals Sybrand Buma suggereerde in zijn H.J. Schoo-lezing. Wat een dedain. Alsof je praat over honden die je in hun hok moet houden. Heel, heel veel gewone mensen willen heel simpel het beste voor hun familie en de samenleving. Zij willen een knuffel, maar ze weten niet waar ze die moeten halen.” – Jos Palm in gesprek met Marco Visscher in de Volkskrant.

‘Alles wat er over de archetypische uomo universalis sinds de eerste levensschetsen uit de zestiende eeuw viel te schrijven, is wel zo’n beetje geschreven. […] Toch slaagt Isaacson erin je zeshonderd pagina’s lang in het spoor van Leonardo da Vinci te houden. Dat komt natuurlijk vooral door Da Vinci, een larger than life personage.’ – Bert Wagendorp in de Volkskrant.

Hoor nu mijn stem is een kalm boek, uitgesponnen verteld maar immer onderhoudend, waarin de hoofdstukken over de treinreis in het heden alterneren met een chronologisch verhaal over het verleden. […] Het is subtiel, mooi gedaan, net als de verschillende richtingen die de verhaallijnen uit gaan: Ina’s verhaal vertelt over verwijdering, Gina’s verhaal over terugkomst. Die dynamiek zorgt er ondanks het kalme tempo voor dat Hoor nu mijn stem constant blijft boeien, naast al die goed geschreven zinnen en treffende, grappige observaties van Treur.’ – Thomas de Veen in NRC Handelsblad.

“In uw boek beschrijft u een strategie om macht terug te winnen van de grote techbedrijven: weer papieren boeken lezen. Maar kijk om u heen in de gemiddelde treincoupé of koffietent. Dat is toch een grenzeloos naïeve gedachte?”
“Ik noem het zelf liever een romantische gedachte. Natuurlijk zie ik ook wel dat papier flink terrein heeft verloren. Neem het hotel waar ik nu ben: vroeger kon ik mijn New York Times pakken in de lobby, nu moet ik de straat op om ernaar te zoeken. Maar ik doe dat met liefde, en ik ben echt niet de enige. De dood van het papieren boek is al vele malen voorspeld, maar nog nooit uitgekomen. Sterker: de verkoop van e-books in de VS stagneert, terwijl die van papier weer licht stijgt. Ik denk dat mensen hunkeren naar het opdoen van kennis zonder gestoord te kunnen worden, zonder het idee te hebben dat een of ander bedrijf met je mee kan kijken naar welke passages je markeert. Ik denk dat veel mensen in stilte en rust willen lezen, en dat alleen papier die geestestoestand kan oproepen.” – Franklin Foer in gesprek met Tonie Mudde in de Volkskrant.

“Wat mij in het bijzonder fascineert aan Nick Cave is dat hij een van de grootste verhalenvertellers in de muziek is. Hij gebruikt de sfeer van de muziek en de songteksten om zijn verhalen te illustreren.
[…] Toen ik met hem sprak, praatte hij vaak over zichzelf in de derde persoon. Hij is dus eigenlijk voortdurend een personage genaamd Nick Cave aan het opbouwen. Dat heb ik ook met dit boek gedaan. Op een bepaalde manier heb ik mijn eigen versie van Nick Cave gecreëerd.” – Reinhard Kleist in gesprek met Michael Minneboo in de VPRO-gids.

‘Bibi Dumon Tak schreef de tekst en Hans van der Meer maakte de foto’s. Het boek verschijnt ter gelegenheid van het twintigjarig bestaan van De Leemweg, het enige koeienrusthuis van Nederland. Zo’n jubileumboek kan knullig uitpakken, maar daar hoef je bij dit duo niet bang voor te zijn. Dumon Tak, een gelauwerd (kinderboeken)schrijfster, is op haar best als ze over dieren schrijft en Van der Meer zag met zijn fotografenoog al jaren geleden de schoonheid van de koe. Samen trokken ze naar De Leemweg in het Friese Zandhuizen om de bewoners te portretteren. Dit resulteerde in een boek dat zelfs van de grootste melkmuil een instant veganist maakt.’ – Katja de Bruin in de VPRO-gids.

München 1938 is geen normale thriller. We weten hoe Hitler nog geen jaar later Polen binnenviel. Maar Harris weet meesterlijk de spanning op te roepen van die vier dagen in 1938 toen het Verdrag van München werd ondertekend en toen velen nog even geloofden dat de verschrikkingen van een nieuwe oorlog konden worden afgewend.’ – Monique de Heer in Trouw.

‘Exemplarisch demonstreert Spengler op deze manier de diversiteit van de tegenstem tegen Verlichting, liberalisme en marxistisch socialisme. Na 1945 heeft men die diversiteit wel eens vergeten, omdat bijna alles onder de noemer ‘fascisme’ werd gerangschikt en verketterd. Daardoor kon de fundamentele verdeeldheid van onze moderne wereld tijdelijk uit het zicht verdwijnen. De recente rechtse revival heeft dezelfde verdeeldheid weer bij iedereen op het netvlies gebrand. Om haar beter te leren kennen en niet blind te bestrijden, loont het de moeite je in Spengler te verdiepen. Bij hem klinkt de rechtse, in wezen romantische tegenstem namelijk niet alleen buitengewoon indringend, maar ook nog eens onweerstaanbaar welluidend. Sinds deze week in het Duits én in het Nederlands, met dank aan vertaler Mark Wildschut die bijna 1200 bladzijden lang een formidabele prestatie heeft geleverd.’ – Arnold Heumakers in NRC Handelsblad.

“Dit is het boek van angst en paranoia. De omstandigheden – aanslagen, antiterreurwetten, moeilijk samenleven – maken dat mensen andere dingen gaan doen dan ze willen. Vijf personen worden te gronde gericht door wat er buitenshuis gebeurt: enerzijds zijn er terroristen die angst zaaien, daar staan rechts-extremisten tegenover die politiek gewin proberen te behalen door de situatie verder op te kloppen en daar krijg je de angst van individuele personen die van alles in gang zetten bovenop, wat het nog erger maakt.” – Tom Lanoye in gesprek met Dieuwertje Mertens in Het Parool.