Onze zomerleestips

Wie niet weg is

Laatst stond er weer eens een artikel in de krant over de fantoomknopjes van stoplichten. Je denkt als fietser dat je invloed uitoefent door op het knopje te drukken, maar de verkeerslichten volgen gewoon hun geprogrammeerde schema. Sinds een tijdje is er een nieuw systeem: een lus die in het asfalt wordt gefreesd en als je binnen dat vaak trapeziumvormige vlak staat, wordt je aanwezigheid geregistreerd en wordt het fietslicht meegenomen in het op-groen-springschema. Ik was erg in mijn nopjes toen ik die noviteit net ontdekt had. Naast me stopte een vrouw, ze vroeg of ik wel op het knopje had gedrukt, en ik zei opgetogen: ‘Nee, dat hoeft dus niet meer! Het stoplicht weet al dat ik hier sta, zo handig, en ik voel me ook echt zo gezien!’ Ze keek me bezorgd aan. Het was nog pre pandemie anders had ze me zeker een coronacoach tegen eenzaamheid aangeraden. Om dit soort ongemakkelijke situaties te vermijden druk ik sindsdien met veel misbaar op het knopje als er meerdere fietsers achter me staan, opdat ze niet denken dat ik hun tijd aan het verkwanselen ben. (Kostbare tijd die ze daarna weer moeten inhalen door nog harder te fietsen op hun e-bike, al fietsen de meeste e-bikers sowieso door rood, maar dat is een ander onderwerp.) Maar ik weet, in stilte: ik word gezien.
Lees verder en lees onze zomerleestips
 

In de media

Twee weken weg - R.C. Sherriff

'Twee weken weg is een roman over weinig en veel. Het gaat over hoe mensenlevens kunnen verlopen, over hoop, verzoening en berusting. Maar bovendien, of misschien zelfs vooral, is het, al klinkt dit idioot modieus, een viering van het vermogen in het hier en nu te kunnen zijn. Dat geldt niet alleen voor de personages die tijdens hun schamele twee weken weg zo hartgrondig mogelijk samenvallen met hun tijdelijke omgeving, het licht, het zand, het water, dat gevoel slaat over op de lezer. Twee weken weg is een weldadig boek. Als iets een aanrader is voor de vakantie, is het deze roman wel.' - Judith Eiselin in NRC.

Hard land - Benidict Wells

"Toen ik aan Hard land begon, leek de dood ver weg. Ik schreef in Hard land over verlies en probeerde daar woorden voor te vinden. En toen – ik was bijna klaar en ook nog in een klein dorpje in Missouri – stierf ineens een van de mensen om wie ik het allermeest gaf. Plotseling vond het verhaal mij. Eerst was ik sceptisch of de woorden die ik eerder had geschreven over verdriet klopten. Maar ik heb bijna niets veranderd. De woorden die ik al had geschreven, bleken juist. Alleen stond ik aan de andere kant.
Ik heb geprobeerd van Hard land een eerlijk boek te maken. En niet te stoppen bij het typische coming-of-agepunt aan het eind van de zomer, maar ook de pijn en eenzaamheid van de winter te laten zien. Een van de meest ontroerende reacties die ik kreeg, was van een tiener die schreef dat zijn vader onlangs was overleden en dat hij zich door dit boek begrepen voelde." - Benidict Wells in gesprek met Laura de Jong in de Volkskrant.

Charlatans - Daphne Huisden

'We hebben hier te maken met een verhalenverteller die haar vak verstaat en met groot plezier uitoefent.
En niet alleen op zinsniveau, ook in de grote lijnen, de plot, zie je Daphne Huisden (1988) verleidelijk veel plezier hebben – iets wat eigenlijk niet verbaast na haar goed ontvangen, slim geconstrueerde debuut Alles is altijd fictie (2010) en haar tweede roman over burenverhoudingen Dit blijft tussen ons (2013). Naar die roman verwijst Charlatans, door locaties en personages te hernemen – dat tekent hoeveel lijntjes er door de nieuwe roman lopen. Maar dat Huisden nu komt met zo’n proeve van vertellersambacht, waar het schrijverspersonage in de burenroman nog laatdunkend over deed, mag verrassend heten. Zo is Charlatans op meer terreinen de verrassing van deze literaire zomer, zo ongewoon en onverwacht onweerstaanbaar.' - Thomas de Veen in NRC. 

Vos en ik - Catherine Raven

'Vos heeft, zo weet Catherine Raven maar al te goed, niet het eeuwige leven. Er moeten keuzes worden gemaakt, vragen worden beantwoord. Door te kijken, met Vos te spelen, te filosoferen en in boeken als Moby Dick zielsverwanten te ontdekken, komt ze tot inzichten en tot het schrijven van subliem proza dat mij zo nu en dan de adem benam.' - Yolanda Entius in Trouw.

Was - Jilt Jorritsma

'Het komt hoogst zelden voor dat een roman je doet walgen, tot kokhalzen aan toe, én betovert. De debuutroman Was van Jilt Jorritsma (1991) is met stip een van de merkwaardigste boeken die ik ooit las. Aanvankelijk lijkt de roman in twee delen uiteen te vallen, het voorste deel, onder het kopje ‘Wat is’, behapbaar en begrijpelijk, het achterste, getiteld ‘Wat was’, broeierig en bizar, bijna té broeierig en bizar.
Pas bij herlezing valt op hoe hecht geconstrueerd deze filosofische roman desalniettemin is.
[...] Je blijft vertwijfeld achter en begint dan maar weer van voren af aan, bij het begin van de roman. Of was dat begin het eind? Het is maar net hoe je het bekijkt, en dat te doen beseffen is precies wat Jorritsma met dit bijzondere boek beoogde.' - Judith Eiselin in NRC.

Het lied van de mistral - Olivier Mak-Bouchard

'Vanaf het begin heeft het uitstapje echter niets van een risicoloze vakantie, het is eerder een duizelingwekkende reis door de tijd, een inwijding in het land van de Luberon en zijn geschiedenis. Het is een avontuur dat verkwikt, zoals een stevige wandeling naar een bergtop waar het waait of een duik in een koude bron. Het lied van de mistral doet de lezer raken aan de geheimen van het leven en de natuur. In de inspanning onstaat uitzicht en inzicht. De lezer wordt onderdeel van het land.
[...] Het verhaal van de normaliteit en dat van de grensoverschrijding wanneer een mens raakt aan de natuur: Mak-Bouchard heeft beide met brille opgeroepen. En met zijn taal heeft hij het land van de Luberon getekend.' - Henk Pröpper in de Volkskrant.

Doe het toch maar - Babs Gons

'Babs Gons' teksten stellen vragen, zoeken het gesprek. Een persoonlijke geschiedenis maakt ze het verhaal van velen; dat wat veraf staat, haalt ze dichtbij.
In Gons’ werk, dat het midden houdt tussen poëzie en verhaal en column, is een grote betrokkenheid voelbaar. Een grote liefde voor haar zoon, voor Amsterdam, voor het leven. Dat maakt dat ze ook geluk kan zien als de wereld in lockdown is: ‘ik verklaar de vogels op het balkon/ tot onze nieuwe vrienden’.
Haar werk is een pleidooi voor meded­ogen, met de ander, met jezelf. Haar woorden fluiten de wijs van medemenselijkheid.' - Janita Monna in Trouw. 

Praat met mij - T.C. Boyle

"Haha, ja. Radar Love van Golden Earring is een van Aimees favoriete road songs en ik deel haar mening. Er moet muziek in het proza zitten. Ik ben niet het type schrijver dat van tevoren weet welke kant een boek op zal gaan. Er zijn auteurs die met schema’s werken. Kazuo Ishiguro, die ik zeer bewonder, denkt eerst een vol jaar na over een boek en weet als hij begint te schrijven tot in detail wat er gaat gebeuren.
Voor mij is het avontuurlijke van schrijven mede dat ik vandaag niet weet wat er morgen gaat gebeuren. Ik schrijf juist romans vanwege dat improviserende karakter. Romanschrijven is als koorddansen zonder veiligheidsnet: het project kan crashen. Maar als dat niet gebeurt en alles aan het eind blijkt te kloppen, dan is je geluk compleet. Schrijven is voor mij vergelijkbaar met een heroïneverslaving. Na de extatische kick van een geslaagde roman wil ik meer en begin ik aan mijn volgende boek." - T.C. Boyle in gesprek met Hans Bouman in de Volkskrant. 

De dertig beste verhalen - Anton Tsjechov

"Ik wil niet bang zijn. Bij vertalers heb ik vaak het idee dat ze bang zijn dat anderen denken dat ze geen Russisch kennen. Maar dat is natuurlijk de grootste valkuil die er is. Door vooral te laten zien dat het eigenlijk Russisch is, krijg je verwrongen Nederlands. Terwijl het ook in goed Nederlands voor iedere leek volslagen duidelijk is dat Tsjechovs verhalen in Rusland spelen, dat het over Russen gaat en door een Rus geschreven is. Het is een Russische omgeving waarin een gefrustreerde vrouw een ketel kokend water over de baby van haar schoonzusje gooit. Dat soort wreedheden. En dan ook het eindeloze gezeur over niks, dat maakt het allemaal heel erg Russisch. Dát moet je overdragen, niet 'Aleksej Aleksejevitsj'. Mensen lezen die namen niet eens meer. Je hebt Alexander Trofimovitsj en dan heet zijn zoon opeens Trofim Alexandrovitsj. Dat is alleen maar verwarrend." - Hans Boland, vertaler van De dertig beste verhalen,  in gesprek met Eva Peek in NRC.

Brandsmoor - Roman Helinski

'Roman Helinski is zo'n schrijver die meteen je sympathie krijgt. Hij is geestig, maar bovendien ontwapenend; ik geloof niet dat er veel jonge mannen zijn die zo vrij over verliefdheid durven te schrijven. Maar helemaal geloven moet je hem niet: net als in zijn vorige boeken schrijft Helinski net naast de waarheid, lijkt het. Daar kan hij nog wel even mee vooruit.' - Sebastiaan Kort in NRC.