CD-presentatie MANKES

Zaterdag 21 april presenteert de band MANKES haar nieuwe cd in Linnaeus Boekhandel
MANKESZelhem - cd - MANKES
De Amsterdamse alternative indie-folk band MANKES presenteert zaterdag 21 april haar nieuwe cd ‘Zelhem’ in Linnaeus Boekhandel. Een uitgelezen kans om alvast kennis te maken met de band die zaterdag 26 mei te beleven is op het festival Boeken door Oost.

Deur open 20.00 uur. Aanvang 20.30 uur. Entree gratis.
Reserveren via info@linnaeusboekhandel.nl of 020-4687192. Lees meer

De hele maand april Verbeelding aan de macht

maand van de filosofie
Opmaak 1Femke Halsema schreef het essay van de Maand van de Filosofie, getiteld Macht en verbeelding. Aan de hand van werk van filosofen als Richard Rorty pleit Halsema vurig voor een terugkeer van idealisme, verbeelding en hoop in de politiek.
Uitgeverij Lemniscaat bracht speciaal voor de Maand van de Filosofie verbeeldingde bundel De jonge denkers – Verbeelding aan de macht uit, bestaande uit een aantal essays van middelbare scholieren over het thema ‘verbeelding aan de macht’.
Beide uitgaven zijn te verkrijgen voor € 4,95.
Kijk hier voor meer informatie over de Maand van de Filosofie.

LITERATUUR IN DE BIBLIOTHEEK

Donderdag 26 april in Bibliotheek Linnaeusstraat: Linnaeus Live met Anne-Marieke Samson en Nina Polak
foto Merlijn Doomernik  nina polak foto sacha de boer
Linnaeus Live is een literaire talkshow onder leiding van Maaike Bergstra.
Locatie: OBA Linnaeus, Linnaeusstraat 44, 1092 CL Amsterdam.
Aanvang 19.00 uur. Inloop met soep vanaf 18.30 uur. Gratis entree met OBA-pas, anders € 5,-.
Reserveren via linnaeus@oba.nl of 020 6940773.
Deze avond wordt georganiseerd door de OBA in samenwerking met Schrijvers uit Oost en Linnaeus Boekhandel.
Lees meer

BOEKEN IN DE MEDIA

‘Bokman is een meerstemmige bundel vol woede. En dat de regels zo eigenzinnig geconstrueerd zijn, is niet voor niets. Wordt het einde van de slavernij herdacht met het keti koti (ketenen gebroken), zo breekt Bowen het Nederlands los uit zijn regels. Hij stelt er iets nieuws voor in de plaats: een mengelmoes van talen, zoals ook Sranan of het Papiaments ooit ontstonden.
[…] Is het poëzie? ‘Bokman’ is hoe dan ook een politieke bundel, die de lezer dwingt na te denken over zijn rol in de geschiedenis. Een onmisbaar ander geluid in de Nederlandse literatuur, die daarmee weer een beetje gekleurder wordt.’ – Janita Monna in Trouw.

‘Van Leeuwen toont haar scherpe schrijversoog voor het levendige detail en de eigenzinnige formulering, die haar herkenbaar maakt uit duizenden.
[…] Het proza van Van Leeuwen is dichterlijk: ze schonk haar verteller welluidende woorden, die soms dankzij geniepig begin- of binnenrijm zelfs zangerig klinken. Van Leeuwen smokkelt zo zelf ook roomboter haar gure verhaal binnen: details die kleur geven, kleine waarnemingen die speelsheid verraden, menselijke gebaren die warmte wasemen. Haar zinnen zijn op een onopvallende manier rijk en smeuïg, waardoor er toch nog weldadige warmte het verhaal binnenstroomt.
[…] Een nieuw hoogtepunt in haar oeuvre.’ – Thomas de Veen in NRC Handelsblad.

‘Deze thriller is niet alleen loeispannend maar ook regelmatig ontroerend. Wat een prachtig debuut.’ – Monique de Heer in Trouw.

”De ondraaglijke blankheid van het bestaan’ is een belangrijk en urgent boek, vanwege de even persoonlijke als indringende manier waarop het zich bezighoudt met de grote kwesties van de afgelopen halve eeuw, migratie, multiculturaliteit, de daarmee samenhangende identiteitsproblematiek, de roep om vrede en verdraagzaamheid. Abstract, en daarmee dor en droog, wordt het nergens, dankzij Thamms zin voor het concrete en haar bruisende energie en sprankelende humor.’ – Annemarie van Niekerk in Trouw.

‘De opsomming is een van de simpele, maar effectieve middelen waarmee Fabias haar poëzie zo veelzijdig en ambigu maakt. Ze verbindt zo veelsoortige en paradoxale zaken met elkaar, vooral wanneer die in gekleurde taal gegoten worden. Fabias maakt daarnaast goed gebruik van herhaling, waardoor haar gedichten filmisch worden. Door beelden te hernemen (glimmende velgen!) toont ze haar scherpe en gefocuste oog voor detail.
[…] Wanneer zij de ruimte neemt om een intieme en broeierige sfeer op te wekken, galmen de donkere ondertonen van haar werk des te harder. Dat maakt van Habitus een geweldig debuut.’ – Obe Alkema in NRC Handelsblad.

‘Als er niet geluisterd wordt naar de noodkreet die overal in de psychiatrische zorg opklinkt, kunnen we alleen maar tot dezelfde triest stemmende conclusie komen als Van den Bosch in Gedaanten van de waanzin: ‘Waanzinnigen staan er, als altijd, alleen voor.” – Ranne Hovius in de Volkskrant.

‘Neuvel en De Pater bezochten voor hun goed gedocumenteerde en behartenswaardige boek twee jaar lang alle afdelingen van inrichting Nieuwstad – een om privacyredenen gefingeerde naam – en interviewden bewoners en medewerkers om uit te zoeken wat de Herstelbeweging voor de praktijk betekent.
[…] De beddenreductie maakt dat patiënten moeilijker opgenomen en sneller weer naar huis gestuurd worden. En veel van de maatschappelijke voorzieningen, zoals sociale werkplaatsen, zijn wegbezuinigd. Het resultaat is voorspelbaar.’ – Ranne Hovius in de Volkskrant.

‘Wat Maarten Doorman voortdurend doet is nieuw licht werpen op hedendaagse kwesties door de historische achtergrond te schetsen. Die kwesties lopen uiteen van het Westerse beeld van de tropen tot het onderscheid tussen bloot en naakt en ons verlangen naar privacy. Vaak komt daarbij ter sprake hoezeer onze cultuur nog onder invloed staat van de Romantiek, een onderwerp waar Doorman eerder over schreef in De romantische orde (2004).
[…] Op deze manier speelt Doorman op lichtvoetige en toch diepzinnige wijze met zijn onderwerp, zonder dat hij per se iets wil betogen. Het is een genot om zulke essays te lezen waar je vaak ook nog van alles uit opsteekt over filosofie, literatuur en kunst.’ – Martijn Meijer in NRC Handelsblad.

‘Zoals vaak in de boeken van Modiano heeft ook deze verteller ooit een kostschool bezocht. Er is ook nu weer sprake van cafés waar geheimzinnige vrouwen boeken zitten te lezen of mysterieuze mannen ontmoeten. De achtergrond wordt bevolkt door rijke of juist arme bohémiens met exotische namen en louche inkomsten.
Is die voorspelbaarheid erg? Integendeel! Er valt volop te genieten van alle vertrouwde ingrediënten. Tegelijk blijft Modiano, op de rustige manier die zo kenmerkend is voor zijn oeuvre, zich ontwikkelen naar een steeds groter minimalisme.’ – Ger Leppers in Trouw.

‘Vrouw of vos is verwarrend, onthutsend en voor meerdere interpretaties vatbaar: huwelijks ontrouw, ontwakende vrouwelijke seksualiteit, de verschillende gestalten van de liefde. Je bent als lezer na 144 pagina’s nog lang niet klaar met dit boek.’ – Hans Bouman in de Volkskrant.

‘Een van de tussenstops tijdens deze tocht was bij elektrotechnicus Adri Hazevoet. Deze oud-Philipswerknemer ontfermde zich vanaf 1970 een paar jaar lang over licht en geluid in Paradiso. Carvalho: “Grote theaterlampen en spots bestonden eigenlijk nog niet op grote schaal. Maar ik ben er nu achter gekomen dankzij de foto’s van deze Hazevoet zelf dat hij een enorme lichtshow maakte: niet met vloeistofdia’s maar met een batterij aan filmprojectoren die over de bands heen projecteerden. Paradiso was in die tijd helemaal wit van binnen – zelfs de voorkant van het podium, dus dat zag er prachtig uit.” – Hester Carvalho in gesprek met Robert Lagendijk in de VPRO-gids.

‘Het zal de lezer niet ontgaan dat Mevrouw Osmond erg goed geschreven is. Banville is een van de grote stilisten van deze tijd en de neiging om hier mooie beelden en observaties te citeren is groot.
[…] Het is, kortom, weer een genot om Banville te lezen.’ – Rob van Essen in NRC Handelsblad.

“De dood laat meer sporen na dan je zou denken en veel meer dan wat je als rouw zou identificeren. Ik kwam al snel op het idee van een hoofdpersoon die op bladzijde nul al dood is. En om Mattias te beschrijven vanuit mensen die zich misschien niet eens bewust zijn dat zijn dood hun leven en wending heeft gegeven.” – Peter Zantingh in gesprek met Marjolijn de Cocq in Het Parool.

Tussen drie plagen is een zeer panoramisch historisch epos, gedetailleerd in de achtergrondinformatie. Toch is het een daverend boek, meeslepend zonder ooit emotioneel te worden.’ – Sofie Messeman in Trouw.

“Kijk, Tiger was al een harde in de ring, op de golfbaan. En nu zagen we dat hij ook buiten de ring zijn mannetje kon staan. Daar waar het er echt toe doet. Daarom is hij nu voor mij meer dan een groot golfer. Er zijn zoveel mensen zoals ik, die niet veel geven om golf, maar die hem weer willen zien winnen, omdat hij van zover is gekomen.” – Jeff Benedict in gesprek met Michael Persson in de Volkskrant.

“Ik wilde zo’n openingscène vermijden waarin een vrouw geketend wakker wordt in een vochtige kelder. Of die neiging om van elk steegje een donker steegje te maken. Voor mij is het belangrijk dat je ruimte voor de lezer openlaat. Dat je met beelden en suggestie werkt, en de kracht bijvoorbeeld óók kan zitten in het perspectief van waaruit een verhaal wordt verteld.
[…] Thrillerlezers zijn niet bang om te zeggen: ik lees dit voor mijn ontspanning. Ze komen thuis en pakken zo’n spannend boek om even niet aan hun werk te denken. Een heel legitieme reden om te lezen.” – Jan van Mersbergen (Frederik Baas) in gesprek met Dirk-Jan Arensman in de VPRO-gids.

“Wordt het onderwijs niet ook geregeerd door tussenorganisaties?”
“Ja, dat noem ik ‘de stalen ring’. Het polderland heeft van alles in overleg bij elkaar gebracht met daarbij een hele ring van particuliere adviesbureaus en interim-managers. Het is een ondoordringbare jungle geworden. Op het ministerie is kennis en ervaring, maar belangrijke klussen worden uitbesteed. Daarmee raakt men in die stalen ring verstrikt. Als al die mensen uit het overleg en de adviesbureautjes voor de klas gingen staan was het lerarentekort opgelost.”
“Kan het ministerie dan niet beter zelf het beleid voorbereiden?”
“Ja, want dan krijg je een opener politiek debat. Dat mis ik. Wie ben je om tegen het advies van een commissie in te gaan als dat goed valt? Veel rapporten worden met de beste bedoelingen als voldongen feiten voorgesteld. Het politieke debat in de Tweede Kamer heeft enorm veel details maar weinig visie.” – Piet de Rooy in gesprek met Maarten Huygen in NRC Handelsblad.

‘Zo’n laatste boek kan snel een pathetische grandeur krijgen, maar Dorrestein stelt zich nuchter op. Geen grote overpeinzingen over de dood, wel hier en daar wat galgenhumor. Morgen neemt ze gewoon weer plaats achter haar schrijftafel. En zoals het een goede schrijver betaamt, is ze haar onderwerp de baas. Ze eindigt met een wrang gevoel voor ironie met een stuk getiteld Ouderdom voorkomen.’ – Dieuwertje Mertens in Het Parool.

“We zijn allang niet meer het land van echte literaire lezers. Waarom lezen we niet, waarom stellen we geen vragen, waarom zijn we geen kritisch denkend land meer? Ons denkvermogen keldert met 100 procent achteruit, we zijn een land van onder de middelmaat geworden. Een land van de linkerhersenhelft. We moeten leren die rechterhelft, die inzicht geeft en verbindt, te gebruiken.” – Lidewijde Paris in gesprek met Marjolijn de Cocq in Het Parool.

‘Menasse is een auteur met een missie. Bij een mindere god zou de boodschap een korset worden, en de beoogde ideeënroman versmallen tot een idee dat ons de hele tijd, als een waarschuwende vinger, moet inprenten dat Europa doodziek is en we niet willen luisteren naar een herstelplan, omdat we überhaupt niets zien, dus ook geen problemen. Maar deze schrijver verdeelt zijn serieuze onvrede over diverse personages, en laat de satiricus losgaan, een tour de force bij een onderwerp met een fiks imagoprobleem als het onderhavige: Europa.’ – Arjan Peters in de Volkskrant.

“Ik nam de onmogelijke beslissing om mijn ouders niet meer te zien. Daar moest ik vrede mee zien te krijgen. Het boek heeft mij daarbij geholpen. Het had een therapeutische werking.
[…] Ik had Leerschool ook aan het eind van mijn leven kunnen schrijven, maar dan was het een heel ander boek geworden. Dan leven mijn ouders niet meer en was het een afrekening geworden. Ik wilde juist in de chaos van het nu schrijven. Niet alleen vanwege de therapeutische werking, maar ook omdat mensen die in dezelfde chaos zitten, zich beter kunnen identificeren. Zelf heb ik dat soort boeken ontzettend gemist.’ – Tara Westover in gesprek met Danielle Pinedo in NRC Handelsblad.

‘Laura van der Haar weet als geen ander hoe ze het krachtige en kwetsbare equilibrium van een vriendschap tussen twee meisjes moet beschrijven. Dus: vergeet het lijk. Dit is een portret van een vriendschap die zo innig is, dat een verwijdering noodlottig is.’ – Dieuwertje Mertens in Het Parool.

“Discussies over democratie gaan vrijwel altijd over de vraag wat de juiste vorm is en of er stelselwijzigingen nodig zijn. Bijna nooit over de achterliggende ideeën. Democratie is niet alleen een methode om macht aan een aantal mensen te delegeren die dan met zijn allen bindende besluiten moeten nemen. Er is ook een morele kant: rekening houden met anderen en beseffen dat je zelden volledig je zin kunt krijgen. Democratie is als spiegel van onze verscheidenheid ook een vorm van beschaving. Het is een geesteshouding, zoals sociaal-democraat Jacques de Kadt het noemde. Niemand heeft de waarheid in pacht en het is gevaarlijk als iemand pretendeert dat wel te hebben.” – Marcel ten Hooven in gesprek met Paul van der Steen in Trouw.

‘De souplesse waarmee Van Keulen het allemaal opschrijft, maakt het dagboek nog lezenswaardiger. Haar wijze van uitdrukken is direct en natuurlijk, juist omdat ze oorspronkelijk niet voor een publiek schreef.
Tegelijkertijd merk je dat er een talentvolle schrijver aan het woord is, die met sprekende details mensen en situaties tot leven weet te wekken.
[…] Maar het beste is dat Van Keulen bladzijden lang kan vertellen over haar verdriet, onzekerheden en frustraties zonder dat het vervelend, klagerig of pathetisch wordt. Zo’n kreng is zeldzaam.’ – Bo van Houwelingen in de Volkskrant.

‘Mythos is duidelijk geen boekje van een beroemdheid die louter probeert wat geld binnen te harken, voor wie zich dat nog afvroeg: het is een werk van liefde. Fry houdt van deze verhalen en vertelt ze met plezier, en op een manier die raakt. Als de vriendschap tussen Zeus en Prometheus op de klippen loopt, voelt dat echt droevig.’ – Ellen de Bruin in NRC Handelsblad.

“Wat ik geprobeerd heb, is bij mijn weten nog niet eerder gebeurd. Ik kijk niet alleen naar het Westen, wat meestal de norm is, maar ook naar de rest van de wereld. Dit boek is bovendien gebaseerd op heel veel primaire culturele bronnen. Het is een analyse van meer dan achthonderd films die ik heb bekeken, van honderden uren televisie, van tienduizenden liedjes die ik heb opgespoord, van talloze romans, toneelstukken, gedichten en tentoonstellingen.” – Geert Buelens in gesprek met Co Welgraven in Trouw.

‘Als het communisme het geloof der kameraden was, dan is de vrijemarkteconomie het geloof van de neoliberale vrinden. Zoals marxisten zeker wisten dat het kapitalisme onvermijdelijk ten onder zou gaan en zou uitmonden in een communistisch paradijs, zo verwachten neoliberalen alle heil en zegen van de vrije markt. De vrije markt brengt niet alleen welvaart voor iedereen, maar marktwerking is ook onlosmakelijk verbonden met vrijheid en democratie, zo verkondigde de Amerikaanse econoom Milton Friedman.
[…] Er gebeurde een wonder, vertelt Heijne in zijn met vaart geschreven verslag van de gevolgen van de invoering van marktwerking in Nederland in wat vroeger – meestal om goede redenen overigens – overheidsdiensten waren: in 1989 viel de Berlijnse Muur. In de jaren daarna hield de Sovjet-Unie op te bestaan en vielen de communistische regimes in Oost-Europa. Het kapitalisme had gezegevierd en de geschiedenis had zijn einde bereikt, beweerde de Amerikaanse politicoloog Francis Fukuyama daarom in Het einde van de geschiedenis en de laatste mens (1992). Er bleef nu nog maar één geloof over: de vrijemarkteconomie.’ – Bernard Hulsman in NRC Handelsblad.

‘Zo is De onzichtbare hand een weerlegging van de mythe van de markteconomie op alle punten. De markteconomie is niet een universeel modern verschijnsel dat de millennia-lange ontwikkeling van slavernij tot zzp’erschap bekroont, maar kent verschillende, oude en nieuwe vormen die altijd een cyclus laten zien van opkomst, bloei en neergang. En anders dan neoliberale economen nog altijd geloven, zorgt de vrije markt niet voor steeds toenemende welvaart, maar uiteindelijk voor grote ongelijkheid, met een kleine elite van superrijken tegenover een massa die te stellen krijgt met steeds lagere reële inkomens.’ – Bernard Hulsman in NRC Handelsblad.

‘Milikowski biedt geen oplossingen en dat maakt Van wie is de stad een somber boek. De stad gaat naar de gallemiezen, dat is de boodschap. In een essay in De Groene Amsterdammer, geschreven toen het boek al bij de drukker lag, pleit ze voor ‘een pas op de plaats’. Maar dat is een krachteloos pleidooi. Toerisme is geen natuurverschijnsel, zegt een van haar gesprekspartners in haar boek. Dat klopt. Maar de wereldwijde toeristenstroom zal blijven groeien, daar kan Amsterdam niets tegen doen. Een pas op de plaats bestaat dus niet.’ – Hanne Obbink in Trouw.

‘Bij schrijvers luidt het cliché dat ze voortleven in hun werk. Dat is onzin. Dood is dood. Dat is juist het trieste. Maar die boeken zijn er nog wel. En Van Gemeren heeft ze allemaal gelezen.
Ik greep ook weer naar het werk van Zwagerman. Dat is een verdienste van Leven in een doodgeboren droom: er wordt serieus aandacht in geschonken aan de romans, korte verhalen, gedichten en essays van een ondanks de populariteit die hij had tijdens zijn leven, raar genoeg enigszins onderschatte schrijver.’ – Arie Storm in Het Parool.

“Waarom is uw boek zo’n groot succes in Spanje, denkt u?”
“Lezers vertellen me vaak dat ze iets gelijksoortigs hebben meegemaakt als een personage uit mijn roman, of dat ze iemand kennen voor wie dat geldt. Ik merk dat ze zich koste wat het kost willen herkennen in dat wat ze lezen. Dat lijkt met deze roman te zijn gelukt.
Het verhaal stelt mensen ook in staat een werkelijkheid te ontdekken die ze niet kenden, al was ze erg dichtbij. Veel Spaanse lezers moesten het doen met kennis uit de kranten, berichten van de ene na de andere aanslag, maar ze wisten niet hoe die beleefd werden in een dorp, op straat, in de ciderbar. Hoe personen leefden die het slachtoffer werden van het terrorisme, in hun huizen. Wat ze zeiden, wat ze aten, waarover ze spraken. Het lijkt erop dat mijn boek deze menselijke nabijheid op een bevredigende manier heeft geboden. Dat is, denk ik, de basis van het succes.” – Fernando Aramburu in gesprek met Maartje Bakker in de Volkskrant.

‘Zonde. Schuld en boete. En troost – er zijn zeker vier personages die je als ‘de trooster’ zou kunnen aanmerken. Dat soort Grote Begrippen zijn min of meer nieuw in Gerritsens oeuvre, dat ze met De trooster naar een nieuw niveau tilt, het is haar diepzinnigste roman. De geestige scherpte van haar dialogen uit Roxy of Dorst ontbreekt niet, maar is nu niet een van de voornaamste kwaliteiten. Wél is dat de helderheid waarmee ze nog altijd schrijft, en de aardsheid die dat de personages geeft. Vragen over zonde en troost – die ze naar een menselijk niveau trekt. Zo knettert het óók.’ – Thomas de Veen in NRC Handelsblad.

‘Rotgrond bestaat niet, zo weet de hovenier. Op elke grond groeit altijd iets. Het is zaak de ware aard van iets of iemand te (er)kennen, en dan de grond te vinden waarop hij kan gedijen. Zowel in het leven als in de literatuur, voeg ik daar graag aan toe, of dat nou fictie is of niet. Mij is het overigens om het even. Maar ik vind het wel fijn te weten dat in Gerbrand Bakkers laptop een never ending novel huist.’ – Yolanda Entius in Trouw.