121.037 resultaten

2021

Een bijzondere Snoecks voor bijzondere tijden, minder mocht je van de Snoeck 2021 niet verwachten. Van stijlvolle reportagefoto’s van een vampierenfeest in New York (Devin Yalkin) tot de uitbundige en schaduwrijke portretten van Floria Sigismondi. Over de verrassende en ontwapenende blik van Alastair Philip Wiper op industriële productie wereldwijd, de krachtige statements van Elina Brotherus, en de kleurrijke en luide stem van mixed media artiest Federico Solmi. De coverfoto van Isabelle van Zeijl (Den Haag), is een indringend portret dat hoop en moed uitstraalt. Van Zeijl is een gevestigde kunstenaar, erkend om haar meesterschap om opvallende zelfportretten te maken. Met een keur aan internationaal geprezen fotografen staat Snoecks opnieuw garant voor een diverse en verrassende blik op de hedendaagse fotografie. Snoecks 2021 is de 97ste editie van het jaarboek Snoecks.

De toekomst van Nederland

Nederland staat voor een aantal complexe vraagstukken. De klimaatverandering, de vergrijzende samenleving, de overstap naar hernieuwbare energie, het nijpende tekort aan woningen en de verduurzaming van de landbouw. Als rijksbouwmeester is Floris Alkemade direct betrokken bij studies die zich richten op de toekomst van Nederland. In dit boek beschouwt hij in het licht van de grote vragen die op ons afkomen het belang en de aard van de achterliggende culturele thema's. Nederland neemt ten opzichte van de globale vragen een unieke positie in, waarbij de noodzaak om te veranderen in essentie een sociaal-maatschappelijke vraag is. De auteur betoogt dat onze hedendaagse welvaart zo'n onvoorstelbare vlucht heeft genomen dat iedere verandering allereerst als een bedreiging wordt ervaren. Juist nu het vermogen om van richting te veranderen aangesproken moet worden. De krachtigste motor voor verandering is het oproepen van verlangen naar verandering. Verbeeldingskracht is daarbij essentieel. Niet de wereld bepaalt wie we zijn, maar omgekeerd, met onze verhalen vormen we de wereld.

Oase 107

For Dutch see below - English – In recent decades, the drawing practices in landscape design and urbanism have seen a number of transformations. Current developments in theory and practice have rendered the distinction between the two more diffuse. Both disciplines are no longer regarded as architecture – or gardening – ‘on a larger scale’, primarily anchored in questions of housing, land development or embellishment. Today ecology, energy transition or ‘metabolic’ issues are much more present, which leads to new forms of drawing. Leaving an object-oriented thinking behind, both disciplines seem to be convinced of the importance of the process and the impact of the factor of time. Space has become understood as an intersection – a ‘coagulation’ – of a multiplicity of flows and processes. For designers it is an essential question how all these flows and processes come together, materialize, and become visible, and how their ‘spatialization’ in drawings is represented in analysis and design. The design and the drawing seem to be torn between a process-oriented agenda and a spatial intervention whose success depends on disciplinary expectations of care, materiality and intrinsic aesthetic qualities. Sustainable design not only presupposes a bold solution to the problem, but must also be beautiful, empathic and affective. What role does the drawing play – from cartography to sketch? Which traditions offer starting points? What innovations are needed? -Dutch- In de afgelopen decennia heeft het tekenen in de context van landschapsontwerp en stedenbouw een aantal transformaties ondergaan. Recente ontwikkelingen in de theorie en de praktijk hebben het onderscheid tussen beiden doen vervagen. De twee disciplines worden niet langer beschouwd als bouwen – of tuinieren – ‘op grotere schaal’, vooral in de context van kwesties als woningbouw, landinrichting en uiterlijk vertoon. Tegenwoordig spelen de ecologie en de energietransitie of ‘metabole’ vraagstukken een veel nadrukkelijkere rol, wat resulteert in nieuwe manieren van tekenen. Beide disciplines laten het object-georiënteerde denken achter zich en lijken overtuigd te zijn van het belang van het proces en de impact van de factor tijd. De ruimte wordt opgevat als een kruispunt – een ‘gestold punt’ – in een veelvoud aan stromen en processen. Voor ontwerpers is de vraag, hoe al deze stromen en processen samenkomen, materialiseren en zichtbaar worden, en hoe hun ‘verruimtelijking’ in tekeningen is vertegenwoordigd in analyses en ontwerpen, van het grootste belang. Het ontwerp en de tekening lijken te worden verscheurd tussen een procesgerichte agenda en een ruimtelijke ingrijpen dat voor zijn succes afhankelijk is van disciplinaire verwachtingen aangaande zorg, materialiteit en intrinsieke esthetische kwaliteiten. Duurzaam ontwerpen veronderstelt niet alleen gewaagde oplossingen voor problemen; deze moeten ook mooi, empathisch en affectief zijn. Wat is de rol de tekening – van cartografie tot schets? Welke tradities bieden aanknopingspunten? Welke innovaties zijn nodig?

Portretten door Zeeuwse meesters uit de Gouden Eeuw

Tot voor kort was er maar weinig aandacht voor Zeeuwse meesters uit de Gouden Eeuw van de Nederlandse schilderkunst. Het Stadhuismuseum Zierikzee laat in een reeks boeken en tentoonstellingen zien hoe onterecht dat is. Na een introductie op de Zeeuwse meesters uit de Gouden Eeuw en een boek over het werk van Franchoys Ryckhals, ligt de focus nu op de portretschilderkunst. Zeeuwen richtten hun huizen graag in met schilderijen. Voor de meer welgestelden vormden portretten een belangrijk segment. Ze lieten zich vereeuwigen door lokale meesters, maar ook in andere steden. Hoe men zich liet vastleggen was zowel smaak- als standgebonden en varieert van stemmig zwart tot uitbundig kleurrijk. Het huwelijksportret voert de boventoon, maar er ook familietaferelen, kinderen en zeehelden werden gepenseeld. In dit boek worden een aantal vooraanstaande inwoners én hun schilders naar de voorgrond gebracht. Denk aan Hendrick Berckman, Zacharias Blijhooft, Michiel van Limborch, Jacob Lambrechtsz. Loncke en Salomon Mesdach. Zo wordt een lexicon van portretschilders vastgelegd die in de zeventiende eeuw in Zeeland waren gevestigd.

Designing for sustainability through upcycling / Ontwerpen voor duurzaamheid door herontwikkeling

While increasingly more people live in cities, urban peripheries are expending at the cost of nature. This book explains how sustainability can be achieved by urban redevelopment and upcycling. The large-scale processes of urban redevelopment in this book are based on a successful brownfield project in Netherlands, the Paleiskwartier in ‘s-Hertogenbosch. Designing for Sustainability through upcycling tells the inside story of nearly three decades how policies were made, decisions taken, designs created, how the projects developed in phases and how the city government partnered the private sector in a unique way. A series of essays and short interviews with key players involved -including directors, designers, developers and city-officials - provides a detailed overview of how this project was actually realized. This book offers first-hand information of 30 years of development as told by master-planner Shyam Khandekar. Professor Vinayak Bharne places the process of upcycling in the context of developments from other parts of the world. A must-read for those on the threshold of undertaking a brownfield redevelopment process in their city.

Getekende Boeken

Peter Vos (1935-2010) is bekend geworden als veelzijdig tekenaar en illustrator. Door collega’s is hij wel de beste Nederlandse tekenaar van de vorige eeuw genoemd. Ondanks zijn faam bleef een deel van zijn productie voor het grote publiek verborgen: de getekende brieven die hij schreef, en de boeken of boekjes in één exemplaar die hij van tijd tot tijd voor uitverkorenen maakte, meer dan zestig in totaal. Dit boek bevat een overzicht van de 55 overgeleverde boeken die hij onder meer maakte voor vrienden, vriendinnen, echtgenotes en bovenal voor zijn zoon Sander. Peter Vos – Getekende boeken is samengesteld door kunsthistorici Eddy de Jongh en Jan Piet Filedt Kok, in samenwerking met Saïda Vos. De getekende boeken zijn voorzien van een beschrijving en begeleidende tekst, en bieden een unieke inkijk in het leven en werk van deze bijzondere kunstenaar.

Urbanisation of the Sea

For Dutch see below - English – The book tells the story of the sea-land continuum based on the case of the North Sea – one of the world’s most industrialized seas, in which the Netherlands plays a central role. The space of the North Sea is almost fully planned and has been simultaneously loaded with the task of increased economic production both from new and traditional maritime sectors, and emptied of cultural significance.   Through different projects from academia, art, literature and practice, from analysis to design, the book explores synergies for designing this new spatial realm. Port-city expert Carola Hein, professor of History of Architecture & Urban Planning at Delft University of Technology, and Nancy Couling, associate professor at the Bergen School of Architecture and researcher of the urbanized sea, combine forces to guide the reader through this complex and fascinating topic. - Dutch – Dit boek vertelt het verhaal van het zee-landcontinuüm aan de hand van dat van de Noordzee – een van de meest geïndustrialiseerde zeeën ter wereld, waar Nederland een centrale rol in speelt. De ruimte van de Noordzee is bijna volledig ontworpen. De zee is tegelijkertijd zowel belast met de taak om de economische productie van zowel nieuwe als traditionele maritieme sectoren te verhogen, als van zijn culturele betekenis ontdaan. Door middel van verschillende academische, kunstzinnige en literaire projecten en praktijkvoorbeelden – van analyse tot ontwerp – verkent het boek mogelijke synergiën die een rol kunnen spelen bij het ontwerpen van dit nieuwe ruimtelijke domein. Haven-Stadexpert en hoogleraar Geschiedenis van de Architectuur & Stedenbouw aan de TU Delft Carola Hein, en Nancy Couling, universitair docent aan de Bergen School of Architecture en onderzoeker op het gebied van de verstedelijkte zee, hebben hun krachten gebundeld om de lezer door dit complexe en fascinerende onderwerp te loodsen.

Minitopia

The following text is not available in English and will be shown in Dutch. - Dutch - Minitopia gaat over de vrijheid om je eigen woonwens te realiseren en laat zien hoe nieuwe woonvormen in de praktijk tot stand komen. Met woonvormen die compact, flexibel, kant en klaar of modulair zijn. Ontworpen met een app en zelf gebouwd, met natuurlijke bouwstoffen of slim hergebruik van bestaande materialen. De ambachtelijke en innovatieve bouwmethoden in dit boek bieden tal van inspirerende ideeën voor het bouwen van je eigen duurzame woning. Dit boek komt voort uit het project Minitopia, een plek in Nederland waar Tessa Peters en Rolf van Boxmeer (Rezone) condities scheppen voor woongebieden waar ruimte is voor experimenteren met nieuwe woonvormen. Minitopia gaat dieper in op de vormgeving van nieuwe woongebieden en het organisch ontstaan van samenlevingen waar voldoende ruimte is voor solidariteit en saamhorigheid. Minitopia kijkt ook naar de toekomst. Wat is er nodig voor een echte verduurzaming van wonen? Welke rol spelen woningbouwcorporaties, bouwbedrijven, ontwerpers en bewoners in dit proces?

Het architectonisch werk van A.J. Kropholler

Baksteen is het bouwmateriaal bij uitstek dat de identiteit van de Nederlandse architectuur heeft bepaald. Er zijn weinig architecten die baksteen zo prominent op de kaart hebben gezet als A.J. Kropholler (1881–1973) met gebouwen als het Van Abbemuseum, de huidige Willem de Kooning Academie en het raadhuis van Waalwijk. Na decennialange belangstelling voor het werk van de Nederlandse modernisten lijkt er een kentering te zijn aangebroken nu wordt ingezien dat ook het alstraditioneel bestempelde werk van een architect als Kropholler tot het nationale erfgoed behoort. Dit boek belicht het oeuvre van de rooms-katholieke architect en plaatst het in zijn context. Monumentaliteit, identiteit en vakmanschap zijn woorden die bij het zien van zijn werk opkomen. Het boek richt zich niet alleen tot architecten, maar tot iedereen die oog heeft voor de gebouwde omgeving. Herman van Bergeijk is Universitair Hoofddocent Architectuurgeschiedenis aan de Technische Universiteit Delft.

Jaarboek Landschapsarchitectuur en Stedenbouw in Nederland 2020

Dit jaarboek toont de beste en mooiste projecten van 2020. Zoals een gloednieuwe eilandengroep in het Markermeer, bijzondere dijkvormen op Texel en langs de Maas, een circulaire woonwijk in Amsterdam-Noord, een met bewoners ontwikkeld fabrieksterrein in Eindhoven, een nieuw stadshart voor Uithuizen, en een nieuw station mét omgeving in Assen. Stuk voor stuk prachtige plekken en plannen waarin – dat is de focus van dit boek – diversiteit, duurzaamheid en innovatie voorop staan. De projecten zijn gekozen door een onafhankelijke commissie van vakmensen. De redactie van het tijdschrift Blauwe Kamer verzorgde de samenstelling. Naast de bevindingen van de commissie en een beschrijving van de geselecteerde projecten bevat het jaarboek onder andere een portret van Yttje Feddes - winnaar van de Bijhouwerprijs voor haar bijdrage aan de landschapsarchitectuur – en een essay van rijksadviseur Berno Strootman over ‘landschapsinclusieve’ landbouw. / Showcasing the brightest and best projects of 2020, this Yearbook includes a newly created group of islands in the Markermeer, several new types of dike on the island of Texel and along the Meuse river, a residential neighbourhood in Amsterdam-Noord built on circular principles, a former factory site in Eindhoven redesigned with input from the residents and a new station building and concourse in Assen. All are exceptional places and plans that embody the themes of this year’s edition: diversity, sustainability and innovation. The projects were selected by an independent committee of professionals. The editors of Blauwe Kamer magazine curated the book. The book includes a portrait of Yttje Feddes – winner of the Bijhouwer Prize for her contribution to landscape architecture – and an essay by government advisor Berno Strootman on landscape-inclusive agriculture.

Land Art Live

For Dutch see below - English – Flevoland has a unique collection of Land Art, including De Groene Kathedraal by Marinus Boezem, Observatorium by Robert Morris and Riff, PD#18245 by Bob Gramsma. These Land Art works once stood in the empty polder, but are now part of a dynamic landscape transformation. Views on art and its social significance have also changed in the five decades this book covers. This raises questions about the preservation of the works and of the collection as a whole. Land Art Live | The Flevoland Collection sheds light on the Land Art in Flevoland. A younger generation of artists was asked to use performances to connect with the original meaning of the Land Art works. In addition, experts in the field of visual art, heritage and landscape provide ideas with which the future of this exceptional collection and the landscape can be shaped. Land Art Live can also be used as a guide when visiting this extraordinary open-air museum. - Dutch – In Flevoland bevindt zich een unieke collectie landschapskunstwerken, waaronder De Groene Kathedraal van Marinus Boezem, Observatorium van Robert Morris en Riff, PD#18245 van Bob Gramsma. Stonden deze landart-werken ooit in de lege polder, inmiddels zijn ze opgenomen in een dynamische landschappelijke transformatie. Ook de opvattingen over kunst en de maatschappelijk betekenis ervan veranderden in de vijf decennia die dit boek bestrijkt. Hierdoor onstaan vragen over het behoud van de werken en van de collectie als geheel. Land Art Live | De Flevoland Collectie belicht de landschapskunst in Flevoland. Een jongere generatie kunstenaars is gevraagd om met performances een verbinding te leggen met de oorspronkelijke betekenis van de landart-werken. En experts op het gebied van beeldende kunst, erfgoed en landschap reiken ideeën aan waarmee de toekomst van deze bijzondere collectie en het landschap kan worden vormgegeven. Het boek vormt tevens een handige gids voor een bezoek aan dit bijzondere openluchtmuseum.

Building with Nature

For Dutch see below - English – Building with Nature is a proven, innovative approach to create water-related Nature-based Solutions for societal challenges, that harnesses the forces of nature to benefit the environment, economy and society. EcoShape, a unique collaboration between scientists, engineers, builders, designers and not-for-profits, has in the past decade designed, realizedmonitored and researched multiple Building with Nature projects in Europe (especially in the Netherlands) and South East Asia. These projects demonstrate the capacity to build Nature-Based Solutions at scale to create safe and sustainable flood protection as well as ecologically rich and resilient environments that provide great places to live, work, and visit. These characteristics make Building with Nature the go-to method to adapt to and mitigate climate change.   In this book, EcoShape brings the authors into dialogue with experts and stakeholders to discuss methodologies and lessons learned about Building with Nature as well as potential barriers and enablers for implementation. It describes and illustrates key concepts, linking them to a range of landscape types and their underlying ecological, economic, and social systems. As such, the book is more than a manual; it captures the imaginative and inspirational potential of Building with Nature. - Dutch - Building with Nature is een bewezen, innovatieve aanpak om watergerelateerde Nature-based Solutions te realiseren voor maatschappelijke problemen. Deze aanpak benut de krachten van de natuur en versterkt de kansen voor natuurontwikkeling, waardoor meerwaarde ontstaat voor omgeving,economie en maatschappij. EcoShape is een unieke samenwerking tussen wetenschappers, ingenieurs, bouwers, ontwerpers en NGO’s. In het afgelopen decennium heeft EcoShape verschillende Building with Nature projecten in Europa (vooral in Nederland) en Zuid-Oost Azië ontworpen, gerealiseerd, gemonitord en onderzocht. Deze projecten laten zien dat het mogelijk is om Nature Based Solutions op grotere schaal te realiseren. Deze oplossingen bieden naast duurzame en veilige kustverdediging ook ecologisch rijke en veerkrachtige landschappen, waarin het prettig leven, werken en verblijven is. Deze eigenschappen maken Building with Nature dé methode voor klimaatadaptatie en -mitigatie. In dit boek brengt EcoShape de auteurs in gesprek met experts en stakeholders om verschillende methodes en lessons learned over Building with Nature te bespreken. Ook mogelijke barrières die toepassing in de weg staan en oplossingen komen aan de orde. Het illustreert aan de hand van verschillende landschappen welke concepten mogelijk zijn en verbindt deze met de aanwezige ecologische, economische en sociale systemen. Het boek is daarom meer dan handleiding; het laat de creatieve en inspirerende potentie van Building with Nature zien.

Kerkgebouwen

Kerkgebouwen 88 inspirerende voorbeelden van nieuw gebruik – van appartement tot zorgcomplex Nederland is een land van kerkgebouwen. Het zijn de dragers van geloof, kunst en cultuur. Bakens in de omgeving. Maar wat ermee te doen in een tijd waarin het kerkbezoek afneemt en de gebouwen hun functie als gebedshuis verliezen? Inmiddels hebben meer dan 1500 van de ruim 7100 gebedshuizen een andere bestemming gekregen. Daarvoor was lef, creativiteit en betrokkenheid nodig. In dit boek staan 88 inspirerende, rijk geïllustreerde voorbeelden. Soms gaat het om minimale aanpassingen in de bestemming, regelmatig om ingrijpende, architectonische hoogstandjes. De bijzondere sfeer en uitstraling van de kerk blijft daarbij vaak bewaard. Het 400 pagina’s tellende boek maakt duidelijk wat er bij deze verandering komt kijken en welke oplossingen denkbaar zijn. Met actueel cijfermateriaal en internationale vergelijkingen krijgt het onderwerp perspectief. Zo helpt het boek een toekomst te vinden voor deze monumentale gebouwen die velen zo dierbaar zijn. i.s.m. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

De laatste Vermeer

De zaak van de beruchte kunstvervalser Han van Meegeren fascineert nog altijd. Na de Tweede Wereldoorlog werd hij opgepakt omdat hij een schilderij van Johannes Vermeer aan Hermann Goering zou hebben verkocht. In de gevangenis beweerde Van Meegeren dat hij dat doek zelf had geschilderd. Hij had Goering voor een gigantisch bedrag bedrogen en hij was dus geen collaborateur: hij had eigenlijk een verzetsdaad gepleegd. En die valse Vermeer was de enige niet, bekende Van Meegeren: ook de beroemde Emmaüsgangers, in 1937 gekocht door Museum Boijmans, was van zijn hand. Het was een fantastisch verhaal en het maakte het proces-Van Meegeren tot een ware mediasensatie, maar het was van A tot Z gelogen. Jonathan Lopez maakt in deze veelvuldig geprezen biografie gehakt van de mythe rond Van Meegeren. Van Meegeren was geen miskend genie, maar een leugenaar, een nazisympathisant en een collaborateur, die uitsluitend handelde uit eigenbelang. Hij wordt neergezet als een ingenieuze, door de wol geverfde oplichter, gewapend met een kwast. Lopez beschrijft zijn leven en dat van de kunsthandelaars en verzamelaars die tegen wil en dank in hem bleven geloven op een razend spannende manier. Nu verfilmd als The Last Vermeer, met o.a. Guy Pearce als Han van Meegeren, Claes Bang (The Square) en Vicki Krieps (Phantom Thread). Jonathan Lopez (1969) is een schrijver en kunsthistoricus uit New York. Hij schrijft over kunst en cultuur voor bladen als The Wall Street Journal, Apollo, The Boston Globe en De Groene Amsterdammer. ‘Het boek illustreert mooi hoe het bedrog van Van Meegeren nog altijd tot de verbeelding spreekt. (...) Lopez heeft een indrukwekkende hoeveelheid onbekend materiaal boven tafel gehaald, dat onweerstaanbaar elegant wordt gepresenteerd.’ NRC Handelsblad ‘Mijn advies: haal een exemplaar van Lopez’ fantastische nieuwe boek. Het is zo goed geschreven dat je erdoorheen raast.’ Los Angeles Times ‘De Van Meegeren-saga is grondig onderzocht, gefocust en neemt je mee de diepte in.’ The New Yorker ‘Dit is een geweldig boek over Han van Meegeren, zijn leven en zijn carrière als vervalser. Lopez heeft in zijn diepgravende onderzoek veel nieuw materiaal aan het licht gebracht, dat het oude beeld van de schelm, die de Nederlandse kunstelite én de nazi’s bedonderde, volkomen onderuithaalt. Hij presenteert dat bovendien in een levendig en meeslepend verhaal.’ Friso Lammertse, conservator Rijksmuseum

De Ploeg extra muros

De beginjaren van Groningse kunstenaarsvereniging De Ploeg, de jaren twintig van de vorige eeuw, staan in het teken van de internationale avant-garde. De kunst van De Ploeg is uitdrukking van een nieuwe tijd, van individuele vrijheid en emancipatie, van breken met het verleden en bouwen aan de toekomst. Er heerst een haast extatisch optimisme. De kunst van De Ploeg ontstijgt het provinciale. Zeven auteurs laten zien hoe nationaal en internationaal het werk van kunstenaars van De Ploeg inmiddels op waarde wordt geschat.Gedreven door de nieuwe ontwikkelingen in de kunst elders in Europa aarzelen de Ploegkunstenaars niet om zich extra muros te wagen, om te treden buiten de platgetreden paden van de gangbare opvattingen in de kunst.

Wederzien

In WEDERZIEN portretteert Jaap Krol vijftig gebouwen uit de wederopbouwperiode die in hun alledaagsheid niet echt opvallen. Reden dus om deze huizen, flatjes, fabrieken en loodsen eens voor het voetlicht te brengen. Met zijn (quasi-)diepzinnige analysetechniek zet Krol de ogenschijnlijk koude moderniteit neer als een herkenbare, warme wereld. Steen voor steen, woord voor woord.

Ontdekken en doorgronden

De jarenlange zoektocht van Jan Krul voerde hem langs religie en wetenschap, langs westerse en niet-westerse culturen, door het denken heen naar het maken, door het rationele heen naar het intuïtieve en de droomwereld, – en dat alles in volle overgave. Naast de rijkdom aan beelden biedt dit boek ook een ontmoeting met de kunstenaar als mens, en werpt het een blik op wat kunst in een mensenleven kan betekenen. Hoe persoonlijk de artistieke weg van Jan Krul ook is, de tekeningen, schilderijen en grafiek die op die weg zijn ontstaan, nemen de kijker en lezer mee: kijken wordt ervaren, ervaren wordt reflecteren op de eigen levensweg. Dit boek bevat voor grafici veel informatie over ongebruikelijke druktechnieken. JAN KRUL(1946) geeft gedurende 35 jaar vorm aan zijn levenservaringen in grafisch werk en schilderijen. Hij werd voornamelijk geïnspireerd door mythische aspecten van vreemde culturen en hoe deze zich verhouden tot zijn eigen ontwikkeling in onze christelijke wereld.

Writingplace journal for Architecture and Literature 3

For English see below Het Writingplace Journal for Architecture and Literature is een internationaal, open-access, intercollegiaal getoetst tijdschrift over architectuur en literatuur. Dit tijdschrift is een middel dat door Writingplace platform gebruikt wordt om de relatie tussen architectuur en literatuur nader mee te onderzoeken. Dit heeft eerder al geresulteerd in de publicatie van Writingplace: Investigations in Architecture and Literature in 2016. Elk nummer van het tijdschrift is gericht op thema’s die centraal staan in de vruchtbare relatie tussen architectuur en literatuur. De onderwerpen die in het tijdschrift aan de orde komen variëren van pedagogie, ruimtelijke analyse en kritische theorie tot artistieke praktijken, individuele gebouwen, landschap en stedenbouw. Het nummer Transversal Writing, Reading and Responding richt zich op het complexe proces van schrijven, en in het bijzonder op de kwestie van “peer review", het lezen van en reageren op teksten door anderen. Het nummer geeft inzicht in de productie van architectuurteksten door een kijkje te nemen achter de schermen van teksten in ontwikkeling, door zowel originele teksten als de reactie daarop door “peers" op te nemen. Aan bod komen de positie en toon van de auteur, en het proces van lezen en reageren. - English - The new magazine Writingplace Journal for Architecture and Literature is an international, open-access, peer-reviewed journal on architecture and literature. This journal is a vehicle for the Writingplace platform to continue its exploration of the productive relationship between architecture and literature – a quest that already resulted in the publication of Writingplace: Investigations in Architecture and Literature in 2016. Each issue of the series focuses on themes central to the productive relationship between architecture and literature. The journal’s content ranges from pedagogy to spatial analysis and from critical theory to artistic practices, architecture, landscape and urban design. The third issue, Transversal Writing Reading and Responding, focuses on the complex process of writing itself, and in particular on the question of reading and reviewing works in progress. It aims to offer an insight into the production of architectural writing by looking behind the scenes of a ‘text-in-progress’ by considering the position, perspective and voice of the author, and the nature of the act of reading.

Getekend

Kindermishandeling is een ernstig probleem in ons land. Elk jaar zijn ongeveer 119.000 kinderen slachtoffer van verwaarlozing, geweld, seksueel misbruik. Tientallen overlijden aan de gevolgen. Velen zijn getekend voor hun leven. Moed en veerkracht zijn nodig om overeind te blijven, toen als kind, nu als volwassene. Dat laten de geïnterviewden zien in Getekend – sporen van kindermishandeling. We kijken door hun kinderogen en voelen de verwarring en eenzaamheid. We zien hoe ze als volwassenen overeind komen. Hun drang om te overleven is indrukwekkend. Getekend - sporen van kindermishandeling brengt het onderwerp op een bijzondere manier onder de aandacht. Slachtoffers vertellen hun verhaal en plegers verklaren hun daden, terwijl ze worden gefilmd en getekend. Hun verhalen zetten aan tot gesprek. Ze bieden herkenning en troost. Ze inspireren door menselijke kracht.

The Dordrecht Museum - Looking at Six Centuries of Painting

De Grote van Eyck Atlas

Jan van Eyck (+/- 1390-1441) is in de vijftiende eeuw een van de grootste vernieuwers die de schlderkunst ooit gekend heeft. Dankzij zijn oog voor detail en enorme technische vaardigheid oogsten zijn schilderijen tot op de dag van vandaag grote bewondering van kunstkenners en -liefhebbers.De hoge kwaliteit van het werk van Jan van Eyck wordt mede verklaard door zijn openheid naar de wereld. In de bruisende handelsstad Brugge maakt hij kennis met nieuwe ingrediënten en materialen die daar van heinde en ver aangevoerd worden. Hij experimenteert er volop. Zelf reist de meester naard het diepe zuiden en waarschijnlijk naar het Midden-Oosten. Hij doet er als aandachtig toeschouwer menig indruk op en verwerkt die in zijn schilderijen.In De Grote van Eyck Atlas reis je in het spoor van Jan van Eyck naar de plaatsen die hem gemaakt hebben tot de inspirerende kunstenaar die hij was. Van het kleine Maaseik tot de paleizen van de grote vorsten uit die tijd. Dankzij het vele oude en nieuwe kaartmateriaal en de inspirerende routes wandel je als het ware zelf mee op het levenspad van de meester.

Monument voor de BKR

‘In de BKR zitten’ of ‘in de Contraprestatie’ zoals de regeling in het begin werd genoemd, was in de jaren 1949-1987 een begrip in Nederland. De Beeldende Kunstenaarsregeling bood kunstenaars die niet van hun werk konden leven, een tijdelijk inkomen in ruil voor kunstwerken. De regeling was geliefd bij kunstenaars, meer dan 5.600 maakten er op enig moment gebruik van, maar de regering vond haar te duur en zette er na 38 jaar een punt achter. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed bezat in 1987, 221.000 schilderijen, tekeningen, grafiek, beelden, sieraden, objecten, video’s, etcetera. Ruim 200.000 werken zijn geschonken aan instellingen, teruggegeven aan de makers en overgedragen aan de kunstuitleen. De Rijksdienst heeft er 20.000 gehouden. Ze worden uitgeleend aan musea, ministeries, ambassades en aan tentoonstellingen en manifestaties. In dit boek, rijk geïllustreerd met een selectie van 100 topstukken, beschrijft Fransje Kuyvenhoven de turbulente geschiedenis van deze unieke regeling. Met recht ‘een monument voor de BKR’.

Manifest

Dordrechts Museum

Ontdek zes eeuwen Nederlandse schilderkunst in het Dordrechts Museum. Van zestiende-eeuwse altaarstukken tot de meest actuele kunst. Het plezier van het kijken staat in dit boek voorop. Het is geen chronologisch overzicht van stromingen en stijlen, maar een wandeling met zijsprongen door zes eeuwen schilderkunst, die laat zien hoe aloude thema’s als ‘landschap’, ‘portret’ of ‘verhalen vertellen’ kunstenaars steeds opnieuw hebben geïnspireerd. Kijk, vergelijk en ontdek verrassende verbindingen. Tussen oud en nieuw en tussen verschillende schilderkunstige opvattingen. Een uniek museumboek om vaak open te slaan.

Superstudio Migrazioni (NL)

Forces of Art

How can art weave meaningful connections between different people, their surroundings, and social systems? What does art mean in a specific community? How can art contribute to the advancement of civil society? Intricate questions that are being addressed in Forces of Art. This book looks at how artists, artworks and cultural organizations affect people and their social environments, and explores how cases of creative practice have been operational in empowering people, communities, and societies in majority world countries. Case studies from all over the world, from Central Asia to Mesoamerica and Latin America, from Africa to Central Europe, from South and Southeast Asia to the Middle East, show how art can have an effect. The myriad voices challenge the reader to think beyond art as representation, as merely aesthetical, or as simply an object or commodity. Instead, it stirs thinking of art in terms of a force that has the ability to transform. Editors Carin Kuoni Jordi Baltà Portoles Nora N. Khan Serubiri Moses Contributors Mariam Abou Ghazi, Kobina Ankomah-Graham, Jordi Baltà Portolés, Ilka Eickhof, Fernando Escobar Neira, Fatin Farhat, Maya Indira Ganesh, Rocca Holly-Nambi, Miranda Jeanne Marie Iossifidis, Nuraini Juliastuti, Nora N. Kahn, Višnja Kisić, Diana T. Kudaibergenova, Carin Kuoni, Kabelo Malatsie, Jenny Mbaye, Zayd Minty, Nadia Moreno Moya, Serubiri Moses, Judith Naeff, Laura Nkula-Wenz, Joseph Oduro-Frimpong, Arnout van Ree, Naomi Roux, Vaughn Sadie, Anna Selmeczi, Nishant Shah, Rike Sitas, Lenneke Sipkes, Cristiana Strava, Goran Tomka, Kasper Tromp, Minna Valjakka, Paulina E. Varas, Mark R. Westmoreland, Kitty Zijlmans

In case of lost childhood

Leon Keer is one of the world's foremost artists in 3D Street Art, the master of optical illusion. By playing with perspectives he creates incredible new worlds. A world in which you're trapped in a gumball machine or come face-to-face with life-size gummy bears.This is the artist's first monograph and, to honour the occasion, he also gives the reader a glimpse into his bag of tricks.

Fundamenten van het stadsontwerp

Na zijn jarenlange ervaring in onderwijs, onderzoek, ontwerp en beleid bundelt professor Marcel Smets, grondlegger van het stadsontwerp en voormalig Vlaams Bouwmeester, zijn inzichten over stad en stedenbouwkundig ontwerp in een persoonlijk boekje. In zijn zoektocht naar de fundamenten van het stadsontwerp schuift Marcel Smets twintig complementaire begrippenparen naar voren. Hij vertrekt van archetypische nederzettingsvormen (lint en tros, ladder en ster), typeert morfologische categorieën (straat en weg, eiland en archipel) en belicht veranderende ontwerpprocessen (creator en curator, stappenplan en groeitraject). De begrippenparen zijn geïllustreerd met tekeningen van Heinrich Altenmüller.

Levende bermen

Levende bermen Over ecologie en architectuur van de wegberm We beschikken in Nederland over een fantastisch netwerk van natuur dat we te weinig benutten: de berm. Gelukkig ontstaan overal initiatieven om wegbermen, spoorbermen en dijken meer tot leven te brengen. Fotograaf en landschapsarchitect Rita van Biesbergen fotografeerde een jaar lang de bermen van de Weg van de Toekomst, de N329 bij Oss waar op een vernieuwende manier niet alleen de weg maar ook de bermen zijn aangepakt. Dat vormde het startschot voor dit boek waarin de ecologie en de architectuur van de berm met elkaar worden verbonden. In essays gaan Marion de Boo en Tijs van den Boomen in op de betekenis, de teloorgang en de kansen voor een natuurrijke en mooie berm. Michel Heesen schreef een introductie en Paul Roncken gaat in op het ontwerp voor de N329. In een Atlas van favoriete bermen worden voorbeelden van inspirerende oude en nieuwe bermen getoond. En natuurlijk ontbreken de aanbevelingen voor een natuurvriendelijk bermbeheer niet.

Carl (Karel) E.M.H.A.F. Weber (1820-1908)

Carl (Karel) E.M.H.A.F. Weber (Keulen 1820-Roermond 1908) vestigde zich rond 1855 in Roermond. Al eerder, in 1852, bouwde hij in Amstenrade de eerste volwaardige neogotische kerk op Nederlandse bodem. Vanaf dat moment kreeg hij vele opdrachten, vooral binnen de bisdommen Roermond en ’s-Hertogenbosch. Weber ontwierp niet alleen nieuwe kerken, maar ook restaureerde en verbouwde hij bestaande kerkgebouwen, zoals de uit de veertiende eeuw daterende kerk van H. Johannes Onthoofding in Loon op Zand. Opmerkelijk is een groep koepelkerken van zijn hand, waarvan die in Lierop de kleinste, maar zeker ook de fraaiste is. Weber paste in het interieur van zijn kerken baksteen in meerdere kleuren toe. Daarnaast maakte hij vaak de ontwerpen voor de belangrijkste interieuronderdelen, zoals preekstoel, communiebank en altaartafel. Enkele fraaie pastorieën zijn ook van zijn hand. Een enkele keer ontwierp hij ook wereldlijke gebouwen, zoals het stadhuis van Sittard. Tevens kwamen er ook een bijzonder fraaie grafkapel en baarhuis uit zijn tekenpotlood. André van Deursen studeerde aan zowel de Technische Universiteit in Delft (2018) als de Universiteit Leiden (2017) en specialiseerde zich als architect in de renovatie, transformatie en herbestemming van bestaande gebouwen en gebieden. Naast zijn werk bekleedde hij meerdere bestuursfuncties, onder andere bij de Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond (KNOB). Hij was ambassadeur van het Nederlands Interuniversitair Kunsthistorisch Instituut (NIKI) in Florence, voor de TU Delft. André van Deursen is bestuurslid van de Stichting BONAS.

Oneindige ontvankelijkheid

Een goed schilderij is een wonder. Van Giotto tot Morris Louis, van Giorgione tot Mi Fu, van Chardin tot hedendaagse schilders, over alle verschillen heen blijft het wonder van de schoonheidservaring onveranderlijk hetzelfde. Om hierin dieper door te dringen, neemt Francis Smets zijn toevlucht tot een intuïtieve hypothese: het ervaren van schoonheid gebeurt met en door het lichaam. Deze ongewone benadering werpt direct nieuwe vragen op: welke lichamen zijn in deze ontmoeting betrokken en op welke manier? Zo begint een opwindende reis die stap voor stap in het lichaam doordringt, in het schilderij en vooral in het ‘tussen’ dat beide verbindt. Daar vindt een erotische ontmoeting plaats. Schilderkunst weet van oudsher lichaam en geest met elkaar te verbinden. Door die eigenschap kan zij de weg bereiden naar lichamelijke spiritualiteit. Daarom is zij niet zozeer een project van het verleden, maar opent vooral een deur naar de toekomst. Francis Smets (1943) wordt beschouwd als een van de toonaangevende kunstfilosofen van Vlaanderen. Na gepromoveerd te zijn aan de universiteit van Leuven, doceerde hij filosofie tot aan zijn pensionering in 2003. Tot zijn belangrijkste publicaties behoren: ‘Sophia’s terugkeer’ (1988), ‘De groefgangers’ (1996), ‘A van abyssaal’ (2002), ‘Rozen in de knop’ (2005), ‘Lof der onwennigheid’ (2011), ‘De vleugels van de weemoed’ (2014; verscheen tevens in Franse vertaling) en ‘Het Scrovegni-alternatief’ (2018).

The activity-based working practice guide