127.869 resultaten

Spacematrix, revised edition

For English see below. Spacematrix introduceert stedelijke dichtheid als instrument voor stadsontwikkeling en stadsontwerp. Berghauser Pont en Haupt ontrafelen op beelden gebaseerde termen als ‘urbaniteit’, ‘compacte stad’ en ‘parkstad’ door vraagtekens te plaatsen bij de betrouwbaarheid van zulke begrippen en door kritisch na te gaan of het mogelijk is om die te herdefiniëren met behulp van het begrip dichtheid. De belangstelling van de auteurs voor dichtheid is niet in de eerste plaats normatief van aard. Zij beweren niet dat zij weten welke dichtheid optimaal is, maar worden gedreven door het verlangen om inzicht te krijgen in de logische verhouding tussen dichtheid, stedelijke vorm en prestatie. Juist met dit inzicht kunnen de effecten van specifieke ontwerpen en plannen beter worden begrepen en voorspeld. Spacematrix is essentieel voor zowel architecten als voor stedenbouwers en ontwerpers, maar is zeker ook relevant voor anderen die werkzaam zijn op het terrein van de stedenbouw, zoals projectontwikkelaars, economen, ingenieurs en beleidsmakers. - english - Spacematrix explores the potential of urban density as a tool for urban planning and design. The authors’ fascination with density is driven by the desire to understand the relational logic between density, urban form and performance. This is a prerequisite for understanding and successfully predicting the effects of specific designs and planning proposals. The focus of attention is the relationship between types of urban environment and data such as amount, size and physical properties. Berghauser Pont and Haupt demystify the use of image-based references and concepts such as ‘urbanity’, ‘compact city’ and ‘park city’ by challenging the reliability of such concepts and critically examining the possibility of redefining them through the concept of density. Spacematrix is of interest to architects as well as urban planners and designers, but is equally relevant for other professionals working in the field of urbanism, such as developers, economists, engineers and policymakers.

De schilders van Duin-en Bollenstreek

Ze hebben een bijna magische aantrekkingskracht: de bloembollen. Jaarlijks bezoeken meer dan een miljoen toeristen de Keukenhof in Lisse, het landschapspark waar sinds 1950 op initiatief van kwekers en exporteurs voorjaarsbloeiende bloembollen worden getoond. De bloembollenvelden behoren tot de meest karakteristieke landschappen van Nederland. Claude Monet was er dol op. Hij beklaagde zich erover dat zijn palet niet toereikend was om de bollen goed te kunnen schilderen. Vincent van Gogh ging hem voor, Ferdinand Hart Nibbrig en de Amerikaanse kunstenaar George Hitchcock volgden snel daarna. De Nederlandse kunstschilder Anton Koster maakte er zelfs zijn specialiteit van en werd door zijn vrienden Anton Tulp genoemd. Waar komen de bollenvelden vandaan? Hoe hebben ze zich ontwikkeld en waarom juist in de Duin- en Bollenstreek? En vanwaar de fascinatie van juist buitenlandse kunstenaars om de jaarlijkse explosie van kleuren in de lente met verf of fotocamera te verbeelden? Dit boek beschrijft voor het eerst de geschiedenis van het bollenveld in de kunst tot aan de dag van vandaag. Recent werk van Daniel Buren en Andreas Gursky laat zien dat de belangstelling voor het bollenlandschap nog steeds springlevend is.

Het gedroomde museum. Kunstmuseum Den Haag

Lang voordat museumarchitectuur populair was als toeristische trekpleister, droomden architect Hendrik Petrus Berlage en museumdirecteur Hendrik Enno van Gelder van een spraakmakend museumgebouw. Een gebouw waar bezoekers zich thuis zouden voelen, en waar de kunst ultiem tot z’n recht zou komen. In 1935 werd deze droom werkelijkheid met de opening van een nieuw museum voor moderne en toegepaste kunst in Den Haag. Hoewel Berlage in 1934 stierf en de oplevering dus niet meemaakte, heeft hij samen met Van Gelder een voorbeeld geschapen voor vele musea die later ontstonden. Dit rijk geïllustreerde boek neemt de oorspronkelijke ideeën van architect en directeur als uitgangspunt en laat zien hoe ze tot op de dag van vandaag een belangrijke rol spelen in de beleving van Kunstmuseum Den Haag. Ruim 150 foto’s en een schat aan historisch materiaal brengen het gebouw uitvoerig in beeld. Ook de ruimtes die normaal gesloten blijven voor het publiek. Zo geeft dit boek een uniek beeld van een museum dat al sinds de opening aan geliefd is bij bezoekers, kunstenaars en architecten van over de hele wereld.

De schilders van Egmond

Vanaf het moment dat schilders Egmond begonnen te bezoeken is het vissersdorp onophoudelijk in verf en foto gevangen. En niet door de minsten. Cornelis Buys, Karel van Mander, Jacob van Ruisdeal en Willem Kool maakten zeegezichten waar de Egmondse wind doorheen waaide. Tegenwoordig hangen hun werken in musea over de hele wereld. George Hitchcock en Gari Melchers maakten Egmond tot een internationale kunstkolonie. Ook ontstond The Art Summer School, die zomers door kunstschilders uit heel Europa en Amerika werd bezocht. Daaruit ontstond de Egmondse School, een stijl van schilderen die van 1890 tot en met 1905 in Egmond bestond. Bijna vierhonderd jaar aan spectaculaire schilderijen leverde Egmond op. De Schilders van Egmond bewijst waarom de kolonie zich terecht met weerhaken in de kunstgeschiedenis bevind.

60 Collagegedichten

Kunstenaar Jehudi van Dijk plakte twee weken voor de eerste lockdown van 2020 als experiment zijn eerste collagegedicht bij elkaar en plaatste die op zijn Facebookpagina. Aan het eind van datzelfde jaar voltooide hij zijn honderdste collagegedicht en maakte een crowdfundcampagne het mogelijk om de zestig beste werken te bundelen. Van Dijk knipt zijn zinsneden altijd uit tweedehands boeken. En per definitie nooit uit fictie. Met oude woorden schept hij poëtische nieuwe werelden, intieme beschouwingen, gedachtenkronkels en mijmeringen over de liefde. Daarna volgt de zoektocht naar het juiste beeld Om zowel de beeldende als de literaire kwaliteiten van het werk te accentueren is gekozen om de werken niet alleen als collage af te drukken, maar ook als ‘kale’ tekst. Speels vormgegeven door Peter Slager. Van Dijk (Kampen, 1971) studeerde interieurarchitectuur op de toenmalige kunstacademie in Kampen en specialiseerde zich in theatervormgeving. Van Dijk maakte diverse theatervoorstellingen en schreef er een aantal. Tegenwoordig maakt hij ook autonoom beeldend werk en videoclips voor onder meer Bertolf en Esther Groenenberg.

Gerard Unger: life in letters

Frans de Wit

Beeldhouwer Frans de Wit (1942-2004) schiep op 38 plekken in Nederland beelden die in het landschap en ook in onze beleving daarvan zijn verankerd. Het meest beroemd geworden zijn de ‘Klimwand’ en ‘Dubbele schijf met trap in grofpuinheuvel’ in Spaarnwoude. Dat laatste werk speelde een prominente rol in het tv-programma Krasse knarren en wordt sindsdien aangeduid als ‘de trap van Van Kooten en De Bie’. Frans de Wit maakte zeer grote werken. Ze zijn modern, stoer, eigenzinnig en opvallend. Ze tillen het landschap op. Maar het omgekeerde komt ook voor: dan is het landschap dienblad voor de kunst. Visuele beleving nodigt de beelden soms ook uit tot actieve deelname, denk aan het enorme ‘Vierkant eiland in de plas’ in Rotterdam. Of ze vervullen een dienstbare rol als windkering, zoals het ‘Middendeel van het windscherm’ langs het Calandkanaal. In Frans de Wit. Landmarks beschrijft Elsje Drewes de ontwikkeling van een indrukwekkend kunstenaarschap. Ze sprak met familie en vrienden van De Wit, kreeg toegang tot diverse (persoonlijke) archieven en creëerde een grondig en gevarieerd beeld van een van de belangrijkste Nederlandse beeldhouwers van de twintigste eeuw. Dit boek verschijnt mede naar aanleiding van het feit dat enkele grote werken van De Wit een permanente plek krijgen in het nieuw ontworpen Ankerpark in Leiden.

150 Houses You Need to Visit Before You Die

Architectural travel is on the rise. With this book you not only have a fantastic reference book of the best 150 private houses, but also a bucket list to plan your next city trip or trip. All houses guarantee a unique experience through the aesthetics of the house, the architectural masterpiece or the sophisticated design.This book is the ultimate architecture travel wish list. At each house the authors provide the reader with a clear identity kit regarding the year of construction, architect and all the information you want to know at a glance.150 Houses You Need to Visit Before You Die is the ultimate 'architecture bucket list'.

Het Nijsinghhuis

Het Nijsinghhuis, de ‘verborgen parel’ van Museum De Buitenplaats in Eelde, staat voor een kentering. Dit rijksmonument werd sinds 1971 door de grondleggers van het museum, Jos en Janneke van Groeningen, bewoond, gerestaureerd, langzamerhand gevuld met hun uitgebreide collectie figuratieve kunst én in hun opdracht beschilderd met de meest fantastische wandschilderingen. Naast hun huis lieten ze in 1996 een museumpaviljoen bouwen in de organische architectuur van architectenbureau Alberts & Van Huut en rondom werd een prachtige (beelden)tuin aangelegd. Hun huis stelden zij mondjesmaat open voor het publiek, maar het was vooral privébezit. Fotograaf Sake Elzinga vangt voor dit boek in verstilde foto’s de karakteristieke sfeer van het huis, zoomt in op details en toont verrassende doorkijkjes. De bewoners lijken haast nog aanwezig, maar na hun overlijden is het Nijsinghhuis onderdeel geworden van het museumcomplex. Het huis zal daarom gerestaureerd en publiekstoegankelijk gemaakt worden. De foto’s tonen in deze momentopname de pracht van het huis, de tekst door Jikke van der Spek neemt u mee op een rondleiding langs de wandschilderingen van Matthijs Röling, Wout Muller, Clary Mastenbroek, Olga Wiese en Pieter Pander.

Brueghel en tijdgenoten

De woelige zestiende eeuw trok niet alleen diepe voren door de Nederlandse samenleving, maar liet ook duidelijk zijn sporen na in de kunst. De beeldenstorm, de Spaanse bezetting, de opstand, soms zien we er bewijs van. Waarom dragen die Romeinse legionairs op Brueghels Kruisdraging Spaanse helmen? En wat doet die opvallende Habsburgse adelaar op hun vlag? Die staat toch voor het juk dat we willen afwerpen? En die halve maantjes en Turkse hangsnorren op Brueghels Bekering van Saulus? Het kan niet anders dan dat er een diepe betekenis achter zit. Waren de kunstenaars van de Nederlandse renaissance stiekem verzetshelden? Of toch pragmatici die zich voegden naar hun opdrachtgevers? We volgen hun spoor vanaf het einde van de middeleeuwen in luxe getijdenboeken, via vele werken van Pieter Brueghel II (‘de jonge’) tot de grote kunstenaars van de Vlaamse Barok in de zeventiende eeuw.

De schilders van het Panorama van Scheveningen

In 1880 kreeg Hendrik Willem Mesdag de opdracht van zijn leven: het maken van een panoramaschilderij met als onderwerp de Scheveningse kust. Vandaag de dag is dit het oudste panoramaschilderij dat op zijn oorspronkelijke locatie te bezoeken is. Jaarlijks stappen zo’n 140.000 mensen in Museum Panorama Mesdag de negentiende eeuw binnen. De schilders van het Panorama van Scheveningen kan worden opgevat als de biografie van dit kunstwerk. Voor het eerst wordt het verhaal van de totstandkoming van het Panorama – van commissie tot opening – verteld, inclusief de turbulente geschiedenis van het kunstwerk en de rol van het museum in het Nederlandse culturele landschap. Daarnaast is deze rijk geïllustreerde publicatie óók een eerbetoon aan een immens samenwerkingsverband. Aan elk van de vier kunstenaars met wie Mesdag aan deze opdracht werkte – Sientje Mesdag-van Houten, George Hendrik Breitner, Bernard Blommers en Théophile de Bock – wordt een apart hoofdstuk gewijd. Niet eerder zijn deze kunstenaars zo uitgebreid in relatie tot Mesdag bestudeerd: waar bestonden hun bijdragen uit, wat betekende het om samen te werken met een ‘waar mastodonte’, zoals Vincent van Gogh in 1883 de grote meester Mesdag typeerde, en heeft het werken aan het Panorama hun verdere carrières beïnvloed ?

Eva Jospin

Haar reliëfs van bossen, dat is waar beeldend kunstenaar Eva Jospin (Parijs, 1975) internationale bekendheid mee heeft verworven. Het bos – een incarnatie van de woeste natuur – is in de eerste plaats het decor van traditionele vertellingen over moed en strijd. Maar het is ook een sombere plek, of een inwijdingsplek. In het bos kom je jezelf tegen. Eva Jospin werkt op grote schaal met karton om volume en perspectief, en suggestieve bas-reliëfs te creëren. Het is vertrouwd materiaal zonder enige intrinsieke esthetische kwaliteit. Een nauwgezet proces van knippen, assembleren en over elkaar leggen stelt haar in staat dichte, maar delicate en rustgevende bossen uit het karton te hakken. Momenteel is Jospin ook bezig met architecturale sculpturen. De cenotaaf bijvoorbeeld is een sculptuur ter gedachtenis aan de doden op een plaats waar lichamen afwezig zijn. Ook hier komt karton als materiaal in beeld, evenals messing, calqueerpapier en gekleurd papier. Karton wordt rots, steen of vegetatie.

Brazilië zien zonder de oceaan over te steken

Gedurende een periode van zeven jaar was Johan Maurits van Nassau-Siegen (1604-1679) gouverneur van Noord-oost-Brazilië, destijds een kolonie van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. In die tijd liet hij tekeningen en schilderijen maken door schilders die hij speciaal daarvoor had meegenomen, onder wie Albert Eckhout, Frans Post en Abraham Willaerts. Bij zijn terugkomst in de Republiek in 1644 gaf Johan Maurits aan Jacob van Campen, de architect van het tijdens zijn verblijf in Brazilië gebouwde Mauritshuis, de opdracht een decoratieprogramma voor het interieur te ontwerpen aan de hand van het bijzondere beeldmateriaal dat hij uit Brazilië had meegebracht. Dat er sprake moet zijn geweest van een groots decoratieplan voor wandtapijten in het Mauritshuis onder leiding van Jacob van Campen, met Brazilië als thema, is een nieuw inzicht. Aan de hand van tot nu toe onbekende bronnen en met name het niet eerder geraadpleegde ooggetuigenverslag van de Harderwijkse regent Ernst Brinck (1582-1649), ontrafelt Michiel Roscam Abbing op minutieuze wijze het - slechts ten dele gerealiseerde - ingenieuze decoratieplan van Jacob van Campen voor zalen, plafonds en trappen van het Mauritshuis. Bezoekers aan de grote bovenzaal hoefden de oceaan niet meer over te steken om Brazilië te zien.

Fré J. Drost - grafisch beeldkunstenaar

Toen Fré J. Drost studeerde aan de kunstnijverheidsschool werd hem voorgehouden dat een kunstenaar altijd een open oog moet hebben voor de praktische kant van het leven. Veel van zijn docenten combineerden een betaalde baan waarin ze hun kennis en ervaring konden toepassen met vrij werken in hun eigen atelier. Die les heeft Drost ter harte genomen, hij ging na het afstuderen werken als ontwerper en tekenaar van reclamemateriaal. Later vond hij een baan als bewaker van de kwaliteit van reclamedrukwerk. Na werktijd en in vakanties was hij graag aan het tekenen en schilderen in zijn atelier. Een schetsboekje droeg hij altijd bij zich, mening medepassagier is tijdens de treinreis naar zijn werk door hem getekend, het liefst in karikaturale vorm. Van vakanties moest hij naar eigen zeggen uitrusten omdat het moeilijk kiezen was tussen ‘dolce far niente’ en zóveel vastleggen als maar enigszins mogelijk. De kracht van zijn kunstenaarschap lag zelfs meer in het dagelijks werk als reclameontwerper dan in zijn vrije werk in het atelier. Affiches en folders tonen hoe goed hij was als tekenaar en aquarellist. Zijn kleurgebruik is daarin zelfs beter dan in de schilderijen. Affiches uit de tijd dat hij voor drukkerij Joh. Enschedé en Zonen in Haarlem werkte, vinden via gespecialiseerde veilingsites nog steeds gretig aftrek. Met name die welke hij maakte in opdracht van de N.S.

Denken, doen, laten

Met Plan Ooievaar had H+N+S Landschapsarchitecten ruim dertig jaar geleden een vliegende start. Sindsdien speelt het bureau een toonaangevende rol in de Nederlandse landschapsarchitectuur. De ontwerpen getuigen veelal van een dieper inzicht en een verder reikend perspectief. Onze verhouding tot de natuur en hoe we omgaan met het water zijn daarbij belangrijke accenten. In de loop van zijn dertigjarige bestaan is het ‘denkbureau’ meer en meer ook een ‘maakbureau’ geworden, over de volle breedte van het vak. Wat bleef is de combinatie van fundamentele kennis en inspirerende nieuwsgierigheid. Zo gaan in het ontwerp voor de Tweede Maasvlakte functionaliteit en natuurbeleving samen op, biedt een radicale wegverplaatsing in Leuven ruimte voor het weldadige Park Belle-Vue, geven nieuwe dijkvormen een passende impuls aan de gebiedsontwikkeling langs de Maas, en is woningbouw een aanwinst in een volkstuinencomplex in Alkmaar. In dit bijzondere magazine zijn – met medewerking van Hans van der Meer en Siebe Swart – ruim dertig gerealiseerde projecten vastgelegd in tekst en beeld. Pagina’s met altaarvouw maken je als lezer deelgenoot van het landschap. Marieke Berkers interviewde de oude en de nieuwe directie over wat hen drijft en Tijs van den Boomen schreef op basis van rondetafelgesprekken met opdrachtgevers, oud-werknemers, samenwerkingspartners en observanten over drie decennia van denken, doen en laten. Ook verkrijgbaar in het Engels.

Wat wij willen is nog nooit gedaan

Het is nog nooit gedaan, maar hard nodig Wat wij willen is nog nooit gedaan verkent de route naar een volledig integraal bouwproces; waarbij alle partijen gezamenlijk met oog voor elkaars belang projecten met grote maatschappelijke impact weten te realiseren. Een echte integrale aanpak blijft in praktijk nogal eens steken in een wensscenario, omdat de wereld van plannen en bouwen weerbarstig kan zijn. Toch, als Nederland de grote ruimtelijke uitdagingen van de komende decennia het hoofd wil bieden, is integraal samenwerken cruciaal. Een miljoen huizen extra, energietransitie, mobiliteit, economische groei, klimaatadaptie: het zijn slechts een paar van de urgente opgaves die in de wachtkamer zitten. Alleen vanuit een gedeelde toekomstsvisie en met een regisserende arm vanuit Den Haag kan Nederland de komende decennia sociale voorspoed combineren met een duurzame leefomgeving. Integraal bouwen moet en het moet nu is de stelling van deze publicatie, een initiatief van De Bouwagenda. Het is een praktisch boek, met voorbeelden van grote en kleine bouwprojecten waar een integrale aanpak op onderdelen wel degelijk is gelukt. Een handboek waaruit iedere wethouder, stedenplanner, projectontwikkelaar, beleidsambtenaar, architect, bouwer, ingenieur, financier of milieugroep inspiratie uit kan putten. Dit boek laat zien dat een miljoen woningen bouwen mogelijk is, en, net zo belangrijk misschien, het geeft aan waar ze kunnen komen te staan. Wat wij willen is nog nooit gedaan, maar nu is het moment. Het is harder nodig dan ooit.

Van Steenwijk naar München (en terug

Jan Tromp Meesters (1892-1936), telg van een vooraanstaande familie in Steenwijk, was voorbestemd om in de voetsporen van zijn vader te treden, maar werd beeldhouwer in München. Hij verwierf bij leven een zekere bekendheid, maar raakte uiteindelijk in de vergetelheid. In deze rijk geïllustreerde publicatie schetst auteur Jan Bert Kanon het leven en werk van Tromp Meesters en de treurige laatste dagen van zijn Joodse vrouw Dorothea.

Read This if You Want to Be Great at Painting

Painting isn't as hard as it looks. And it's fun. Whether you're a total beginner or have been painting for years, this indispensable guide cuts through the jargon and provides clear, practical advice and tips to help develop your skills. Techniques and ideas are described and explained, inspiring you to make your own great paintings. Addressing the fundamentals of painting with watercolour, oil and acrylic, the book encourages you to explore the limitless possibilities painting has to offer. Read This if You Want to Be Great at Painting is an accessible and jargon-free guide to painting, including watercolour, oil and acrylic. The book includes more than 40 examples of great paintings by masters and contemporary artists and simple diagrams and practical activities help you practice each technique.

Woorden van papier

‘Woorden van Papier’ is het tweede boek van beeld- en woordkunstenaar Chantal van Heeswijk. Haar eerste boek ‘Ik wilde niets zeggen maar mijn mond praatte zich voorbij’ uit 2012 was een groot succes. Nu – 9 jaar later – brengt zij een nieuw boek uit. Als kind had Chantal door haar dyslexie een hekel aan tekst. “Je moet eens gaan schrijven”, kreeg zij als tip. Dat leek haar een heel slecht idee, maar toch is zij het gaan doen. Inmiddels heeft ze een grote liefde voor taal. Beeld- en woordkunstenaar Chantal van Heeswijk laat in ‘Woorden van Papier’ schrijven, beeld, vorm en materiaal samenkomen. Zonder vooropgezet plan laat zij zich leiden door haar arm, haar hand, het materiaal en de gedachten. “Zo loop ik als vanzelf het pad af, slentert mijn hand langs herkenbare woorden en vormt zich zo beeld en een verhaal.” Het boek is gevuld met recent werk in de kenmerkende stijl van Chantal. Meestal zijn het, dan weer poëtisch, dan weer humoristisch, reflecties op het leven van alledag met thema’s als liefde en dood, maar ook dagelijkse beslommeringen zoals eten, kinderen en de wekker.

Ein Traum von Einem Museum. Kunstmuseum Den Haag

Lange bevor Museumsarchitektur zu einem beliebten Touristenmagneten wurde, träumten der Architekt Hendrik Petrus Berlage und der Museumsdirektor Hendrik Enno van Gelder von einem fortschrittlichen Museumsbau. Ein Gebäude, in dem sich die Besucher wohlfühlen sollten und die Kunstwerke optimal präsentiert werden konnten. Mit der Eröffnung eines neuen Museums für moderne und angewandte Kunst in Den Haag im Jahr 1935 wurde dieser Traum verwirklicht. Obwohl Berlage im Jahr 1934 starb und die Fertigstellung nicht mehr miterlebte, hatte er zusammen mit van Gelder ein Vorbild für viele spätere Museen geschaffen. Diese reich illustrierte Publikation beleuchtet die ursprünglichen Ideen des Architekten und des Museumsdirektors und verdeutlicht, dass diese bis heute eine wichtige Rolle bei dem Besuchserlebnis im Kunstmuseum Den Haag spielen. Mehr als 150 Abbildungen und ein Schatz an historischem Material vermitteln einen umfassenden Eindruck vom Gebäude – auch von den Räumen, die den Besuchern normalerweise verschlossen bleiben. So zeigt diese Publikation ein einzigartiges Bild von dem Museum, das seit Anbeginn von Besuchern, Künstlern und Architekten aus aller Welt geschätzt wird.

A Museum of Dreams. Kunstmuseum Den Haag

Long before museum architecture became a popular tourist attraction, architect Hendrik Petrus Berlage and museum director Hendrik Enno van Gelder dreamed of an iconic museum building, a building in which visitors would feel at home and art would flourish in an ultimate setting. In 1935, their dream came true with the opening of a new museum for modern and applied art in The Hague. Although Berlage died in 1934 and thus did not live to see the museum completed, he and Van Gelder set an example for many later creations. This richly illustrated book takes the original ideas of both the architect and the director as its starting point and shows how their ideas continue to contribute to the experience of Kunstmuseum Den Haag to this day. More than 150 photographs and a wealth of historical material provide a comprehensive picture of the building, including spaces that normally remain closed to visitors. This book paints a unique picture of a museum that has been loved by visitors, artists and architects from all over the world since the day it opened its doors.

Journal for Architecture #108

For English see below De architectuurgeschiedenis kan niet alleen gelezen worden als een accumulatie van gebouwen en ontwerpen, maar ook als een slingerbeweging tussen appreciatie en afkeuring van projecten, oeuvres en posities, aangedreven door uiteenlopende argumenten. Naast de ‘traditionele’ overzichtswerken, recensies in vakbladen en kritiek in tijdschriften, spelen in toenemende mate ook andere media een rol, zoals weekendbijlagen van kranten, sociale media, nieuwsbrieven, politieke arena’s, en fora waar de architectuur gecultiveerd wordt. Oeuvres en projecten zijn onderhevig aan ‘de waan van de dag’, aan golfbewegingen in de appreciatie door publiek en critici. Dat maakt het bij momenten ondoorzichtig wat goede, minder goede of slechte architectuur is. Dit nummer van OASE onderzoekt hoe verschuivende appreciaties, om zeer uiteenlopende redenen, kunnen functioneren als productief misverstand, en als hefboom om de architectuurkritiek een stap vooruit te helpen en het denken over architectuur los te wrikken uit elke mogelijke canon of uit het keurslijf van veronderstelde zekerheden. >English< The history of architecture can not only be read as an accumulation of buildings and designs, but also as a pendulum movement between the appreciation and the rejection of projects, oeuvres and positions, driven by varying arguments. In addition to conventional general publications, reviews in professional journals and criticism in magazines, other media increasingly play a part, such as weekend supplements of newspapers, social media, newsletters, political arenas and forums that cultivate architecture. Oeuvres and projects are subject to trends, to waves of appreciation by audiences and critics. As a result, it is sometimes unclear what it is that makes architecture good, less good or bad. This issue of OASE investigates how changing appreciations, for a wide variety of reasons, can act as productive misunderstandings and as levers that can take architecture criticism a step forward and help architecture reflection to break free from any given canon or from its straitjacket of assumed certainties.

Luchtvaartkunst

EEN TENTOONSTELLING IN BOEKVORM... Zo laat zich het nieuwe boek van Thijs Postma zich het best omschrijven! Zijn oeuvre omvat meer dan 580 schilderijen en tekeningen, waarvan het grootste deel in mooi formaat in dit boek is opgenomen. Daaronder bevindt zich veel recent en niet eerder gepubliceerd werk. Met bijna 400 pagina’s geeft Luchtvaartkunst niet alleen een prachtig overzicht van Thijs’ werk, maar ook van de luchtvaart; civiel en militair, historisch en hedendaags. Schilder en luchtvaarthistoricus Thijs Postma kreeg bekendheid door zijn luchtvaartschilderijen, zijn boeken, zoals ‘Fokker, bouwer aan de wereldluchtvaart’ en ‘Vermetele vliegende Hollanders’ en zijn redacteurschap van diverse luchtvaarttijdschriften. An exhibition in the form of a book… That is the best way to describe Thijs Postma’s new book! His ouevre consists of more than 580 paintings and drawings, most of which are included in a nice format in this book. It consists of many recent and never before published works. With almost 400 pages, ‘Luchtvaartkunst’ (Aviation Art) not only provides an exquisite overview of Thijs Postma’s work, but also of aviation itself; civil and military, historical and contemporary. Painter and aviation historian Thijs Postma is renowned for his aviation paintings, his aviation books and as an editor of several aviation magazines.

De wereld van Cornelis Troost (1696-1750)

Cornelis Troost was kunstschilder in Amsterdam. Hij is beroemd geworden door zijn theaterscènes. Ogenschijnlijk zijn deze geschilderd zoals de toneelschrijver het bedoelde: lollig en zonder diepgang. Drie werken van Troost vertonen intrigerend bijwerk dat niets met het toneelstuk te maken heeft. Op twee ervan staan bovendien twee raadselachtige letters: W en B. Om de betekenis van deze geheimzinnige beelden te ontrafelen, heeft kunst- en cultuurwetenschapper Titia Lange-van der Meulen onderzoek verricht naar gebeurtenissen en levens van Troost en zijn tijdgenoten. Niet alleen in Amsterdam maar ook in andere plaatsen in onze Republiek. Van Breda tot Beverwijk, van Den Bosch tot Den Haag, van Haarlem tot Rotterdam zijn sporen gevolgd. Hoofdpersoon hierin was de eigenzinnige journalist Jacob Campo Weyerman. Zijn nalatenschap geeft een kleurrijk beeld van wat de achttiende-eeuwers bezighield: roddels, vetes, niet erkend vaderschap, bedrog, machtsmisbruik en corruptie. De kritische Weyerman was een exponent van de Verlichting. Het lijkt erop dat genoemd werk van Troost - zij het op cryptische wijze - ook verwijst naar toenmalige wantoestanden. Cryptisch, want destijds was het een gevaarlijke onderneming om tegen de machtigen in ons land in opstand te komen. De auteur reconstrueert op spannende wijze het leven en de motieven van Troost. Mede door de talrijke kleurige afbeeldingen in dit boek komt een minder bekende periode van de pruikentijd tot leven.

Joseph Beuys

Why did Joseph Beuys carry out his action EURASIENSTAB in Vienna? Should 7000 Oaks also have been planted here? And why should wet laundry constantly hang in Palais Liechtenstein? Joseph Beuys’s relationships to the Austrian capital, the actions he carried out here, the spatial installations he set up, exhibitions, lectures, and discussion groups are investigated in the current publication on the pioneering artist’s 100th birthday. With the expanded concept of art, Beuys not only significantly shaped the art after 1945; his oeuvre also has an unwavering relevance today.

DeFKa Research SC 2021/03

DeFKa Research SC is een magazine als opvolger van het fysieke presentatiemodel. Het magazine behoudt de ruimtelijke pretentie door een mengeling van beeld, tekst, performances en lezingen. Het thema van nr. 3 is Humor, Ironie e) en parodistische gebeurdimensie die zich tegen het thema aanschuurt en het particuliere in de begripsvorming: het zoeken naar het verschil tussen de subjectieve en objectieve content van humoristische, ironische (ironiserende) en parodistische gebeurdimensie die zich tegen het thema aanschuurt en het particuliere in de begripsvorming: het zoeken naar het verschil tussen de subjectieve en objectieve content van humoristische, ironische (ironiserende) en parodistische gebeurtenissen.

Revolutie in Antwerpen

Aan het einde van de achttiende eeuw vielen de Franse revolutionairen de Zuidelijke Nederlanden binnen. De eeuwenoude wereld van het ancien régime werd in sneltempo ontmanteld, om plaats te maken voor de moderne tijd. Ook Antwerpen werd bezet en onderging de invloed van de Franse Revolutie. De Antwerpse aristocraat Pierre Goetsbloets was een rabiaat tegenstander van de Revolutie. Hij behoorde tot de financiële toplaag van de stad en stond erg kritisch tegenover het Franse bewind. Voor edellieden zoals hij betekende de Franse overheersing immers een ramp. Goetsbloets besloot om de gebeurtenissen vast te leggen voor het nageslacht, in de vorm van een omvangrijke kroniek, die hij met prachtige aquarellen versierde.

België, Koninkrijk van het bier

Zoals Frankrijk terecht de 'republiek van de wijn' genoemd mag worden, zo is België even terecht 'het koninkrijk van het bier'. En daar zijn vele redenen voor die in dit boek aan bod komen. Zo is België het enige land ter wereld waar alle vier de gistingswijzen - spontane, gemengde, hoge en lage gisting - gebruikt worden. Van elk van deze gistingswijzen wordt één of meerdere voornbeelden behandeld. Dat het lage landje aan de Noordzee met nauwelijks 11 miljoen inwoners meer dan 600 producenten heeft die een paar duizend verschillende bieren brouwen waarvan een aantal wereldklassiekers zijn mag gerust geweten zijn. België voert dan ook ruim 70 % van al het in het land gebrouwen bier uit, niemand ter wereld doet beter. 1926 - Stella, 1934 - Orval, 1948 - Chimay bleu, 1960 - Gouden Carolus Classic, 1965 - Hoegaarden, 1982 - La Chouffe, 1987 - Lindemans Pêcheresse, 1989 - Delirium, 1990 - Leffe, 1990 - Saison Dupont Bio, 1992 - Dûchesse de Bourgogne, 1992 - Sint Bernardus Abt, 1993 - Grimbergen blond, 1996 - Tripel Karmeliet, 1998 - Affligem blond, 2005 - Brugse Zot, 2014 - Cornet, 2014 - Green Killer, 2014 - Vedett IPA, 2016 - Tripel Le Fort

Guillaume Bijl. Multiples & Editions

The whole series of "Multiples & Editions" realized by Guillaume Bijl corresponds to his installations of a certain period: posters, small compositions, some "Sorry's" or tableaux vivants . Often, these multiples were created as an annex of temporary installations, or with the motivation to help non-pro t organizations, or to cover the costs. De Antwerpse kunstenaar Guillaume Bijl breekt in de jaren tachtig internationaal door met zijn 'transformatie-installaties'. Galerieën en musea transformeert hij tot banale en herkenbare commerciële of entertainmentsomgevingen zoals een tapijtenzaak, een supermarkt of een TV-Quizdecor. Daarnaast presenteert hij uitsneden uit de werkelijkheid als 'situatie-installaties' en 'compositions trouvées'. Minder bekend maar wijd verspreid zijn de multipels (kunstwerken in een oplage) die Bijl realiseert. Deze banaal ogende, door de kunstenaar geselecteerde voorwerpen krijgen een volledig andere betekenis wanneer ze als editie in een kunstcontext gepresenteerd worden. Daarnaast ontwierp Bijl ook diverse posters en kunstenaarsboeken in de context van zijn projecten en tentoonstellingen. Deze publicatie is het resultaat van een onderzoeksproject aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen en brengt voor het eerst alle multipels, posters en boeken van Guillaume Bijl samen.

The Dutch School - Painting & Drawing Lessons

Dit boek bestaat uit drie delen: Deel 1: De Persoonlijke ontwikkeling; Deel 2: Tekenlessen; Deel 3: Schilderlessen. De persoonlijke ontwikkeling die je doormaakt als je begint met schilderen heeft een positief effect op heel je leven. Je gaat de wereld; mensen, dieren en dingen om je heen heel anders ervaren doordat je waarneming verandert. Met praktische oefeningen kun je niet alleen goed leren tekenen en schilderen, maar zul je intenser je leven gaan beleven. “Na het lezen van dit boek zal je niet alleen meer kennis hebben gekregen van de verschillende schildertechnieken maar wordt je tevens bewuster van het feit waarom het bezig zijn met schilderen je zo’n goed gevoel geeft. Het lezen van dit boek zal je helpen bij de verschillende fases die je doormaakt in je persoonlijke ontwikkeling tijdens het leren tekenen en schilderen, zodat je een steeds gelukkiger mens zult worden.”

Mysteries uit het oude Egypte

Het verhaal gaat over het einde van het Nieuwe Rijk en de overgang naar de 3de Tussenperiode. Over de achteruit gang van de economie en de enorme grafroverij die steeds meer voor gaat komen ook in de koningsgraven. En dan het open maken en strippen van alle waardevolle spullen van de koningsgraven in opdracht van de hogepriester van Karnak. Daarna komt het opnieuw wikkelen van de mummies en de enorme verhuizing van de mummies naar de koninklijke caches KV35 en DB320. En dan hoe in de 1881 DB320 wordt gevonden en in 1898 KV35. Het is een heel verhaal met vreselijk veel namen maar een verhaal om nooit te vergeten.

Keith Haring

Keith Haring was a revolutionary artist, who transformed the art world during his short but impactful life, this new pocket-sized biography tells his inspirational story.